Retro

Ik had bij een vorige werkgever, na 11 jaar overdreven zwoegen, een horloge gekregen. Een dure, veel duurder dan ik zelf ooit zou uitgeven aan een horloge. Ik heb niet eens ooit zo’n bedrag aan een fiets uitgegeven. De andere gezinsleden wel. Ik eet hier ook altijd het oude brood en de oude chips op, zodat de rest altijd verse producten heeft, het zou zielig voor ze zijn als ze een oud kapje moesten eten of op een gewone fiets naar het dorp moesten. Nou ja, dat is een heel ander verhaal.

Dat horloge vond ik altijd supermooi, maar het had maar één wijzer waardoor de tijd net wat lastiger af te lezen was, zeker na mijn 45e, maar het liep ook altijd een beetje achter. Wat ik vreemd vond, want ik zou denken dat als het achterloopt, het dan steeds verder achter zou gaan lopen, maar nee, een minuut of vijf en daar bleef het dan bij. Voor een dergelijk Zwitsers precisiewerk slaat dat natuurlijk nergens op. Daarbij had het geen batterij of opwindmechanisme, maar het bleef lopen zolang je het droeg. Maar als je het 36 uur niet omhad, stond het weer stil. Irritant ding.

Mijn eerste horloge kreeg ik van mijn opa en oma voor mijn heilige communie, ik noemde dat nooit heilig trouwens, maar nu ineens wel, en ik begreep ook niet wat het was, behalve dat ik stomme sandalen aan moest en brood moest bakken. Nou ja, ik moest bij het bakproces aanwezig zijn. Dat horloge was van het merk Velona en ik was er erg blij mee. Het had een kleine secondewijzer en ik denk dat ik het nog steeds ergens heb.

Verder heb ik nog wel een aantal horloges gehad, maar daar heb ik weinig speciale herinneringen aan, op één na, die ging op zonnenergie en die ligt op de bodem van het Emstergat. Want ook die was mooi, dus die verloor ik. Net als mijn Casio financial consultant fc-100, de beste rekenmachine ooit, ook verloren.

In elk geval, op de basisschool, 4e klas, toen ik nog mijn opwindhorloge had, kregen de eerste jongens een kwartshorloge. Dat was cool, want, zo vertelden ze, er zat een computer in. Mijn vader, die deze week alweer 40 jaar dood is, kreeg er ook één. Een Casio. Ik zag op internet een retro horloge dat erg leek op die van mijn vader. En omdat ik de advertentie steeds aanklikte, bleef hij terugkomen. En gisteren, nadat ik een tegenvoorstel naar sales had gedaan en daarmee 8 euro extra omzet naar ons team toe trok, besloot ik dat ik het moest kopen. En zo geschiedde. En vandaag werd het bezorgd. Ik ben zo blij als een kind. 32 euro!

Lef

Hans verkocht een game-laptop, 3 maanden oud, via marktplaats, afgesproken prijs was 1000 euro. Er waren twee geïnteresseerden, maar de eerste was iemand uit Den Haag. Ik had me nergens mee bemoeid, maar Hans vroeg mij of we diegene even bij de bushalte op konden halen. In de auto zei Hans dat hij niet het idee had dat de ander heel goed Nederlands sprak, en dat klopte. En ook geen Engels, alleen Turks zei hij. Hij vertaalde met z’n telefoon. Hij kwam uit Syrië en was hier zeven maanden.

Het riep bij mij wat vragen op, maar vooral hoeveel lef deze jongeman moest hebben om zonder kennis van de taal bij vreemden in de auto te stappen en mee naar hun huis te rijden. Ik vertelde dat we een hond hadden en of dat een probleem was. Toen hij het vertaald had zei hij geen probleem. Maar toen hij de hond zag deinsde hij achteruit en durfde niet naar binnen. Ik deed de hond in de tuin waarop hij binnenkwam. Ik verwachtte een korte inspectie maar Hans had de boel gereset waardoor er opnieuw geïnstalleerd moest worden en dat nam zomaar drie kwartier in beslag. Hij merkte kleine beschadigingen op en vroeg om de factuur en de doos. De doos had Hans niet meer en hij wist ook niet hoe de krasjes erop kwamen. Dat is wel typisch Hans, lekker slordig met je spullen omgaan en de doos weggooien.

Ik dacht dat de prijs al overeengekomen was maar ik dacht ook dat de laptop in nieuwstaat was. Ik zei Hans om er 100 euro vanaf te doen maar op de telefoon van de man stond: staat u mij toe hem voor 850 te kopen. Heel netjes, maar nee. Hans maakte het hem ook nog duidelijk, 900 of niet. Linda zat zich sowieso al te ergeren aan de andere kant van de kamer en ik vroeg haar het aan mij over te laten. De situatie werd een klein beetje ongemakkelijk en de man zei dat hij nog een half uur nodig had om de installatie te voltooien. Hij en Linda stonden op het punt hem eruit te werken maar ik zei, hij komt helemaal uit Den Haag, geef hem even.

Toen hij klaar was wilde hij betalen met 850 euro. Toen was Linda er klaar mee en zei dat hij op moest houden waarop de man 900 betaalde. Ik bracht hem terug naar de bushalte, en als hij niet zo had zitten zeuren had ik hem naar de trein gebracht. Maar ik bleef het bewonderenswaardig vinden, ik zou zoiets toch nooit uithalen, en al helemaal niet in een ander land, uit angst dat ze me zouden vermoorden en ergens in een container achterlieten.

Autoliefde

In november 2022 kocht ik na lang zoeken mijn huidige auto, een witte Peugeot 508 sedan uit 2011, met automaat en leren bekleding. Ik had er een in zuid Frankrijk zien rijden en besloot toen dat ik er ook eentje moest. Omdat de auto bekend stond om zijn onbetrouwbaarheid liet ik de motor reviseren om de nodige ellende te voorkomen.

Echter is het motorblok niet het enige onderdeel dat kapot kan dus ik heb nogal de nodige storingen gehad. Het eerste halfjaar werd dat allemaal onder garantie verholpen door de zeer slordige verkoper, maar daarna gingen de storingen door. En steeds hoopte ik dat het wel een keer klaar zou zijn. Ook de gereviseerde motor begon ineens weer olie te verbruiken, maar ook dat is weer opgelost. Ik vind een storing niet zo erg, je krijgt er een band met je auto door, maar ik hou niet van brandende waarschuwingslampjes dus ik laat ze wel oplossen. En het moeten niet steeds dezelfde euvels zijn die kapot gaan.

Inmiddels is mijn auto uit 2011 volledig nieuw opgebouwd uit onderdelen van na 2022, dus hij rijdt als een trein. Afgelopen drie weken was ik slechts drie keer bij de garage dus dat viel mee. Maar de laatste keer zag ik dat hij een zwarte Volvo V60 T5 had staan en ik informeerde naar de auto. Ik kreeg uitleg, een inruilvoorstel en ik maakte een proefrit. Het was een 250 pk monster uit 2018 dat zo mogelijk nog beter reed dan de mijne. Hij was ietsje kleiner achterin maar nog acceptabel, en hij was veel moderner.

Maar daar zat onder andere het probleem. Apple Car Play, dus het was de bedoeling dat ik met Spotify moest gaan werken in plaats van met cassettebandjes een USB-stick. En je kon het dashboard een stijl meegeven via de instellingen, dus de meters konden rood, zwart, of chroom omrand, kinderachtig! Trouwens, er was geen olietemperatuurmeter en zelfs geen koelvloeistoftemperatuurmeter! Kennelijk niet nodig. Nee, dit stond te ver van mij vandaan, tenminste nu nog. Daarbij was de auto zwart, een station die je op elke straathoek ziet staan. Volgens de garagehouder, en ook volgens Linda was het een chique auto, met ledverlichting en designuitlaten. Maar dat interesseert mij niet, chique. Uiteindelijk zie ik een zwarte dertien in een dozijn station en vind ik de mijne mooier, zeker op de Franse wegen.

En alsof mijn auto het aanvoelde loste de laatste motorstoring waar een nieuw onderdeel voor besteld moet worden zichzelf op. Het onderdeel werkt kennelijk weer. Ik maakte nog eens een rondje in mijn eigen auto en besloot de Volvo af te zeggen.

Incidentele herinneringen

In 2017 schreef ik een logje genaamd ‘weerstand’ waarin ik het had over een oude man die toen ik zestien was (1986) vaak door onze straat liep om zijn hond uit te laten. Ik schreef dat omdat ik van nature moeite heb met het verstrijken van de tijd, en dat alles in mum van tijd voorbij gaat en binnen de kortste keren lang vervlogen geschiedenis is.

In 2017 was het 31 jaar later en ik zag de man plotseling weer. Ik geloofde het eerst zelf niet want hij leek amper ouder geworden. Hij had als het ware weerstand geboden aan het verstrijken van de tijd. Een lezer geloofde het ook niet en vroeg of het niet zijn zoon kon zijn. Dat had gekund, maar ik was er vrijwel van overtuigd dat hij het was.

Nu is het weer acht jaar later en deze week stond zijn overlijdensbericht in de krant. 98 was hij, ik had het in 2017 dus goed gezien, toen was hij 90. En in 1986, toen hij in mijn beleving een oude man was, was hij 59. Ik ben 55, dus bijna een oude man.

Zal er in 2067 ook iemand zijn die zich mij van vroeger herinnert? Als die man die altijd met z’n loslopende herdershond door de buurt liep? En dat iemand me dan in 2060 weer ziet en denkt, verrek? Ja, dat gaat vast gebeuren. Want ieders hoofd zit vol met incidentele herinneringen aan mensen van wie je niet weet wie ze waren. Maar omdat ze iets deden wat je opviel heb je ze onthouden.

Vergeetput

Trump heeft het voor elkaar, hij heeft heel bestuurlijk Amerika aan de touwtjes. Of het nu zijn minister van defensie is of zijn vice president, ze dienen exact dezelfde taal te spreken of ze vliegen eruit. In Rusland vallen ze dan per ongeluk uit een raam, maar heel ver is Amerika daar niet meer van verwijderd. Een compleet belachelijke man die Trump, wat volgens mij iets zegt over de Amerikanen. Ik denk dat we ze maar moeten laten gaan, ze lijken reddeloos verloren.

De vice-president, nog niet droog achter zijn oren, staat Europa te verwijten dat we proberen hier de beschaving, de wet en de vrijheid te verdedigen en is het volgens hem wachten tot de volgende moslimextremist een aanslag pleegt. Misschien dat hij nog niet geboren was in 2001, dat zou kunnen, maar dat zegt de man in wiens land aanslagen op scholen schering en inslag zijn. Het is wachten op de volgende. De minister van defensie deelt doodleuk mee dat Rusland de veroverde gebieden mag houden en zet Poetin weer in het zadel. Echt levensgevaarlijke gekken zijn het.

Macron roept de Europese leiders bij elkaar. Ik mag toch hopen dat ze Amerika uit de Navo flikkeren. Een onbetrouwbaarder bondgenoot is er niet. En als ze daar toch uit gaan, laten we ze dan verder negeren. We halen het standbeeld van Columbus neer en vergeten de Verenigde Staten. We maken er een grote oubliëtte van. Dan gaan we over tien jaar wel weer eens kijken wat er nog van over is.

Denkbeeldige lasso

Ik weet het niet hoor, waar dit verhaaltje heengaat. Het wordt schunnig, maar het houdt me bezig. En waarom, dat weet ik niet. Kennissen van ons doen mee aan een garbage run en zitten in Scandinavië. Ze sturen ons steeds filmpjes van hun avonturen die vooral Linda interesseren. Zij zijn een stel, maar twee jongemannen zijn ook mee. Ik ken de jongemannen een beetje, beiden zijn automonteur.

De kennis stuurde mij een filmpje van het huis waar ze overnachtten en hij liep al filmend over de gang. Hij loopt de kamer van de twee monteurs binnen die even gek gaan doen zoals alleen jonge mannen dat kunnen. Dus de een gaat over het bed hangen, en de ander neemt hem van achteren. Zogenaamd dan, de kleren zijn gewoon aan. De gebukte begint te kreunen zoals alleen mafkezen dat kunnen, maar dan zie ik iets in dit grappige tafereeltje dat ik niet meer uit mijn hoofd krijg. Degene die de ander zogenaamd berijdt zwaait ineens heel even een denkbeeldige lasso boven zijn hoofd. En ik denk, verrek, zo deed onze generatie jongens dat vroeger zelf ook, met die denkbeeldige lasso. Wat is dat? Is het om te symboliseren dat je aan het rodeorijden bent of is het een soort uiting van macht? Dat je de controle over de ander hebt en dat op die manier laat zien? Het leek wel een automatische reactie, dat lasso zwaaien. Iedereen die dit grapje ooit maakte zwaaide met de denkbeeldige lasso.

Nu ik er over nadenk klopt het ook helemaal niet met die lasso. Als deze grap gemaakt wordt dan symboliseer je dat je op een wilde stier zit en hou je een arm in de lucht, voor het evenwicht en ten teken dat je de situatie meester bent. Je symboliseert niet dat je op je eigen paard zit en een kalfje vangt. Gaat deze grap nu al decennialang fout?

Goed. Laat maar. Ik ben raar soms.

Een berg redelijkheid.

Iemand vertelde met enige trots dat hij mee had gedaan aan dry January. Ik geloof dat hij bedoelde dat wij, die aan de bar zaten, dat ook hadden moeten doen. Ik pareerde dat door te zeggen dat hij die maand nooit meer terug zou krijgen. Ik had de lachers op mijn hand. Nu moet hij dat geheel zelf weten, maar hou het dan ook bij jezelf. Of laat die ondertoon achterwege. Zuip of zuip niet, maar niet een maand niet en dan weer wel. Ik drink dus wel, maar ik kan het geen zuipen noemen. Maar alcoholist, dat ben ik beslist. Ik vecht niet meer tegen de bierkaai. Het is niet goed voor een mens, wijn of bier, maar wanneer hebben ze dat eigenlijk veranderd? Vroeger was een borreltje per dag hartstikke goed voor je, zelfs baby’s kregen een scheutje door de melk als ze niet konden slapen. En hoorde je ooit gezeik? Welnee, dronken mensen waren leuk. Ze sliepen hun roes uit en gingen weer verder.

Ik heb ook gevaarlijk overgewicht. Ik zit net boven een gezond gewicht, dus moet ik concluderen dat ik een ongezond gewicht heb. En ik eet misschien teveel zout. Nou, ik eet eigenlijk nooit zout, het is dat die fabrikanten het overal in stoppen, maar zelf zout eten? Met de hand op mijn hart!

Trouwens, waarom zou je zo gezond mogelijk willen leven? Wat is daar aan? Je loopt het risico dat je veel ouder wordt dan goed voor je is. Moet je nog langer op deze verknipte wereld rondlopen. Ik word er tenminste niet vrolijk van, van al dat gezwets om me heen.

Ron Brandsteder, die heeft tenminste gelachen in zijn leven. Ik zeg net nog, als ik dat nog wil inhalen mag ik wel 300 worden. Minister Faber daarentegen, die lacht nooit. Maar ze lijkt wel een gezond gewicht te hebben. Nou ja, dat komt waarschijnlijk doordat ze elke dag 15000 stappen maakt in haar functie als kampbewaakster.

Nee, ik word er allemaal niet vrolijk van, van al die triestheid op de wereld. Nou is dat ook niet de bedoeling van triestheid natuurlijk, maar waarom doen ze daar niet eens iets aan? Er moet volgens mij ergens een hele berg redelijkheid liggen die men vergeten is toe te wijzen aan de mensheid. Minimaal zes kilometer hoog moet die berg zijn, dus hij kan zich niet verstoppen. Of de redelijkheid ligt verspreid over het aardoppervlak en moeten we goed zoeken. Eén ding is zeker, ze zit niet in de harten van de mensen.

Toch kwam er uit onverwachte hoek een lichtpuntje deze week. Haar naam is Ingrid Coenradi en ze is staatssecretaris namens de PVV. Zij lijkt wel een flinke hap uit de berg der redelijkheid te hebben genomen. Dat gaat natuurlijk nooit samen, populisme en redelijkheid. Dat is zoiets als een leugenachtige waarheid. Extreem is ook niet meer wat het geweest is op deze manier.

Nikita

Ik ben ergens ingetrapt maar ik weet nog niet waarin. Dat komt vast nog. En niet dat ik niks vermoedde, integendeel, al mijn alarmbellen gingen af, maar tot nu toe speel ik mee. Een Russische mailde mij dat haar zoontje graag ansichtkaarten uit het westen zou ontvangen. Hij had alleen kaarten uit voormalige Sovjet-landen maar uit het westen was lastig. Hoe deze Russische aan mijn e-mail kwam is mij niet duidelijk en heb ik ook niet gevraagd. Ik schreef alleen terug: “geef me zijn naam en adres.” Dat beantwoordde deze Russische, haar zoon had een typische Russische jongensnaam maar door Elton John denken wij dat het een meisjesnaam is. Ze gaf een adres op in volgens haar een kleine stad, maar qua inwoners toch groter dan Utrecht, en ze bedankte me.

Ik zocht het adres op en na enig denk-en vertaalwerk vond ik het op Google maps. Ik vond op Facebook ook een mevrouw met die naam in de betreffende plaats. Duidelijk nep, want ze was veel te mooi en had maar enkele mannelijke vrienden uit het westen. Maar misschien was haar naam wel het Russische equivalent van ‘Karin de Vries’ en zijn er meerdere van. Hoe dan ook, ik dacht: “wat kan mij in godsnaam gebeuren met een vrouw zoals jij aan mijn zij?” Met Hans de Booij ging het ook niet heel lekker nadat hij zichzelf deze vraag stelde. Kennelijk gebeurde er toch iets onverwachts.

Goed, een kleine kans dat het echt was, en ik zag niet waar dit fout kon gaan dus reed ik tussen de middag naar het postkantoor, haalde drie ansichtkaarten en postzegels voor het buitenland, betaalde een tientje en schreef de kaarten. Dear Nikita. Het enige dat ik kan bedenken is dat ik straks een bedankje per e-mail krijg en dat ze zo mijn vertrouwen probeert te winnen en ik straks 1000 euro overmaak. Ik zal toch niet voor dat tientje opgelicht zijn?

Nou ja, ik ben in elk geval op mijn hoede, maar misschien had ik dit al niet moeten doen en heeft de KGB nu mijn handschrift en vingerafdrukken. Want daar zullen ze vast achteraan zitten. Wordt vermoedelijk vervolgd.

Kostbaar

Op zondagavond breng ik Hans naar de carpoolplaats waar hij wordt opgepikt door een medesoldaat. Tijdens het ritje speelde er een liedje dat sterke associaties opriep aan een vakantie in de Ardèche toen de kinderen nog klein waren. Juist die middag had ik wat foto’s zitten uitzoeken op de pc, en in ruime mate kwamen ze voorbij, de foto’s van Hans en Tammar, toen ze nog klein en schattig waren.

In de auto kreeg een gevoel alsof er iets niet klopte, alsof er iets miste, maar dat was niet zo. Het enige dat miste, was dat het verleden voorbij was en dat klopte. De muziek was zo weemoedig dat het zelfs leek alsof ik alleen was, weg bij mijn gezin. Alsof Linda ook iemand uit het verleden was naar wie ik nu hevig terugverlangde. Ik vroeg me af of een leven zonder haar, want zo weemoedig voelde het, nog wel geluk kon brengen. Niet het kortstondig geluk dat je bij een vrouw kunt voelen, maar dat gezamenlijke verleden dat je hebt. Is dat misschien waarom je zo goed je best moet doen in een huwelijk, omdat dat gevoel dat je elkaar zo goed kent en dat je voor elkaar zult zorgen, boven alles gaat? Ja, dacht ik, en ik dacht hoe de afgelopen 25 jaar met haar zijn voorbijgevlogen. De kinderen zijn al groot, maar ze zijn nog thuis, al slapen ze vannacht allebei ergens anders.

De jaren mogen dan voorbijgevlogen zijn, ik heb ze wel beleefd. Ik was erbij. Ik herinner me veel van de foto’s en filmpjes die ik vanmiddag zag. Ik ben niet veel weggeweest in die tijd. Ik zette Hans af bij zijn collega en reed terug naar huis. Daar waar mijn leven is.

Teveel vertrouwen

Ik schreef pasgeleden over de nieuwe pup, dat ik over een poosje geen vreemde meer zou zijn en hij graag met me mee zou gaan. Dat bleek geen juiste voorspelling want hij is al dood. Onder een auto gekomen. De nieuwe baasjes waren nog niet eens over het verlies van de vorige heen, nu gebeurt dit ruim een maand later. Het arme beest was tien weken oud. Hij had al drie keer met Lori gespeeld en ze leken beste vrienden te gaan worden. Dat mocht niet zo zijn.

Jack, zo heette hij, is niet meer. Ik had nog geen band maar het raakt me toch. Ik schreef over het vertrouwen dat het beestje in de mensen had, maar door de boze buitenwereld is hij nu dood. Ik geloof niet dat hij geleden heeft. Een paar stuiptrekkingen en dat was het dan. Het korte leven van een pup.