De kracht van Geert Wilders

Geert Wilders bezit bijzondere krachten, dat denk ik. Ik denk dat hij kaas heeft gegeten van Neuro Linguïstisch Programmeren, kortweg NLP, een voormalige hobby van Emile Ratelband. We horen niet zoveel meer van Emile omdat hij in zak en as zit. De man heeft zijn ego nooit overwonnen en gaat nu ernstig gebukt onder zijn eigen veroudering. Zijn prachtige zwarte haar wordt grijs, zijn gezicht vertoont rimpels en hij krijgt wat prostaatklachten. Een heel normaal proces in het leven van een aan veroudering onderhavige man, maar Emile had zichzelf zo geprogrammeerd dat hij niet ouder zou worden. Nu blijkt NLP toch niet in staat om de eeuwige jeugd te behouden en Emile voelt zich bedrogen door zijn eigen systeem. Slechts antidepressiva houden hem op de been nu hij is ingehaald door de tijd. Ja, het kan verkeren.

Maar Geert zit nog min of meer in de kracht van zijn leven. En voorzover hij daar al overheen zit, is hij op het hoogtepunt van zijn populariteit, dat helpt ook tegen de ouderdomsdepressie. Geert stuurt gemerkt en ongemerkt boodschappen de ether in. Mijn onderbewuste pikt ze op, merkte ik laatst tot mijn, ja tot mijn wat eigenlijk?

Ik haalde Tammar uit de auto en ergens zag ik vanuit mijn ooghoek een man in een donkere rok een trap afkomen. Het irriteerde mij een klein beetje, dat er vlak bij mij een fundamentalist in een gewaad woonde. Onbewust hoor, onbewust. Maar ik vond het geen prettig idee dat mijn kleine dochter geconfronteerd moest worden met de fundamentalistische islam. Ik stond nog wat spullen uit de auto te sleuren en Tammar liep al richting gewaad, die op een fiets stapte. Tammar zei: “hallo” en de rok zei lachend hallo terug. Toen ik beter keek, bleek het helemaal geen gevaarlijke Arabier maar een geval van een Tibetaanse monnik-achtige. Ik was opgelucht en ik lachte ook nog even naar de jongeman. Totaal ongevaarlijk, die Tibetaanse monniken, oordeelde ik. En dat is nu de kracht van Geert en zijn geprogrammeer. Ja, ik geef hem maar de schuld.

Neuroten

Ik zag een programma over manipulatie van de hersenen. De manipulatie werd uitgevoerd door enerzijds marketingmensen, en anderzijds door neurologen. Er schijnt zelfs al een combinatie te bestaan van die twee, neuromarketeers. Dat zijn geen hele zenuwachtige marketeers, maar mensen die zich bezig houden met welke aspecten een reclame moet bevatten zodat u en ik het produkt kopen. En dan niet met de gebruikelijke voorspelbaarheid, maar zodanig dat het gebied van begeerte in de hersenen geprikkeld wordt zodra iemand een reclame ziet. Over niet al te lange tijd zijn marketeers in staat om u iets te verkopen dat totaal onbruikbaar is. Bijvoorbeeld een gebruikte zakdoek met gele snot, zwarte korstjes en bloedvlekken erin. Eerlijk, zoiets heeft u echt niet nodig maar binnenkort koopt u het massaal omdat u die opdracht van uw hersenen krijgt. En u kunt er gewoon niks tegen doen, dat is het erge. Het is een kwestie van de gebruikte zakdoek op zodanige wijze te presenteren dat u hem graag wilt kopen.

Gelukkig was er ook nog de hersenonderzoeker die de hersenen manipuleerde. Hij deed dat door te onderzoeken welke gebieden in de hersenen reageerden op bepaalde situaties. Als u bijvoorbeeld aan een vis denkt, schijnt er een puntje in de hersenen op te lichten zodat, als u onder een scan ligt, de onderzoeker u kan vertellen dat u aan een vis denkt. Maar goed, dat wist u dan zelf ook al, dat u dat deed. Over een paar jaar, als de apparatuur geavanceerder is, kan de onderzoeker u ook vertellen of u aan een karper of een snoek dacht. De bedoeling van de onderzoeker was om de code van de hersenen te kraken. Dat gaf hij eerlijk toe. Hij ging duidelijk voor de nobelprijs. Als nu maar duidelijk is welk gedeelte van de hersenen verantwoordelijk is voor welke gemoedstoestand, kan de onderzoeker zeggen welke gedachte u moet denken om die gemoedstoestand te manipuleren. Uiteindelijk, maar dat ligt nog zeker 3 jaar in de toekomst, bestaan er geen geesteszieken, geen zwakzinnigen, en geen mensen meer die niet kunnen boekhouden. Het is een prachtig vooruitzicht.

En dat filosofeert hij dan even bij elkaar op maandagavond.

Ik ben een beetje op een punt aanbeland waarop ik uitgekeken raak op de maatschappij. Het is net of ik alles wat er in Nederland op politiek/maatschappelijk gebied gebeurt, weet te doorgronden zodat niks meer spannend is. Ik weet van mensen met idealen die ze nooit zullen verwezenlijken en ik weet van mensen met geld die hun rijkdommen beschermen door middel van het laten varen van principes, en ik weet van mensen die sarcastisch kritiek leveren op alles. En daar ergens tussendoor loop ik, mezelf af te vragen wat de zin is van waar we met z’n allen mee bezig zijn.

Ik wil me wel graag mengen in discussies maar toen ik nog dacht dat íemand wel gelijk zou hebben, was het een uitdaging om erachter te komen wie dat dan wel was. Inmiddels weet ik beter, niemand heeft volledig gelijk, of iedereen heeft een deel gelijk, dat komt op hetzelfde neer. Dus wat voeg ik toe als ik een mening heb over, ik noem maar wat, de verhoging van de maximumsnelheid op snelwegen? Er zijn mensen, veel geleerder dan ik die mijn argumenten zo terzijde schuiven zonder dat ik er iets tegenin kan brengen. Ongeacht welke mening ik erop nahoud. En dat komt, heb ik besloten, doordat mij gevraagd wordt om na te denken over zaken die ook anderen aangaan. En als je moet denken voor anderen, dan gaat het mis. Het enige wat volgens mij van belang is, is te zorgen dat mijn probleem blijft bestaan, want dan gaat het nergens over en zolang het nergens over gaat, leef je in vrijheid in een alleraardigst landje.

Wat dat betreft zijn jeugdjaren veel interessanter. Als je heel jong bent is de wereld zo groot en onbekend dat zij vanzelf spannend is. Als je ietsjes ouder bent zie je idealen en het nastreven daarvan geeft veel voldoening. Dan raak je in je dertiger jaren en beklim je de ladder van de principes. Onderaan zitten de principes en bovenin zitten de mensen waar je bij wilt horen. En ik zit in mijn veertiger jaren, pas aan het begin, en ik denk alles doorgrond te hebben. Het gaat nergens over. Dus ik moet me bezig houden met de dingen die binnen mijn kring van invloed liggen. En de trieste constatering is, dat die minder in getal zijn dan tien jaar geleden, al fopten mijn gedachten mij toen nog.

Wat dat betreft begrijp ik niet wat men bedoelt met ‘het leven begint bij veertig.’ Maar die uitdrukking moet bedacht zijn door een veel ouder persoon, en aangezien alleen een veel ouder en wijzer persoon daar een oordeel over kan geven, wanhoop ik niet. Het zou natuurlijk kunnen dat een laatbloeier als ik het pas over een paar jaar begrijpt. Tot die tijd geloof ik niet dat ik me erg met de maatschappij bemoei. Er schijnt iets met Provinciale Staten aan te komen. Ik geef de volmacht aan mijn vrouw, een dertiger, dus veel beter op de hoogte.

Nieuw behang

Zo mensen. Kunnen we hiermee leven? Ik zat wat te klooien met kleurtjes maar dat is het toch allemaal net niet. Ik ben een anti-designer, ik kan geen mooie dingen maken, alleen zien. Dit geldt overigens niet voor mijn kinderen. Ik heb er maar even een bestaand design van web-log tegenaan gegooid. Dat ziet er een stuk aardiger uit dan wat ikzelf kan fabriceren. Want ik kom niet verder dan wat geklooi met kleuren om uiteindelijk te constateren dat het er niet uit ziet. Bovendien las het niet meer lekker. En dat moeten we niet hebben, want lezen is voor een weblogger van levensbelang. Het kan zijn dat ik nog wat andere designs uitprobeer maar ik zou zeggen, wen maar vast aan het nieuwe behang.

Opkrabbelen in tien tellen.

Ik voel mij een beetje bezwaard om over mijn ongeneeslijk zieke collega te schrijven, maar omdat ik het goed bedoel en probeer niet te veel in detail te treden, doe ik het toch maar. Overigens zijn goede bedoelingen die door de stichter van het kwaad zelf als argument worden aangevoerd, rechtstreeks te verwijzen naar de prullenbak. Maar dit terzijde.

Amper een week geleden kreeg hij een slecht bericht; opgegeven wegens ongeneeslijke kanker. De grond onder zijn voeten was weg. Nu zijn we nog geen week verder, en hij voelt weer grond. Hij loopt nu bij een alternatieve dokter -geen gebedsgenezer- die niet als arts wordt erkend. Mijn collega heeft aan deze arts vertrouwen ontleend dat gebaseerd is op diens positieve resultaten. Tenminste, dat hoop ik. En de alternatieve dokter zegt dingen die mij wel enorm logisch in de oren klinken. Zo logisch dat ik er ook een beetje hoop uit ga putten. Zo logisch en kundig dat ik bij mezelf denk: waarom gaat iemand daar pas naar toe als hij opgegeven is? Het antwoord op die vraag weten we allemaal. Reguliere en alternatieve geneeskunde bijten elkaar nog te erg in Nederland. In Duitsland schijnt dat wat beter te zijn. De betreffende alternatieve arts wordt daar wel regelmatig bij de behandeling van kankerpatiënten betrokken.

Ik geef mijn collega groot gelijk. In dit stadium zullen de meeste mensen dat wel doen. Het is jammer dat zijn medisch dossier niet zonder slag of stoot wordt overgedragen aan de niet reguliere arts. Het zou misschien wel goed zijn als ook in Nederland de reguliere geneeskunde ging samenwerken met de alternatieve en je ook veel eerder aan je alternatieve behandeling kon beginnen. Zo haal je het kwakzalvergehalte er gelijk uit, en bovendien, als deze arts resultaten haalt met mensen die opgegeven zijn, welk resultaat haalt hij dan met mensen die in het beginstadium zitten?

Ik ben zelf heel benieuwd welke resultaten er geboekt gaan worden. Ik zou waarschijnlijk ook deze strohalm met beide handen vastgrijpen. Dan liever aan het einde de knock-out dan nu in de tien tellen te blijven liggen.

Ik weeg wat af…

Toen ik jong en jeugdig was, dacht ik minder zetten vooruit dan nu. En dat had zijn voordelen; ik kon immers oordelen vellen op basis van mijn eerste en zuiverste ingeving. Nu ik wat middelbaarder ben geworden, ligt het niet meer zo simpel. Ik zie voor- en nadelen, en afwegen is moeilijk. Ik had vroeger veel vaker ongelijk, maar omdat het voor mij de overzichtelijke waarheid was, dacht dat wel zo makkelijk.

Ik vermoed dat dit ongemak te maken heeft met een verschuiving van rechtse denkbeelden naar linkse, maar weet dat niet zeker. Het kan ook zijn dat ik vroeger de begrippen goed en kwaad wat makkelijker kon plaatsen. Nu hou ik rekening met allerlei verzachtende omstandigheden voor kwaad dat geschied is.

Een goed voorbeeld is de val van Sebrenica. Het zit mij niet lekker dat de enclave zonder slag of stoot werd opgegeven. Liever had ik gezien dat er gevochten was tegen de overmacht, met als waarschijnlijke gevolg dat er onder de Nederlandse militairen veel doden zouden zijn gevallen. Maar dat is lekker makkelijk vinden, als je er zelf niet bij was. Bovendien, zouden dan nu honderden gezinnen zonder vader zitten, alleen maar omdat ik dan een trotser gevoel had overgehouden. Maar ja, nu zitten er duizenden Joegoslavische gezinnen met een leegte, die bovendien ook geen brieven naar huis schrijven over het heldhaftige optreden van de Nederlanders. Maar dan denk ik weer: "Ja, ze zijn toch zelf militair geworden, dan dien je het risico ook te aanvaarden." Als ik deze overwegingen op een weegschaal leg, dan lijkt mij het belang van de Joegoslavische gezinnen het grootst. Er had dus verdedigd moeten worden. Maar dan waren de Nederlanders dood, de moslims die bescherming zochten waren dood, en er waren vijanden dood. Echt een hele hoop doden, maar de Dutchbatters zouden als helden herdacht worden door de familieleden van de omgekomen moslims. Er zou een zwarte bladzijde uit de Nederlandse geschiedenis niet geschreven zijn.

Ik kan niet meer zuiver denken. Vroeger kon ik heel simpel zeggen, zo en zo had het gemoeten. Het leven van die en die is meer waard dan dat van de ander. Ik zou niet meer afwegen of over de gevolgen nadenken want dat zou mijn oordeel in de weg staan. Niet dat ik iets te oordelen had, maar stiekem vindt iedereen wel ergens iets van. 

De tijden van de zeehelden zijn reeds lang voorbij. Ik vind het ook niet gek dat praktisch geen scholier meer weet wie Michiel de Ruyter was. Zijn mentaliteit, of zoals mij geleerd werd hoe die was, is mijlenver te zoeken, dus waarom zouden we nog over hem moeten leren? Alleen het Wilhelmus refereert nog aan heldendom, maar weinigen kennen de tekst. 

Morgen weer over tot de orde van de dag. Niet tot de Willemsorde. In een vrij land als Nederland is dat wel zo prettig, dat je slechts over hoeft tot de orde van de dag. Maar om het op den duur ook prettig te houden moet die Willemsorde misschien toch wat latenter aanwezig zijn. Ja, ik vermoed van wel. Zullen we het WK voetbal ooit nog winnen?

 

Middener

Het nieuwe jaar is nog maar net begonnen of ik vraag me alweer iets af. En dat is het volgende. U kent wel die horden mensen die zich op oudejaarsavond naar een grote stad begeven om daar op straat te vieren dat de klok ook in het nieuwe jaar door blijft tikken? Of die horden mensen die zich naar Scheveningen begeven om massaal een nieuwjaarsduik te nemen? Nou, ik vraag mij af, vinden die mensen dat leuk voor zichzelf, hopen ze dat een ander hen leuk vindt omdat ze dat doen, is het misschien kuddegedrag of is het zelfs een vorm van groepsdenken? Of zijn het gewoon nog hele jonge mensen bij wie de wijsheid nog moet toeslaan? Ik vind het hoogst irritant dat het NOS journaal opent met dit soort nieuws. "Goedenavond, dames en heren. Overal in het land is het nieuwe jaar feestelijk ingeluid. In Amsterdam, bla bla…" Dat is toch geen nieuws? Dat weet je gewoon, dat dat gebeurt. Dat is elk jaar hetzelfde.

Ik vrees zelf dat het kuddegedrag is hoor. Of aderverkalking. Simpelweg weer een reden voor een feestje kan het niet zijn, want er zijn al zoveel feestjes dat die toch ook onderhand je neus uit moeten komen.  Lafjes achter de winnaar aanlopen en doen alsof je weet waar het over gaat, dat is kuddegedrag. Je hebt natuurlijk positief kuddegedrag, zoals daar zijn Twitter en Oranjegekte, en je hebt negatief kuddegedrag, zoals daar zijn Twitter en Oranjegekte. Iedereen doet wel ergens aan mee. Weinigen weten waarom.

Ik poog mijzelf flink op te fokken over mijn constateringen, maar het lukt niet. Ik blijf, zo aan de start van dit nieuwe jaar, geheel kalm, vredig en overwegend positief en wil dat graag een poosje zo houden. En omdat ik me niet midden in een kudde schapen wens te begeven, verander ik gewoon van mening en vind nu dat nieuwjaarsduikers en oudejaarsavond-buiten-in-de-grote-stad-vierders, gewoon mensen zijn die midden in het leven staan. Misschien nog wel middener dan anderen.  

Conciërge

Wij kregen wat brieven van de school van Hans waarin ouders gevraagd werd om een steentje bij te dragen aan allerlei voorkomende klusjes op een basisschool. Leesouders, elektriciteitsouders, tuinonderhouders, huishouders en handig in het algemeen-ouders. Maar geen boekhouders. Aan mijn kwaliteiten werd volledig voorbijgegaan. Ik zou die kleintjes bijvoorbeeld les kunnen geven. Ik zou ze kunnen vertellen over Elvis. Of over wat er mis is met de moderne tijd. Over formule 1. Dat het belangrijk is om iets voor een ander te doen. Ik zou inzicht kunnen geven in de financiële situatie van de school. Of ze niet verkeerd bezuinigden. En ik zou ze kunnen vertellen dat vroeger alles beter was omdat je op scholen een conciërge had.


Een conciërge, die hoort toch bij een school? Op alle scholen waarop ik gezeten heb, inclusief een schriftelijke LOI-cursus, was een conciërge aanwezig. Voor het tuinonderhoud, voor de elektrische storingen, voor klusjes, voor de te laat-briefjes, en voor het legen van de prullenbakken. Een rokende conciërge met een conciërgejas, als inventaris van de school. Je weet hun namen achteraf nooit meer, maar zeker is dat ze onmisbaar waren. Ik zou zelfs durven beweren dat je aan het aantal conciërges op scholen, de staat waarin het land verkeert, kunt afmeten.

Geer en Goor

Ja, daar waren we gisteren weer getuige van een discussie op televisie die uit de hand liep. Jort Kelder en Pieter Storms hadden het onbehoorlijk met elkaar aan de stok. Pieter Storms, gefrustreerd omdat hij niet meer op televisie is, en Jort, zichzelf veilig wanend doordat hij nog volop in de belangstelling staat. Nu ben ik al helemaal geen voorstander van discussies want een verschil van mening moet je als een man uitvechten. De één daagt uit en de ander mag de wapens kiezen. Een van twee legt het loodje en het probleem is de wereld uit. 

Bovendien getuigt het ook niet van veel eigenwaarde, om zo te gaan zitten bakkeleien op televisie. Vlak daarvoor zat er nog een man die negen jaar in een gevangenis in Bangkok had gezeten, onschuldig naar eigen zeggen, en nog volop bezig met de verwerking van wat hem was aangedaan. Komen er daarna twee kippen die het met elkaar aan de stok krijgen over wie er eersterangs mag zitten. Sjonge jonge zeg. Dit was nog erger dan Geer en Goor die elkaar met handtasjes slaan.

horoscoop

Ik keek daarnet eens even in mijn horoscoop wat me allemaal te wachten staat de komende tijd. Ik lees geen horoscopen meer sinds ik het huis uit ben, en geen Telegraaf meer zie, nu drie jaar geleden. Als horoscopen kloppen, moet er dus vorige week gestaan hebben dat ik deze week weer eens een horoscoop zou lezen. En dat de voorspelling die daarin gedaan werd, niet zou uitkomen. Dan zou het kloppen. Al weet ik dat volgende week pas. En nu is het ten opzichte van vorige week al volgende week. Dus nu kan ik terugzoeken of het klopte. Maar dat doe ik niet, want dan had er in mijn horoscoop van vorige week moeten staan dat ik deze week zou gaan terugkijken. En achteraf je horoscoop bekijken schiet zijn doel voorbij. Ik blijf licht sceptisch over astrologen. Ik geloof wel dat ze geloven dat ze kunnen voorspellen hoor. Dat wel. Maar niet dat ze het kunnen. Een beetje door de tijd heen kijken zeg…ppfff. Ik droom wel eens voorspellend. Dan voorspelt mijn droom voorspel. Maar dan blijk ik toch geen aanleg te hebben voor astroloog. Dromen voorspellen vind ik nog knapper dan voorspellend dromen.  Dat laatste is precies wat astrologen doen. Een beetje dromen als ze aan het voorspellen zijn. In plaats dat ze de aandacht bij hun werk houden.