Minderheden

Ik begreep dat bonobo’s voor meer dan 98% genetisch gelijk zijn aan mensen. Maar volgens mij zijn mensen ook 90% genetisch gelijk aan planten. Eigenlijk zegt het helemaal niks omdat in het geval van de bonobo’s die amper 2% kennelijk zorgt voor een onmiskenbaar verschil. 100% gelijk betekent identiek, hetzelfde, gekloond. Maar 98% gelijk zegt niks, het is het verschil tussen een meloen en een hamer. Dus voortaan ben ik niet meer onder de indruk.

Bonobo’s staan bekend om hun enorme seksuele activiteit. Dat moet dan haast geregeld worden door die twee procent andere genen. Want anders zou je een simpele formule los kunnen laten op de verhouding tussen de hoeveelheid seks van de mens ten opzichte van die van de bonobo, namelijk sM = 0,98sB. Nou vergeet het maar. Bij lange na niet. Een bonobo grijpt gemiddeld 1x per anderhalf uur naar dit kalmeringsmiddel, dus 16 keer per dag. In mijn hoogtijdagen nog bij lange na niet. Ook geen 98% daarvan.

Goed, wat ik ermee zeggen wil, de minderheid is veel overheersender dan de meerderheid, dat is niet alleen bij mensen zo, maar ook bij genen. Dus wil je wat bereiken in het leven, zorg dan dat je tot een minderheid behoort.

When you see a chance

Het voordeel van dromen is dat je er niet voor verantwoordelijk gehouden kunt worden. Dit gezegd hebbende, ik zag gisteren een vrouw zitten die me erg deed denken aan een meisje dat bij me in de klas zat. Een meisje waar ik niks in zag, waar ik geen speciale herinneringen aan heb, gewoon een meisje. Nu zag ze er wel leuk uit, maar dat was alles.

In mijn droom kwam ze langs en ze zoende met een ander meisje, B., die ook bij me in de klas zat, en waar ik hoteldebotel op was en waar ik wel veel speciale herinneringen aan heb. Waarom beide dames dit deden weet ik niet, maar ik had geluk en beide meisjes wilden ook met mij zoenen. Ik ben de beroerdste niet, en ik zoende eerst het meisje waar ik geen speciale herinneringen aan heb, eigenlijk met het idee van save the best for last.

Het was helemaal niet onverdienstelijk maar toen het grote moment daar was, eindelijk, na 35 jaar kon ik B. (van Barbara) vol aanvliegen, werd ik wakker. Weg B. Ze zeggen dat dromen je dingen vertellen. Deze droom vertelde me duidelijk, when you see a chance, take it. Ik moet niet zeiken, als de juiste BMW langskomt moet ik toehappen.

Nog meer dierenleed.

Vandaag ging de laatste van zes tegelijk aangeschafte platy’s dood. Platy’s zijn levendbarende vissen met een nogal hoge omloopsnelheid. Niet levendbarende vissen gaan veel minder snel dood. Tenminste in mijn aquarium. Daar staat tegenover dat de levendbarende de enigen zijn die jonkies krijgen in een aquarium, de eieren leggende vissen lukt dat doorgaans niet. Soms heb je dan tien jonge visjes in je aquarium waarvan er een paar worden opgeslokt door anderen.

Maar deze populatie bracht geen jonkies voort. De laatste zwom al weken alleen rond, en ik besloot de populatie uit te laten sterven. (Ik ben de Schepper en de Almachtige van mijn aquarium). Het zijn trouwens toch behoorlijke druktemakers, die platy’s, ze jagen op de vrouwtjes, zijn de meest zichtbaar aanwezige vissen van het aquarium, bovendien poepen ze in lange slierten die ze minuten lang met zich meeslepen. Barbaren! De andere soorten hebben meer klasse en poepen onzichtbaar.

Afgelopen zaterdag zag ik tot mijn verbazing toch één baby visje zich verstoppen tussen de planten. Hij is vandaag al weer ietsje groter dan zaterdag, dus ik denk niet dat die nog opgegeten wordt. Maar vandaag ging zijn moeder dood en hij is nog maar een baby. Bovendien, moederziel alleen tussen vreemde andere soorten. Mijn plan om ze uit te laten sterven wordt nu ernstig gedwarsboomd, want ik vind het haast onmenselijk om deze baby die in mijn schepping werd geboren, en die nu al wees is, een eenzaam en alleen leven te laten slijten. Ik word haast gedwongen om er een paar van zijn soort bij te kopen om hem een viswaardig bestaan te geven. Je moet wel een hart van steen hebben wil je deze situatie zo laten.

Grim Reaper

Ik werd vandaag positief getest op Corona. Dus toch geen griep gelukkig, want daar ben ik niet tegen ingeënt. Ik ben nu aan de beterende hand, vandaag voor het eerst weer op de been. Ik had behoorlijk veel pijn overal, behalve als ik doodstil lag. Maar zitten op de wc was al bijna niet te doen, alsof m’n bovenrug verkrampte. Eten ging om de zelfde reden ook amper, eigenlijk hadden ze me vloeibaar voedsel moeten toedienen terwijl ik op mijn rug lag. Maar omdat dit een milde vorm betrof, wilde de dokter daar niet aan. De nachten waren het ergst, met koud zweet, maagzuur, en de man met de zeis die door de straat liep. Ik heb gezegd dat ik verhuisd was. Hij lijkt erin getrapt…

Bakkes oep ne kaai.

In quarantainetijd deden we een spelletje. Ik pakte een Spotify playlist met jaren ‘80 muziek en Linda moest raden welk lied. Als ze het lied herkent, dan komt ook het nummer en/of artiest uit haar geheugen naar voren. Ik hoefde alleen maar te op het volgende nummer te klikken. Zo hielden we ons twee uur bezig.

Een nummer of tweehonderd verder kwam Hans naar beneden, die wordt het hardst getroffen door de quarantaine, want die is vaak bij vrienden. Op twee staat Linda, dan Tammar en mij kan die quarantaine niet lang genoeg duren. Lekker niemand over de vloer, alleen Albert Heyn zelf. In elk geval, Hans komt beneden, en voegt zich verveeld bij ons. Hij kent de muziek uit onze tijd niet en ik voel mij een beetje bezwaard. Dus ik maak af en toe een zijsprong naar wat Nederlandse muziek, daar houdt hij van.

Nederlandse muziek is trouwens veel te breed, het moet feestmuziek zijn. Guus Meeuwis, Kraantje Pappie, Snollebollekes, maar het liefst Brabantse feesthits. Die jongen houdt om een of andere reden van Brabant, of het nu New Kids is of Frank Lammers, om een of andere reden is Brabant en vooral Eindhoven the Bomb. Nou ja, laat er nu ook een playlist zijn met Brabantse feestmuziek! Gewoon op de muziek van Brian Adams, those were the best years of my life, ik viel toen mee me bakkes op ne kaai. Geweldig. Ik moet zeggen, ik heb ook wel iets met Brabant. Is het niet bijna carnaval?

Een stille strijd

Door schade en schande wijs geworden hark ik elk weekend even de tuin aan en veeg ik het terras. Doe ik dat niet dan heb ik straks een hoeveelheid blad in de tuin die bij lange na niet in de groene container past. Het ziet er best cool uit zo’n aangeharkte tuin en een geveegd terras. Ik mag graag even boven gaan staan kijken naar het verschil tussen de tuin van de buurman en die van mij. Normaal is er een stille strijd gaande tussen hem en mij, waar verder niemand van weet, want als ik het gras maai, gaat hij daarna met zijn elektrische grasmaaier zijn gazon te lijf, en daarna pakt hij nog even de verticuteermachine. Zijn gras ligt beter in de zon, dus ik moet harder werken om mijn gras groener te laten zijn, en daar baal ik van. Maar momenteel heeft hij geen tijd, want er is een baby geboren en ligt er in mijn tuin minder blad.

We moeten straks ook weer het garagedak vegen en de dakgoot schoonmaken. Dat dient ook op een tactisch goed moment te gebeuren. Niet te vroeg, want dan kun je het nog een keer doen, maar ook niet te laat, want anders heeft de buurman zijn kant al gedaan en ben ik een loser. Dat gaat ook niet. In elk geval, nu sta ik voor. En toch irriteert het me dat hij kennelijk ook tijd heeft gevonden om te harken anders zou er veel meer blad in zijn tuin moeten liggen. Misschien moet ik een keer ‘s nachts met de hark in de weer en al mijn bladeren over de schutting kieperen. Of is dat vals spelen? Wel, er is geen officiële wedstrijd gaande en er zijn geen regels afgesproken dus dan kun je ook niet valsspelen.

Hij is vorig jaar ook al het dak op geweest om het mosvrij te maken, de uitslover. Zogenaamd omdat hij zonnepanelen kreeg. En volgens mij heeft hij vogels gedresseerd om mijn mos van het dak te kieperen op mijn zojuist geveegde terras. Want, ik heb nog niet geveegd of er ligt alweer zo’n pluk mos op de grond. En als ik het snel opruim dan ligt er na een halfuur een nieuwe. Terwijl als ik mijn terras een tijdje laat verslonzen en een plukje meer of minder mos niet opvalt, dan sparen de vogels het op en wachten ze tot ik weer geveegd heb. Ja, deze man gaat over lijken.

Een gelijkwaardig huwelijk

Er zijn drie dingen waar ik nog wel eens aan herinnerd word door mijn eega. Dat zijn achtereenvolgens: een airco in mijn Alfa laten maken voor 830 euro, een schilderij + lijst aan de deur aan laten smeren voor 400 euro en het haar van mijn dochter knippen. (Gratis)

Aan het begin van de coronatijd heeft ze Hans met de tondeuse bewerkt. De arme jongen heeft weken met een pet op gelopen. Laatst heeft ze de airco van haar auto laten maken, voor ook geen misselijk bedrag. Vandaag kom ik laat thuis, ik wil door de voordeur, krijg de sleutel er niet in. Lang verhaal kort, ze heeft zich op laten lichten door een slotenmaker die ons een goedkoop oplegslotje heeft geleverd voor heel veel geld. Zo goedkoop dat ik overweeg om er alsnog iets nieuws in te laten zetten.

Vanaf vandaag hebben we weer een gelijkwaardig huwelijk.

Het leven van de 🤴

Als je toe gaat geven aan alle icoontjes die je 📱 suggereert, dan kan je blog er wel eens vreemd uit komen te zien. Je moet zelfstandige naamwoorden vermijden, maar ook de bijvoeglijke. En een tekst wordt 👉 doorgaans niet duidelijker van. Kijk maar wat er gebeurt als ik een simpel verhaaltje vertel.

Er 🧺 eens een 🤴 die op zoek 🧺 naar een 👸 om mee te trouwen. Hij zocht 🏙 en land af om haar te vinden. Hij reed met zijn 🐎 🚪 elk dorpje en 🛎 de overal aan. Wat ik trouwens niet 🧐 vind van een 🤴 want je mag toch verwachten dat er in een monarchie een register wordt bijgehouden van wie 👸 is en wie maar doet alsof. In elk geval, na vijf 🌝 den 👀 had hij haar nog niet gevonden. 😢 keerde de 🤴 terug naar zijn paleis en ging in zijn 🛌 liggen 😭. Een van de hofdames die nog vrijgezel was, had een 💡 maar dat deelde ze niet, want ja, ze had zelf een 👁 je op de 🤴 en dan zou ze zich in eigen 🦶 schieten 🚪 een ander in het zadel te helpen. ⬆️ dien wist ze 🌩 s 👍🏻 dat zij geen 👸 🧺 en dus geen kans maakte. Maar toch hield ze van 🚐 de prins 🤴 en het 🗳 haar droef dat de 🤴 zo 😿 was. Dus op een 👋 vertelde ze haar 💡. De 🤴 moest 👧 👧 uit het hele land uitnodigen en ze op zeven matrassen laten 😴. Onder die matrassen moest hij dan een erwt leggen en alleen een echte 👸 heeft zo’n tere huid dat zij de erwt 🚪 al die matrassen heen zou voelen. Dus pas als er eentje 👎 had geslapen wist hij dat hij beet had.

De 🤴 vond het een 👌 💡 en vroeg: waarom heeft u dat niet eerder gezegd, en veroordeelde haar tot de guillotine. Zo ging dat in die tijd, 🧡 kon al 💨 je ☠️ worden. En toen ging de 🤴 nog met het 💡 aan de haal ook! Nou 👍🏻, hij vond het maar omslachtig met al die matrassen, maar al die 👧 👧 bij hem laten 😴 stond hem wel aan.

Hij hield zich niet helemaal aan de prinselijke regels en rampetampte er flink op los. Maar dat is geen manier om een 👸 te vinden en het animo werd steeds minder. Natuurlijk, dat trok wel sletten en golddiggers aan, maar daar heeft een 🤴 doorgaans niks aan. Dus, na zes 🌝 den van krikkenstein 🧺 hij het wel zat. Hij leek Johnny de Mol wel. En dat doet je reputatie als 🤴 bepaald geen 👍🏻.

Deze 🤴 verdiende helemaal geen 👸. En ze hebben het hele sprookje moeten her✍️ om het überhaupt verkoopbaar te kunnen maken. Want die viezigheid is toch niet voor 👶? Nu werd het iets met een erwt, en lang en 🍀 en zo, maar in werkelijkheid hield de prins er een heel dom 👱 wicht aan over, die ⬆️ dien ook nog eens geen 👶 kon krijgen. Daar sta je dan met je goede gedrag. En het roept 🐝 mij gelijk de 🙋‍♂️ op wat er dan precies waar is van al die andere sprookjes.

Sergeant-majoor

De soldaat hier in huis hebben ze nog niet klein. Maar wat op de vorige school een voordeel was, namelijk zijn clowneske gedrag, werkt hier wat anders. Want grappenmakers moeten opdrukken. En goed, want anders moet het opnieuw. “Wat ben jij daar aan het doen, Van Huppelschoten? Ben je de grond aan het neuken? Begin maar opnieuw!” Of als je moe bent en je kont komt te ver omhoog: “wat is dat, Van Huppelschoten, wil je er soms iets in hebben ofzo?” (Excuses voor het taalgebruik van de Sergeant Majoor, die maakt bij elke nieuwe klas dezelfde grap.) Hij moest 73 keer opdrukken voordat het goed was.

En hij was al gewaarschuwd, hij moest zich scheren anders zouden ze het voor hem doen. Dus dat gaat hij voortaan wel doen denk ik. Daar gaat de opvoeding! In een week naar de kloten geholpen door Sergeant Majoor Bullebak. Met z’n grove bakkes. Ik heb al gezegd, vertel me waar hij woont ik ik gooi een baksteen door z’n ruit. Nou ja, het klinkt allemaal serieuzer dan het is, hij heeft er de grootste lol. Excoses voor het taalgebroik.

Het droevige lot van een hondenbezitter

Op een regenachtige dag als deze zal het volgende tafereeltje menig hondenbezitter bekend voor komen. Met paraplu en lange lijn gaan we naar de uitlaatstrook, waar de hond zijn behoefte mag doen en er geen opruimplicht is. Het plenst, dus binnen de kortste keren zijn hond en schoenen van de baas drijfnat. De hond gaat eerst zitten voor een plasje en loopt daarna door richting uitlaatstrook. Daar aangekomen moedig ik haar aan om haar behoefte snel te doen want dan kunnen we terug. “Poepie doen!” Waarom je zo raar praat tegen een hond weet ik ook niet, maar dit soort dingen sluipt erin. Als er een medemens in de buurt is, zeg je dat niet, dan zwijg je gewoon.

De hond snuffelt door het decimeters hoge gras en wordt nog natter. Ze kromt haar rug vast om aan te zetten. Nee, toch niet. Ze loopt verder en begint te draaien. Oh, wacht, wat zie ik daar, een vogel? Da’s interessant, en ze staat weer op. Dan sjouwt ze weer verder en ziet een opening in de struiken waar alleen zij door kan. Ik blijf op straat staan en buk mij om te zien wat ze doet. Ze dreigt met de lange lijn om een struik heen te lopen dus ik moet haar weer terugtrekken. Dan probeert ze het aan de andere kant, maar ook dreigt de lijn vast te lopen dus ik trek haar weer terug. Ze komt weer uit de struik en banjert verder. Ze gaat weer op zoek naar een geschikte plek en begint te draaien. Dat draaien duurt al langer dan normaal en ineens ziet ze iemand die ook zijn hond uitlaat. Ze komt uit haar positie en schiet er op af, ik trek haar terug en zeg dat ze haar gemak moet houden.

De man met de hond loopt door de struiken waar ik langs loop, en mijn hond weet dat. Die is meer gefocust op de hond aan de andere kant en maakt even geen aanstalten meer. Ondertussen plenst het door. Pas als die andere hond weg is gaat ze weer een poging doen, alleen nu weer terug, richting huis. Huis is verlokkelijk in deze regen dus ik merk dat ze iets te hard richting huis gaat. Ik trek haar weer de andere kant op en onder protest gaat ze mee. Dan eindelijk, als alle omstandigheden mee zitten, draait ze weer rond in het hoge gras, maar ik geloof het pas als ik het zie, maar deze keer komt daar een net te dunne smurrie uit, die belandt precies een meter naast de paal waarop staat: “geen opruimplicht tussen de palen.” Ik besluit toch dat dit een poging tussen de palen was en keer om, huiswaarts. Bij de straat waar we in moeten wil ze rechtdoor naar de andere uitlaatstrook. Ik loop even mee en ze begint weer moeilijk te draaien. Het ritueel van zojuist dreigt zich te herhalen. Ik loop al voor paal met die enige paraplu die ik kon vinden en die de tekst “merde, il pleut” bevat en als ze na een minuut alleen nog een plasje heeft gedaan, neem ik haar mee naar huis. Wacht maar tot tussen te middag, voor de volgende.

In de garage droog ik haar af, maar binnen schudt ze zich alsnog uit. Vieze modderpoten achterlatend op de vloer…