Gisteren om deze tijd was ik enorm ziek. Een aanval van dunne stoel die gisteren om iets voor vijven begon, en die duurde tot ’s nachts. Daarna was de aanval afgeslagen maar de angst zat er toch nog goed in. Speciaal omdat ik vandaag in Kernwasser Wunderland (Kalkar) rondliep, ter gelegenheid van de 66e verjaardag van mijn moeder. ’s Ochtends ontbijtkoek en thee, s’ middags rijst en kippensoep maar daarna kreeg ik al snel meer zelfvertrouwen en kon ik weer grapjes maken. En nu is alles weer normaal, op wat pijn na, gisteren voelde het alsof er een waterpomptang in de meest wijde stand in mijn bips zat. Dat was overigens niet zo, want hij zat gewoon nog in mijn gereedschapskist.
Dat Kalkar is trouwens apart. Een gigantisch lelijke oude kerncentrale waar een pretpark van gemaakt is. Het was niet zo dat alles er vanzelf licht gaf want de kerncentrale is nooit in gebruik genomen. De Nederlander Hennie van der Most heeft het daarna voor een prikkie gekocht en is er een pretpark gestart. Best een grappig pretpark want je kunt er gratis friet, frisdrank en ijs krijgen. Tenminste, nadat je de entreeprijs hebt betaald.
Je ziet het in Frankrijk ook, kernreactoren die vlak aan de grens met het buurland staan. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de gedachte die daar achter zit, is dat in geval van een kernramp, misschien de wind gunstig staat zodat de buren de nucleaire ellende over zich heen krijgen in plaats van het eigen land. Maar misschien is dat vergezocht. Ik ben in elk geval blij dat dat ding nooit in gebruik is genomen, beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald, tenslotte.




