Skyfall

Alletwee de kinderen logeerden bij familie, waardoor het idee ontstond naar de film te gaan, maar niet voordat we uit gingen eten. De Chinees, daar houden wij van. Ik hou ervan om allerlei nieuwe dingen te proberen, vandaar. Dus ik pak de kaart, ga op zoek naar de meest ingewikkelde gerechten met inktvis uit de Marianentrog, geflambeerde kwal en gedroogde gifslang, en uiteindelijk bestel ik nummer 31, de combinatieschotel met Babi Pangang, Saté en Koe Loe Yuk.

Daarna reden we naar de bioscoop om daar met hooggespannen verwachting de nieuwe James Bond te gaan zien. James Bond is een briljante creatie die al meer dan vijftig jaar meegaat zonder dat het personage aan slijtage onderhevig is. De films gaan met hun tijd mee, maar altijd wordt teruggegrepen op dezelfde klassiekers. De woordspelingen, de Aston Martin, de gadgets, de Wodka Martini, Q en M. What the hell took you so long, 007?

Skyfall begint met een achtervolgingsscène die een van de betere uit de filmgeschiedenis is. De beste achtervolgingsscène zat volgens velen in “Ronin” met Robert de Niro, maar mijn persoonlijke favoriet zat in “Against all odds”, of anders in “Never say Never again”. De achtervolging in deze film moet je niet vanaf de voorste rijen volgen, daarvan word je wat onzeker over je oogreflexen. Uiteindelijk gaat Bond de strijd aan met een briljant neergezette, bijna nichterige boef die het op M heeft gemunt. Omdat de boef in het digitale tijdperk heer en meester is, keert Bond terug naar daar waar hij is geboren en waar de tijd heeft stilgestaan, Schotland. Werkelijk overweldigende beelden van een Aston Martin DB5 die rijdt door het onwaarschijnlijk mooie Schotse landschap, om uiteindelijk de boef uit te dagen in het landgoed waar hij geboren is, Skyfall.

Eindelijk weer een film met een heldhaftig personage. Ik heb dat een tijdje gemist, maar ik voel het als ik de bioscoop verlaat en James Bond bezit van mij heeft genomen. Ik merk het aan de vijanden die ik om me heen spot, aan de omgeving die ik analyseer en als ik denk aan het niet aanwezige pistool in mijn binnenzak. Ik race met mijn diesel de parkeergarage uit, wat natuurlijk al nergens op slaat, een held in een diesel, maar als ik dan ook netjes voor de slagbomen wacht in plaats van er dwars doorheen te beuken, neemt de werkelijkheid weer van mij bezit en fluister ik nog snel: Webber, Mack Webber.

Nu wil ik nog een landgoed in Schotland en een jachtgeweer.
castle

Parijs

Ik ben dus terug van een retourtje Parijs. Nou ja, Parijs, een buitenwijk. Druk daar, niet normaal. De navigatie zei: hier afslaan, dus ik deed het. Daarna ging hij gelijk herberekenen en wist ik dat ik een verkeerde afslag had. Dat kan in Parijs gelijk staan aan nooit meer terug keren, en even had ik dat gevoel ook, toen de navigatie mij een straat wilde laten ingaan waar ik niet in mocht. Ik ben een stuk stressbestendiger dan vroeger, maar dit was toch wel een uitdaging. Gelukkig kon ik een rondje rijden en stond ik even later weer bij de afslag waar het fout was gegaan. Daarna ging ik twijfelen omdat de navigatie elke keer het tijdstip dat ik aan zou komen verlegde. Ik kwam op drie minuten, maar dichterbij lukte steeds niet. Dat bleek echter aan de file te liggen.

Apart hoor, zo’n B&B in een Parijse buitenwijk. Het had wel wat van Apeldoorn weg. Veel groen, dure huizen en een rustige buurt. € 110 voor een nachtje in een klein bed, en een ontbijtje met stokbrood en een croissantje. Voor dat geld ben ik twee keer in bad geweest en heb ik de badspullen ook gebruikt. Ja, komop zeg. Ik werd vanochtend vier uur wakker en heb geen oog meer dicht gedaan. Paris ‘s’éveille. Maar ik dacht aan wat mijn moeder altijd zei, als je ligt, rust je ook uit.

Na het werk joeg ik de parkeergarage uit en het noodlot sloeg toe; de navigatie was dood. Wat ik ook probeerde, geen leven meer in te krijgen. Moet u zich eens voorstellen, je bent in Parijs en je navigatie houdt er mee op. Ik stopte ergens aan de kant om het even op me in te laten werken. Zou ik hier voor altijd moeten blijven? Er was ook geen ster aan de hemel waar ik me op kon oriënteren. En al had de hemel vol gestaan met sterren, dan nog was er geen ster waar ik me op kon oriënteren. Om een lang verhaal kort te maken, ik reed gewoon de weg terug die ik de avond daarvoor had gereden. Ik herinnerde me de namen en al redelijk snel zag ik Lille. Lille, werd mij altijd geleerd, is een voorstad van Parijs. Ja ammehoela. Lille ligt bijna in België. In België ging het nog een keer mis, iets met Gand en Gent, maar verder ben ik zonder stoppen van Parijs naar een benzinestation even over de Rijn gekacheld. Het aantal resterende kilometers dat ik volgens de computer nog kon rijden, was de hele weg al gelijk aan de afstand die ik nog moest. Ik had ook geen zin om te tanken, maar ik zag al aankomen dat ik net voor Vaassen zou stranden. Zal je altijd zien. Maar goed, het navigatiesysteem is een wonder der techniek, maar tijdens het beleg van Alésia hadden we ook geen navigatie.

Als een man.

Bij het minste of geringste ontstaat er tegenwoordig massale verontwaardiging, soms uitlopend op een opstand. Ik weet zo gauw geen voorbeeld, maar het is echt waar. Oh ja, toch. Een tekening van een Deense cartoonist in de krant kan zomaar je doodvonnis betekenen. Een film over het lijden van Christus werd door joden als beledigend ervaren omdat zij er wat negatief op zouden worden afgeschilderd. Als Sinterklaas weer in het land is ontstaat er geheid discussie over de kleur van de Pieten. Maakt er een SGP’er een opmerking over het verband tussen verkrachtingen en zwangerschappen is het land te klein. Blijken er niet genoeg vrouwen aan de top van het Nederlandse bedrijfsleven te opereren, wordt er een campagne van de rijksoverheid opgezet. Eigenlijk zijn er voorbeelden genoeg.

Er is slechts één groep die het onheil dat over hem komt gelaten aanvaardt als een man: rapapaa rapapaa…De Nederlandse man! Want sodeju, ik kijk al zeker dertig jaar reclames en altijd wordt hij afgeschilderd als een domme sul of als een spelend kind. En altijd heeft hij een verstandige vrouw, vele malen knapper dan hij, die hem uit de nesten redt. Hij racet met een afstandbestuurbare auto over de reet van zijn vrouw, of hij hangt een beetje de showpik uit maar botst dan met zijn Aston Martin op een tractor, hij wordt meegesleurd door een grote hond of hij doet een jammerlijke poging om Sinterklaasinkopen te doen. Punt Com. Ik krijg er het Claire Huxtable gevoel van. Die wist ook altijd op een subtiele manier alles beter. Met d’r irritante lach om d’r man! Nou, zonder Cliff was ze helemaal niks! Poeh! Maar verder aanvaard ik deze kleineringen als een man.

Bewustwording

Hoewel pas 4% van het heelal begrepen wordt door de wetenschap, zijn er genoeg mensen die, niet gehinderd door kennis van wat zij niet weten, stellig zijn over hoe de kosmos in elkaar zit. Wetenschappers die begrijpen dat 96% volstrekt onbekend is, beperken zich dan ook vaak tot wat we wel weten. Het is de kennis die ze bescheiden maakt. Daar komt bij dat er niemand is die begrijpt wat er buiten ons heelal is, laat staan dat er iemand is die begrijpt wat er voor de oerknal was. Toch is het allemaal niet zo onbegrijpelijk als men soms denkt.

Ik begin dit college met uit te leggen wat er voor de oerknal was. Zoals u weet was dit heelal 13,7 miljard jaar geleden niet groter dan een flinke stuiterbal. Alles zat met een enorme kracht opeengepakt. Er was geen ruimte tussen het ene en het andere deeltje. Maar wat hield die stuiterbal nu bij elkaar, en hoe is die bal eigenlijk ontstaan? Daarvoor gaan we terug in de tijd tot 1 seconde voor de oerknal. Tenminste, dat is de fout die veel mensen maken bij het beredeneren van de oerknal. De tijd is een eigenschap die is ontstaan uit de oerknal, dus voor de oerknal was er geen tijd. We kunnen dus ook niet terug tot 1 seconde voor de oerknal. Vergelijk het met dat een deeltje niet sneller dan het licht kan, dat is dezelfde natuurkundige wet die ervoor zorgt dat je niet voor de oerknal kunt komen. In formulevorm: de wortel uit E = mc². We moeten dus aannemen dat de tijd niet verder terugkan dan 13,7 miljard jaar geleden.

Hoe omzeilen we dat nu? Stel nu dat er op dit moment buiten ons heelal, een nieuwe oerknal plaats vindt, dan kunnen we dus zeggen dat die knal plaatsvond op 13 november 2012. Zo is het met onze eigen knal ook, die vond plaats op 49-alenti-33-b. Dat is de tijdsaanduiding in het hiernaast gelegen heelal, genaamd haleel, op het moment dat onze oerknal plaatsvond. De waarnemers uit haleel konden dus wel precies aangeven wanneer onze knal plaatsvond en voor hen is het dan ook een koud kunstje om terug te gaan naar één seconde voor dat tijdstip. Echter, dat lost het probleem maar gedeeltelijk op, want hun haleel moet ook weer een begin hebben. En daar zit de grote denkfout. Het begin. Er bestaat geen begin. Het begin is door de mens uitgevonden, maar we moeten ons er bij neerleggen dat er eenmaal dingen zijn die er altijd al geweest zijn, en die er altijd zullen blijven, zolang ze maar waargenomen worden. Ze zijn niet ontstaan, geschapen, verwekt of opgericht, ze zijn er. Uw eigen bewustzijn bijvoorbeeld, dat is er. Het is de 4%. U heeft geen idee wanneer het ontstaan is, want het was er ineens, en toen het er nog niet was, wist u dat niet. Uw moeder (haleel) denkt wel dat ze u kan vertellen wanneer uw bewustzijn is geschapen, maar ze heeft geen flauw idee. Het was er plotseling, en niemand kan vertellen wanneer. Ja, ongeveer. 13,7 jaar geleden als u nu 14 bent. Uw onderbewustzijn, dat 96% van uw geest in beslag neemt was er altijd al. Niemand weet waar het is, alleen dat het er moet zijn, want u bent er immers niet altijd bij. Sterker nog, als we het onderbewustzijn gaan onderzoeken moeten we concluderen dat het ooit 100% was, maar dat het een klein stukje van zichzelf heeft prijsgegeven, namelijk vier procent.

Nu zijn we bijna bij de eindconclusie. Het heelal was er altijd al in de vorm van donkere materie, maar bij de oerknal ontstond gewone materie. Niemand weet precies wanneer, alleen ongeveer. Zelfs de waarnemers uit haleel weten het niet precies. Ze stonden er wel bij toen het gebeurde, maar ze konden er niet in kijken, zoals wij dat wel kunnen. Ineens waren wij ons bewust van ons eigen heelal, terwijl het er altijd al was, en het moment van bewustwording noemen wij het begin. Want anders begrijpen we het niet. Maar vanaf nu dus wel. Het was een kleine moeite.

Hypnopompie

Ik droomde vannacht dat de sterspeler van Barcelona, Lionel Messi was overleden. Het was zo echt dat toen ik wakker werd, ik nog even in die veronderstelling bleef, en ook nog op zoek ging naar het bericht in de krant. Gelukkig was het niet zo, maar waar komt zo’n droom nu weer vandaan? Ik denk nooit aan Messi, heb hem niet in mijn heldenlijstje staan, eigenlijk heb ik niks met hem, behalve dan dat ik het een geweldige voetballer vind. Ik was blij dat ik hem vanavond weer zag scoren. Dromen zijn wonderlijke gebeurtenissen. Ik droom meestal wel positief. Heel soms heb ik iets wat op een nachtmerrie lijkt en schrik ik even wakker, maar dan verjaag ik het paard en slaap door. Zelf dicht ik de droom een voorspellend karakter toe. Tenminste, als het me uitkomt, anders niet. Ik denk ook dat als ik over iemand droom, dat diegene over wie ik gedroomd heb, dat meegekregen heeft. Tenminste, als het me uitkomt, anders niet. Ik weet ook precies waarom ik dat doe. Ik hou de magie in stand. Een wereld waar alles door de wetenschappers verklaard kan worden en waar geen wonderen meer gebeuren is een uitgebluste, zinloze wereld. De enige manier waarop het leven zin heeft is als je kunt dromen. Dromen, hopen, in wonderen geloven, het zijn misschien dezelfde dingen. Wonderen bestaan, maar je moet ze wel geloven.

Natuurlijk kan het wonder altijd verklaard worden door toeval of door een natuurkundig verschijnsel, maar waarom is toeval geen wonder als het toeval jou overkomt? Toeval is geen toeval maar het is de voorspellende gave van de mens. In het parallelle universum heeft de gebeurtenis die jou staat te overkomen zich al afgespeeld, en via een wormgat is die informatie al tot in je onderbewuste doorgedrongen. Vervolgens is het een koud kunstje voor je onderbewustzijn om de gebeurtenis door te spelen aan je bewustzijn, en ineens komt de gedachte aan iemand bij je op, en vijf seconden later komt diegene ook aanlopen. Ik denk dan aan toeval, telepathie of misschien wel aan een wonder. Niks van dit alles, het is gewoon volledig verklaarbaar vanuit het parallelle universum. Slaapverwekkende materie. De titel van dit logje dekt de lading niet goed, maar ik gebruik graag een moeilijk woord waarvan ik zelf de betekenis niet ken, en waarvan u dan vervolgens denkt: “Zo, die Mack! Die weet nog eens wat.”

Wat je ziet is wat je krijgt

Ik wil even iets met u delen, maar u mag er niet verder over praten. Het gaat namelijk over de bacteriën die laatst ontdekt zijn in de broodjes kebab. Ik probeer u aan het denken te zetten. Heeft u ooit een bacterie gezien? Nee hè? Ja, wat vage krioelende vlekjes onder een microscoop, maar ik ga u vertellen dat u in het ootje genomen wordt door onze overheid. Het zijn Noord-Koreaanse toestanden. Bacteriën zijn gewoon een verzinsel van de overheid, en wel om het volk in toom te houden. Als er een opstand dreigt, komt de overheid met een verhaal over resistente TBC, en wij vluchten braaf onze huizen in. Houdt ramen en deuren gesloten. Het is toch ook een belachelijk verzinsel, beestjes die zo klein zijn dat we ze niet kunnen zien, hoe konden we er ooit intrappen? Het is net zoiets als vergif waar je heeeel langzaam aan dood gaat. En dan nu in de kebab. Het is belachelijk. Ik zal u zeggen wie de opdracht tot dit onderzoek heeft gegeven. Eigenlijk kunt u het wel raden toch? Wie heeft er nu belang bij om shoarmazaken in diskrediet te brengen? Juist.

Nu ik dit complot heb ontrafeld lopen we gevaar. Nu krijgen we binnenkort te horen dat er meteorieten rondvliegen die onze aarde bedreigen. Houdt ramen en deuren gesloten. Of dat we sterren zien die er al een miljoen jaar niet meer zijn. Terwijl we ze gewoon zien! Wat heeft er in ons kunnen varen dat we dit slikten? En hoe wist de overheid dat we dit massaal zouden geloven? Ja, sommige indianenstammen in Brazilië, die kreeg je niet zo gek, maar die werden dan weer voor achterlijk gehouden. Ik vraag me af wat er nog meer niet klopt aan wat er in onze schoolboeken stond. Voorlopig hanteer ik de WYSIWYG methode.

Waaghals

Weg ermee. Een moeizaam geschreven logje is geen logje. Zojuist heb ik drie kwartier van gezoek en gedraai gewist. Radicaal. Het moet gewoon vloeiend uit je toetsenbord komen, want anders laat maar. Kijk, als je dagelijks iets meemaakt, dan is het geen enkel probleem, dan schrijf je dat gewoon op. Maar niet als het een maandag zonder bijzonderheden was. Ja, ik heb wel lekker gewerkt moet ik zeggen. Aandacht erbij, geen gezeur aan mijn hoofd, heerlijk orde scheppen in de chaos. Want dat is wat de boekhouder doet, behalve geleende boeken niet teruggeven. Vrijdag heb ik de meest gewaagde actie uit mijn carrière gedaan. Men vroeg mij om toestemming om tussen de middag bij McDonalds eten te gaan halen, want het brood was nog niet ontdooid. Ik heb geweigerd. Ha. Keiharde bezuinigingen. Zijn ze niet gewend, maar mijn salaris moet ook betaald worden. Natuurlijk ging het niet zonder slag of stoot, maar toen ik dreigde met inhouding op de salarissen, droop men af. Zoiets is me thuis nu werkelijk nog nooit gelukt en in het geval van McDonalds heb ik de hoop ook lang geleden laten varen. Ik was dan ook verbaasd dat ik gewonnen had.

Geheel toevallig, maar niet geheel ongelegen kwam er een uur of twee daarna een mailtje van het opperhoofd in Zweden dat er beter op de kosten gelet moet worden. Daar hou ik van, zulke mailtjes. Ze komen wel altijd nadat het kwaad al is geschied, maar goed, je kunt niet alles hebben. Vlak daarvoor was er van het zelfde adres al een mailtje gekomen dat de omzet omhoog moest. Knap hè, zulke strategische inzichten? En dat ik gewoon dezelfde visie heb. Ik eindig nog een keer als CEO hier.

Het laten varen principe

Ik ben benieuwd welke principes ik nog heb, als ik 65 aan mijn pensioen toe ben. Vroeger, toen ik me dat nog kon veroorloven had ik heel veel principes, maar ik moet ze langzaam laten gaan. De oorzaak is voornamelijk mijn werk en dan vooral de inkomsten die dat genereert. Ik schaam me een beetje om het te zeggen, maar als ik tien miljoen op de bank had kon ik me veroorloven om er hele andere meningen op na te houden. Ik moet op mijn werk bijvoorbeeld veel Engelse termen gebruiken tegen mijn Nederlandse collega’s, anders begrijpen ze me niet. Terwijl ik toch een voorvechter ben van het gebruik van Hare Majesteit’s Nederlands. Dus geen kids, maar kinderen en geen shoppen maar boodschappen doen. Ander voorbeeld, morgen loop ik rond op een event van ons bedrijf. Normaal zou ik daar erg tegenaan schoppen, nu heb ik dat amper gedaan. Goed, ik heb me openlijk afgevraagd of zo’n event de kosten wel waard is, maar vroeger zou ik toch luidkeels geprotesteerd hebben tegen zoveel verspilling voor een event waar niemand vrijwillig heen komt, maar waar de bezoekers werkelijk gesmeekt moesten worden om de zaal op te komen vullen, om de aanwezige sprekers niet in verlegenheid te brengen. Nu ga ik er braaf heen en voer morgen mijn beleefdheidsgesprekjes. Het dieselstation-principe heb ik kort na de geboorte van Hans al laten varen, maar waar gaat dit eindigen? Rij ik ooit in een Volkswagen?

Leidinggevende m/v

Linda is een paar dagen op vakantie. Italië is de bestemming. Samen met vijf vriendinnen waarvan er één haar veertigste verjaardag gaat vieren, en waardoor dit hele idee ontstaan is. Nu laat ze mij volledig verzorgd achter, en heeft ze dagen stress gehad om vijf dagen te ontstressen. Maar nu moet alles maar eens meezitten voor haar. Het weer wordt volgens de voorspellingen goed, dus het gaat er nu om dat ze niks meer hoeft als ze er is. Vaak heeft ze het over even weg bij de kinderen (en mij, want ik ben ook een kind) om een paar dagen niet constant “mama” te horen. En nu is het dan zo ver. Ze gaat vijf dagen met een boek op een stretcher liggen en ze hoeft niks te doen. Dus als het goed is komt ze als een Zenboeddhist terug.

Mannen in een gezin hebben het in bepaalde opzichten maar makkelijk. Maar misschien is het niet overal zo dat de vrouw automatisch de leiding neemt als het om de familie-bv gaat. Ik hoef eigenlijk nergens over na te denken, ik stap ’s ochtends in mijn auto, rij naar mijn werk en begin dan pas te denken. De rest is geregeld. De emancipatiebeweging heeft geen bal bereikt. Het lijkt alsof er veel is bereikt, maar in feite is dat niet zo. Deed een vrouw vroeger uitsluitend de uitvoerende taken in het huishouden, nu doet ze de uitvoerende én de leidinggevende taken van het huishouden. Daarbij heeft ze vaak ook nog een parttime baan. Eigenlijk heeft ze het alleen maar drukker gekregen. Want we weten allemaal dat de leidinggevende beroepen de zwaarste verantwoordelijkheden met zich mee brengen, en als je voor een leidinggevende functie ook nog eens niet betaald wordt, is dat helemaal onmenselijk. Normaliter moet ik geinstrueerd worden over het huishouden, en geheel gedachteloos voer ik mijn taak uit. De man zorgt op een of andere manier altijd dat hij de dans ontspringt, en hij komt er mee weg ook. Bij leeuwen is het makkelijk te verklaren. Het mannetje doet niks, in ruil voor het zorgen voor nageslacht. De leeuw heeft het het beste voor elkaar van alle levende wezens, maar ook de man scoort niet slecht. In ruil voor inkomen en een paar uitvoerende huishoudelijke taken, doet hij nog steeds niks. Want laten we eerlijk zijn, werken is toch een beetje hobbyen.

Maar goed, de komende vijf dagen heeft ze me toch even mooi te pakken. Maar het is haar gegund. Maar weer kan ik niet bewijzen voor een vrouw niet onder te doen, want de kinderen zijn tot vrijdag bij oma. Heeft ze geregeld.

Berlijn

Morgen vertrek ik voor een paar dagen naar Berlijn, volgens Wikipedia na Londen de grootste stad van Europa. De meeste mensen zeggen: “hè, vervelend” waarmee ze bedoelen dat ze dat ook wel zouden willen. Ik ben een van de weinigen die het echt vervelend vindt. Ik heb angst voor het onbekende, voor een paar dagen van huis zijn en voor het optrekken met onbekenden. Maar goed, ik zie het nut er ook wel weer van in, als het goed is ga ik het een en ander opsteken van mijn wereldwijde collega’s.

Een keer per jaar wordt de controllers-conference gehouden. Dat is net acceptabel vind ik. Sommige collega’s zitten twee keer per maand in het buitenland, maar dat is mij niet gezien. Ik ben nu al blij dat ik met de trein kan en dat ik niet in zo’n ellendig vliegtuig hoef. Het is natuurlijk allemaal een kwestie van drempelvrees en van vaak doen, maar aan de andere kant: die gezichtjes van mijn kinderen mis ik liever geen dag. Dat van Linda ook niet, maar dat is helaas niet wederzijds. Zij gaat er van genieten dat ik weg ben, zegt ze. Want ik schijn nooit weg te zijn. Op zolder zitten telt kennelijk niet.

Voor vrouwen schijnt dat heel normaal te zijn, zo’n uitspraak. Terwijl een man zoiets nooit zou zeggen. Als ik terugkom (áls ik terugkom) gaat Linda vlak daarna naar Italië. Denkt u dat er in mij één DNA string is die daarvan gaat genieten? Neen. Dat wordt afzien, en afwisselend naar haar foto en de klok kijken. Ja, zo zijn mannen. Veel meer begaan.