In memoriam

Ik kreeg een foto toegestuurd van een soldaat van het 45e pantserinfanteriebataljon, de compagnie waar Hans ook zit. De naam van de soldaat is leesbaar op zijn borst, hij imponeert met z’n baret en z’n uniform. Hij heeft de mooie kaaklijn van een jongeman in de kracht van zijn leven, zijn hoofd is licht naar links gedraaid, zijn ogen kijken opzij en slaan duidelijk iets gade. Wat, blijft onbekend. Zijn uitdrukking lijkt licht zorgelijk, de foto maakt indruk op mij. Misschien omdat hij op Hans lijkt.

Hans schrijft dat ze de jongen vandaag herdachten. Hij is drie jaar geleden overleden aan een hersentumor. Het begon met hoofdpijn die niet meer wegging.

Drie weken geleden overleed mijn neef, 61, ook aan een hersentumor. Ik heb hem voor het laatst gezien ergens midden jaren negentig, toen emigreerde hij naar Amerika. Ik heb vroeger bij hem gelogeerd, maar we hadden geen contact meer. Totdat hij me een halfjaar geleden op Facebook zocht. Hij was al ziek en het was duidelijk dat hij z’n familie zocht in de laatste fase van zijn leven. Hij begon een studie sterrenkunde, maar veranderde naar informatica. Daarna is hij geëmigreerd en heeft een goed leven opgebouwd. Maar zijn berichtjes zaten al vol taalfouten. Nederlands lukte al helemaal niet meer. Hij is snel na z’n overlijden gecremeerd en een paar dagen geleden was er een herdenkingsdienst. Zijn moeder (91) en broer konden niet bij hem zijn. Zo ga je dan uitermate triest dood. Natuurlijk had hij daar z’n geliefden, maar toch, een vreemd idee.

Ik had al twee keer eerder een poging gedaan om over hem te schrijven, want hij was een goede man. Zachtaardig en dankbaar, dat sprak uit zijn berichten en zo herinner ik me hem ook. En nu herdenk ik hem samen met de onbekende soldaat. Rust in vrede, alletwee.

We hebben niks geleerd.

Ik las laatst in de krant, dus dan is het zo, dat Nederland vol zit bij twintig miljoen mensen. Nu heb ik alleen de kop gelezen want ik weet dat dat complete onzin is. Sterker, de complete wereldbevolking past in de provincies Friesland en Groningen en dan is de rest zo leeg als een fles op de emballageafdeling. Dus je moet niet alles geloven wat je leest. Maar ook niet wat je ziet. Of wat je hoort.

In de Tweede Wereldoorlog waren we met tien miljoen mensen al het dichtstbevolkte land ter wereld. Toen zaten we al stampvol. Tot overmaat van ramp vond er massa-imigratie uit Duitsland plaats. En die vroegen echt niet netjes asiel aan, zoals het hoort. Welnee, die pikten gewoon de beste huizen voor zichzelf in, bezetten de mooiste stukken land om er hun kamp op te slaan, om nog maar te zwijgen over het strand. Als je in die tijd naar het strand wilde, waren alle strandstoelen al gereserveerd met een Duitse handdoek. En overal kuilen. Je wilde er als Nederlander niet eens meer zijn.

Nu werd er in die tijd wel genoeg gedaan om de overbevolking tegen te gaan. Bombardementen, transporten, uithongering, het was uiterst effectief. Niemand klaagde over de overbevolking. Tenminste, men had het niet goed in de gaten. Er was namelijk genoeg te eten in de hongerwinter, alleen waren er teveel mensen voor het beschikbare voedsel. En dus werd er gezegd dat er een tekort aan voedsel was in plaats van het echte probleem, de overbevolking, te benoemen.

En nu zijn we met 18 miljoen, en absoluut en relatief zijn er veel minder Duitsers, maar is er een enorm voedseloverschot. Pas bij 20 miljoen mensen gooien we niks meer weg. Eigenlijk komen we dus inwoners tekort. En in plaats dat we dat gewoon toegeven, zeggen we dat we een voedseloverschot is. Dus in plaats van het werkelijke probleem te benoemen, kijken we net als in de oorlog, eenzijdig naar de hoeveelheid voedsel. Hebben we dan niks geleerd?

Snob

Ik geloof dat ze Emily heet, deze best leuke dj van radio 2. Jaarlijks zien we haar als medepresentatrice van de top-2000 en vanavond kwam ze uitleg geven over de juist bekend gemaakte top 10. Die geheel waardeloos is trouwens. Maar volgens Emily mag je geen muzieksnob zijn en moet je gewoon op Nederlandse feestmuziek stemmen als je dat mooi vindt. Juist ja.

Nou, ik ben het bepaald niet met Emily eens. Het gaat hier om de top-2000. In 1999 was het een sensatie. De 2000 beste platen ooit gemaakt zouden erin komen. En die stonden er ook in! Goed, misschien niet in de goede volgorde, maar mensen hadden de bedoeling begrepen.

Nu gaat het anders. Er zijn lobby’s om een bepaald nummer hoog te krijgen, er zijn mensen die maken meerdere accounts aan om vaker te kunnen stemmen en zo dus het hele beeld vertroebelen. Er zijn mensen die niet weten wie Roy Orbison was en toch stemmen! Het gaat erom, duffe eikels, dat we een overzicht van de 2000 mooiste platen ooit krijgen! Het gaat er niet om dat Engelbewaarder van die patjakker erin komt! Waarom snappen mensen dat niet?

Fix you van Coldplay op 2! Waar slaat dat op? Coldplay, hoe goed ik ze ook vind, hoort helemaal niet in de top 10 voor te komen. En Dany Vera zeg, donder eens op! Mooi nummer hoor, maar ergens rond nummer 800 was ook goed geweest. En dan schijnt er ook nog een lobby te zijn geweest voor een overleden vrouw die een bepaald nummer mooi vond en dat heeft nu de top 10 gehaald! Maar dat is niet de bedoeling van de lijst!

En dan ben ik nog niet eens een snob. Want mijn nummers liggen gewoon goed in het gehoor. En vaak zijn het grote hits geweest. Een echte snob stemt op onbekende nummers en deelt die lijst met iedereen om te laten zien hoe een snob hij is. Maar ik vind dat als je 35 nummers mag kiezen voor de top 2000 dat je daar over moet nadenken. En niet dat je in gedachten die handjes in de lucht gooit en je op een slecht feest waant. Ik pleit dan ook om de top 2000 anders te gaan doen. Wereldwijde stemming, zodat echt de beste platen erin komen. En dat flauwekul geen kans meer krijgt. Goed, dan gaan we nu verder met nummer 11, de op tien na beste plaat ooit gemaakt, dus beter dan “Yesterday”, Engelbewaarder van Marco Schuitmaker!

Eus is een held.

Van alle nog levende columnisten lees ik Ozçan (Eus) het liefst. Ik ben het vrijwel altijd met hem eens, ik ben onder de indruk van zijn woordenschat en van zijn kennis van politiek. Hij heeft onderkoelde humor die lichtjes doorsijpelt in zijn stukjes. Ik moet vaak glimlachen om de feiten die hij fijntjes achterhaalt als iemand loopt te raaskallen.

Vanochtend schreef hij over de PVV staatssecretaris van justitie die gevangenen eerder vrij ging laten wegens gebrek aan cellen. Eus haalde het verkiezingsprogramma van de PVV er nog even bij.

Een strenger gevangenisregime waarbij boeven een streepjespak aanmoeten. Een soberder inrichting, en straffen moeten volledig uitgezeten worden. Geen vervroegde vrijlating meer. Juist ja. Daar hadden de mensen op gestemd. Populisten struikelden wel vaker over feiten als ze in de echte wereld moesten opereren. De partij van de vrijheid, schreef hij uiterst lollig. Ik vond het grappig.

Resurrectie.

Zondag, op een onmogelijk moment kwam de kat mauwend binnen. Ze had een muis, terwijl ik de koelkastdeur probeerde te repareren. Ik pakte de muis met mijn zakdoek en legde hem in de veranda. Soms houden ze zich dood, of zijn ze even buiten westen, en smeren ze hem later weer. Maar toen ik terug binnen was zag ik aan de bloedvlek in mijn zakdoek dat dat ijdele hoop was.

Maandag ging ik kijken, maar de muis lag er nog. Dood als een pier. Dinsdag, vergeten weg te halen, morsdood nog steeds. Woensdag, muis weg. Mijn medebewoners hadden de muis niet weggehaald, dus waarschijnlijk heeft de kat hem weer gevonden en meegenomen. Of, het was een door God gezonden muis die alle zonden van de muisheid op zich heeft genomen en die moest sterven. En die na drie dagen opstond uit zijn graf. Dat kan natuurlijk ook. Want een kat die een dode muis vangt, daar heb ik nog nooit van gehoord.

De machtigste man ter wereld

Natuurlijk verleent Biden zijn zoon gratie. Hij heeft de verkiezingen verloren dus dit zou ik ook nog even snel doen. En waarom niet? Trump gaat straks gratie verlenen aan een aantal coupplegers, maar die hebben al gezeten en hun stoelgang zal nooit meer hetzelfde zijn. Laatst gaf Biden al toestemming om Rusland aan te vallen met Amerikaanse raketten. Allemaal dingen die hij snel nog even kan doen. Hij heeft nog een maand, die oude Joe. Nog even lekker rebellen. Nog even de republikeinen jennen.

De Verenigde Staten zijn een democratische republiek. Dat houdt in dat iemand die zich verkiesbaar stelt, het presidentschap kan kopen. Moet je wel veel geld hebben, maar dat zit meestal wel goed. Degene met het meeste geld wint. Deze keer was dat Elon Musk, die tegenwoordig een stuk rijker is dan Bill Gates. Maar als het je gelukt is, dan mag je je de machtigste man ter wereld noemen. Tijdelijk dan. En relatief. Qua macht kom je niet in de buurt bij Julius Cesar. Of bij John de Mol. Om over de almachtige nog maar te zwijgen.

Want als ik de machtigste man ter wereld was, dan zou ik ook in m’n eentje dingen willen kunnen beslissen, zoals een goed dictator betaamt. Dan zou ik ook gewoon blijven zitten waar ik zat. Niks machtsoverdracht. Dan zou ik Trump laten opsluiten in Guantanamo Bay. Poetin doet dat wel met z’n politieke tegenstanders. Om nog maar te zwijgen van Kim Yung Un, die heeft niet eens politieke tegenstanders. Dat lijkt er tenminste een beetje op. En uiteindelijk is Kim Yung Un een stuk machtiger dan Joe Biden, aldus een kannibalenstam uit West Afrika. Zij kunnen het weten.

Impertinente vraag

Welke twee dingen draag je het liefst?

Dat zullen toch mijn testikels zijn. Ja sorry, maar dat is het juiste antwoord. Stel dat ik die niet meer draag, nee, daar zou ik niet blij van worden. Goed, als dit niet meetelt, dan zullen het de borsten van m’n vrouw zijn. Die draag ik het liefst. Tenminste, vroeger. Dan ging ik achter haar staan en, nou ja, laat ook maar. Waarom stelt WordPress zulke vragen?

Ok, ik heb even gekeken bij mijn medebloggers, maar het schijnt hier om kledingstukken te gaan. Nou, dan draag ik het liefst een onderbroek. Ik voel me heel ongemakkelijk zonder. En als tweede, dat ligt er volledig aan of het zomer of winter is. In de zomer kies ik voor een korte broek, in de winter voor een skipak. Puur om te overleven.

Stel nu dat ze bedoelen, welke twee kledingstukken draag je het liefst, vooropgesteld dat je meer dan twee kledingstukken mag dragen, en dat je geen rekening hoeft te houden met extreme weersomstandigheden, maar dat lijkt me onwaarschijnlijk, dan zou ik zeggen, een spijkerbroek en een poloshirt. Wel net gewassen en gestreken, anders wordt het een zootje. Of, zoals Don Johnson, een t-shirt onder m’n colbertje en schoenen zonder sokken. Nou ja, niet dat ik dat ooit gedragen heb, want dan moet je wel een enorme gladjakker zijn, maar bij Don Johnson was het stoer. Die witte Testarossa zou mij trouwens wel beeldig gestaan hebben.

Sta niet zo dichtbij!

Ik ontdekte vanochtend iets, veertig jaar te laat zoals wel vaker, maar het hield me bezig. Het is iets onbeduidends voor u, maar voor mij vielen ineens stukjes op hun plaats. Ik zal eerst een klein tipje van de sluier oplichten.

“Dat werkt zo niet, dat is hoe je het doet, misschien krijg je een pistool op je vinger, misschien een pistool op je duim. Wij hebben films, koelkasten, wij hebben films, kleurentelevisies. En wat is dat? Waarom die geluiden?”

En nu in het Engels: “that ain’t working, that’s the way you do it, maybe you get a pistol on your little finger, maybe get a pistol on your thumb. We got the movies, refrigerators , we got the movies, color teevees. And what’s that? Why these noises? “

Ik maakt er natuurlijk een zooitje van, u zult het ondertussen wel herkend hebben, maar dit is hoe ik “Money for Nothing” van The Dire Straits meezong. Ik maakte me zoals gewoonlijk niet druk over de tekst. Maar vanochtend werd mij duidelijk hoe deze vreemde tekst bij dit geweldige nummer in elkaar stak.

Mark Knopfler, leadzanger en gitarist, was begin jaren tachtig in New York, bij een keukenboer. Er was een hele muur met televisies die allemaal afgestemd waren op MTV. Een van de werknemers daar zag dat en begon het op z’n New Yorks te becommentariëren en Mark Knopfler schreef snel op wat de man (bonehead) zei.

Kijk die idioten nu, dus zo doe je dat, je speelt gitaar op MTV. Dat is geen werken, dus zo doe je dat, je krijgt geld voor niks doen, en gratis mooie meiden erbij.

Ik zal je zeggen, die gasten zijn niet dom. Misschien krijgen ze een blaar op hun pink, of misschien wel op hun duim. Wij moeten magnetrons installeren, op maat gemaakte keukenapparatuur. Wij moeten deze koelkasten verplaatsen, wij moeten deze kleurentelevisies verplaatsen.

Zie dan, die flikker met z’n oorbel en z’n make-up, ja man, dat is z’n eigen haar. Die kleine flikker heeft z’n eigen vliegtuig, die kleine flikker is miljonair.

Ik had zelf gitaar moeten leren spelen, ik had zelf drummer moeten worden. Kijk die meid nou, de hele tijd in beeld. En hij daarboven in beeld, wat is dat, Hawaiaanse geluiden? Hij slaat op die bongo’s als een chimpansee.

Ik liet de hond uit en mompelde de nieuw geleerde teksten. En ik vond het briljant. Een working-class hero uit Amerika, een macho, nog ver voor de woke tijd, levert commentaar op die makkelijk verdienende artiesten op MTV. Zou hij nog leven? Zou hij weten dat het lied door hem is ontstaan? En over wie had hij het? “I want my MTV” was een slogan die op MTV te zien was en begeleid werd door een clip van the Police, “don’t stand so close to me.” Ik heb me nooit gerealiseerd dat : I want my MTV” hetzelfde klinkt als “Don’t stand so close to me.” Nu weet u ook wat Sting in dit nummer doet. En ook leuk, door dat zinnetje vond het management van Sting het nodig om de mede-rechten voor het nummer op te eisen. Money for nothing, geschreven door Mark Knopfler en Sting. Ik ga hier op stemmen voor de Top-2000.

Aanvoegende wijs.

Ik begrijp dus dat algoritmes op mij worden toegepast. Niks nieuws, want ik wist ook wel dat als ik een advertentie van een schaars geklede dame zie dat dat komt omdat een computer in de gaten heeft dat ik net iets langer naar zo’n filmpje kijk dan gewoonlijk. Nou ja, net iets langer, ik kijk het hele filmpje uit om te zien of het arme wicht ook nog ontnomen wordt wat ze al bijna niet heeft.

Maar wat ik dus niet wist is dat ik in de discussies over gevoelige onderwerpen, juist die meningen te zien krijg die mij het meest irriteren. “De wolf hoort hier niet!” Daar klik ik dan meestal op om te kijken met welke boer ik te maken heb, en zet daar vaak een gevatte reactie onder. Het algoritme heeft zijn werk gedaan en zorgt dat ik zolang mogelijk blijf scrollen in die discussie. Waarom weet ik niet, maar alleen al het besef dat een algoritme mijn doen en laten bepaalt, zorgt dat ik op scherp kom te staan.

Nu kun je makkelijk roepen dat als je geen Facebook hebt, je er ook geen last van hebt, maar ik heb wel Facebook en ik wil er niet vanaf. En al zou ik het willen, dan lukt het niet. Een moment van zwakte en je opzegging wordt ongedaan gemaakt.

Maar daar gaat het allemaal niet over. Het gaat erom dat iemand, of meerdere iemanden, bedacht hebben dat het een goed idee is om mij te irriteren. Mijn leven nog moeilijker te maken dan ik het uit mezelf al maak. In plaats van mij reacties te tonen die mij weer vertrouwen in de mensheid geven. Nee, bewust mijn leven tot een vagevuur maken. Denk daar eens even over na zeg! De sadisten! De teringlijers! Nou, ik ga me hier tegen wapenen. Voortaan als ik weer een reactie zie die mij irriteert, ga ik die liken. (Dus niet likken, voor mijn dyslectische lezeres.) En daarmee breng ik dat hele algoritme in de war. En irriteer ik de evil-bedenkers ervan. Moge hun balzakken openscheuren en hun ballen de riolering in stuiteren!

De maan

Vroeger, toen Frankrijk nog ver was, gingen wij vaak op visite bij opa en oma. Zo één keer in de twee weken, eerst naar de ene opa en oma, en daarna naar de andere, waar meestal nog wel een oom en tante zaten. Dan reden we ‘s avonds in het donker terug, en mijn broertje, mijn zusje en ik sliepen dan achterin. Ik sliep tussen de achterbank en de voorstoelen in, op de ruwe mat, maar dat hinderde mij niet. Maar soms sliep ik niet en zag ik de maan. De maan bewoog met ons mee, soms stak hij zelfs de weg over want ik zag hem ineens aan de linkerkant, en hij baande zich een weg door de wolken. Mijn oma had mij een versje geleerd. “De maan is rond, de maan is rond, hij heeft twee ogen een neus en een mond.” En als je goed keek zag je z’n gezicht ook. Later ging ik ook de donkere kant van de maan zien. Tenminste, dat verbeelde ik me waarschijnlijk, maar ik zag de zwarte achterkant die niet verlicht werd.

Afgelopen dinsdag had ik een “Christmas event” op mijn werk, wat nog minder met kerst te maken had dan Carnaval met Staphorst. Na afloop reed ik naar huis en ik zag de maan. Hij vergezelde me tijdens de rit, ik zag hem zich ijverig een weg banen door de wolken en soms stak hij de snelweg over. Hij had nog steeds datzelfde gezicht. Ik dacht aan vroeger en aan vandaag, want de maan is niet veranderd en gaat dat ook niet doen. Hij is altijd met dezelfde kant naar ons gericht zodat we altijd z’n bekende gezicht zien. De maan is een mooie hangende bol in de lucht waar ik graag naar kijk. Hij staat hier maar één lichtseconde vandaan. Iedereen kan hem zien, gratis en voor niks. En als wij er niet meer zijn is de maan er nog steeds. Hij raakt wel lichtjes uit z’n koers en hij verwijdert zich van ons vandaan. Drie centimeter per jaar of zo, dus we kunnen voorlopig nog vooruit.