Mensheid

Het probleem Trump bestaat alleen in mijn hoofd. Hij is niet mijn president, ik ken hem niet, ik zal hem nooit ontmoeten en toch zie ik hem als probleem. Terwijl anderen hem als oplossing zien. Wat opmerkelijk is omdat de eerste termijn ook op niets uitliep, behalve dat we 30.000 leugens verder zijn. Gemiddeld 21 fabels per dag werden er door de president verteld, en triest genoeg had de meerderheid van de stemmers dat niet in de gaten of maakte het ze niet uit. Of ze waren Elon Musk, en hadden baat bij die leugens en omarmden ze dientengevolge.

Als ik het probleem Trump in mijn hoofd oplos door middel van een revolutie en een schavot, of door een aanslag en een complot, dan is er nog altijd die meerderheid. Ik kan er niet bij met mijn hoofd omdat ik zelf zo ideologisch ben om tijdens het stemmen niet aan mijn eigen portemonnee te denken, maar aan het welzijn van het land. Vroeger was het noodzakelijk om de welvaart op te krikken zodat welzijn in haar kielzog werd meegetrokken. Maar inmiddels is de boeggolf van de welvaart zo hoog dat het welzijn ver achterblijft of zelfs remmend werkt. Welvaart wordt naar mijn mening overschat en leidt tot de overspannen situatie waarin we nu verkeren. Er zijn steeds meer verwarde mensen, ook in de politiek, mensen die denken dat ze hun rijkdom hebben bereikt met hard werken en niet willen delen, die geen belasting willen betalen zonder erover na te denken wat daar de gevolgen van zullen zijn, en sowieso mensen die geloven dat ze tot een verheven soort behoren die net wat belangrijker is en voor wie net iets minder regels zouden moeten gelden dan voor anderen.

De oplossing? Die is er niet. Stel je voor zeg! Geen landen, geen bezittingen, geen religie alleen maar mensen die als eenheid leven. Het idee! Nee, zo zit de mensheid niet in elkaar. De duivel mag dan letterlijk niet meer bestaan, zijn verleiding bestaat nog steeds. En het vlees biedt geen weerstand en verzamelt schatten op aarde in het vertrouwen dat die wel beschermd zullen worden door de rechtsstaat. Wat op zeker moment wel fout moet gaan…

Freak

Een poos geleden, ik was het alweer vergeten, kwam ik op een parkeerplaats in het bos een wat vreemde man tegen. Ik kende de man, hij was onze oude verwijfde badmeester, of hij leek erop. Hij sprak iedereen aan op ongewenst gedrag en deed dat op verwijfde doch strenge toon. Eigenlijk durfde je niet tegen hem in te gaan.

Hij fietste voorbij maar toen hij me zag stapte hij af en bleef op een afstandje staan kijken. Ik denk dat hij zijn oude beroep weer wilde oppakken en mij ergens op wilde aanspreken. Maar ik deed niet zoveel fout op dat moment. Hij wachtte tot ik de hond achterin de auto had en totdat ik wegreed. Ik weet dat ik het nogal vreemd vond, maar dacht er verder niet meer over na.

Gisteren, ik loop met de hond en zie hem ergens de stoep vegen. Ik groet hem maar hij zegt niks terug. Hij stopt met vegen en kijkt me aan maar ik sla er geen acht op en loop verder. Ik ga de hoek om, een steegje in dat uitkomt op een parkeerplaats waar vaak een busje staat dat loeistrak langs de muur staat geparkeerd. De rechterbuitenspiegel heeft ongeveer nog een centimeter speling tot de muur en ik vraag mij af hoe de bestuurder dat toch elke keer weer voor elkaar krijgt. Als ik het busje voorbij ben kijk ik om naar de spiegel maar zie in het steegje de zonderlinge man weer staan. Hij staat me na te kijken, zijn bezem in zijn handen, alsof hij zeker wil weten dat ik verdwijn en geen rottigheid uithaal. Of dat de hond niet op straat poept of zo.

Het heeft best iets engs, deze man die mij in de gaten houdt. Nou ja, in een film zou het eng zijn. Maar ondanks dat hij er normaal uitziet moet hij iets mankeren denk ik. Of hij heeft informatie over mij van vroeger die ik zelf vergeten ben. Dat ik een gluiperd was die de meisjes bespiedde of zo. En dat hij me het zwembad heeft uitgezet. En dat hij me wil laten weten dat hij me niet vergeten is. Nou, ik jou ook niet, Freak.

Jaren tachtig revival

Ik liep donderdag in het hondenuitlaatgebied waar een man, vrouw en drie honden mij naderden. In het voorbijgaan zegt de man: “hee, dat is lang geleden!” Ik draai me om en ik herken hem. Een jongen uit de buurt waar ik mee omging toen ik achttien was. Hij was iets ouder en had een motor, waar ik nog wel eens mee gevallen ben omdat ik over gladde bladeren reed. Het was een lichte schuiver, maar ik had nog jarenlang de sporen op mijn dij staan. Ik heb hem in de jaren tachtig voor het laatst gezien maar hij blijkt één straat verder te wonen. Wel een lange straat, maar toch.

Gisteren kreeg ik een bericht via LinkedIn van mijn oude buurjongen. We kwamen allebei in 1983 in Vaassen wonen en hij verhuisde in 1987 weer. In die tijd maakten we veel mee, we liepen over het dak naar elkaars kamer. Hij ging naar Groningen en ik heb hem nooit meer gezien of gehoord. Nou ja, tien jaar terug, ook via LinkedIn , en vorige maand. Maar nu was hij in de buurt en is vandaag langsgeweest met zijn dochter. 37 jaar geleden zag ik hem voor het laatst, en nu zat hij bij ons in de huiskamer, wat voor hem ook herkenning was aangezien hij in net zo’n huis woonde.

Zo zie je ze nooit, zo zie je er in drie dagen twee.

Te gek, Mike!

De nieuwe CEO legde zijn strategische plannen voor 2025 uit. Het viel me op hoe gewiekst die mannen zijn. Met abstracties die niet te controleren vallen, veranderen ze de complete werkwijze die altijd gewerkt heeft. Ze gaan zo gedetailleerd in op hun abstracties dat het bijna concreet lijkt. Maar dat is het niet. Ze zeggen dat het die kant op moet om meer geld te kunnen verdienen, en dat gaat hoe dan ook gebeuren. Zelfs als het niet gebeurt, gaat het toch zo gedraaid worden dat het wel gebeurde, en iedereen het ermee eens is. Of beter, niemand die gaat zeggen dat hij het er niet mee eens is. Ik herken de tactiek. Talentvolle mensen, dat moet gezegd worden. Ik ben vooral onder de indruk van de hoeveelheid afkortingen die ze kennen.

Gedurende de sessie worden er in zijn presentatie quotes van Darwin en Indiaase goeroe in beeld gebracht. Die laatste kende ik niet en de quote ben ik ook vergeten. Maar op het scherm zie ik wel allemaal hartjes en applaudisserende handjes door het beeld vliegen. Het zijn de ingelogde salesmensen die die waardering geven voor deze briljante CEO die Darwin citeert. Ik zie zelfs dat één van de hartjes van mijn Nederlandse salescollega komt. Wat ik denk laat zich raden.

Tijdens de Q & A (ik ken ook afkortingen) vallen de Amerikanen over elkaar heen om een vraag te mogen stellen. Een zekere Jennifer die ook in beeld is, controleert het geheel en laat degenen die hun virtuele hand opstaken één voor één aan het woord. Er komt een Dave van Sales aan het woord die de CEO bedankt en dan zijn vraag stelt. Thank you Mike, I love the changes you announced. (M.a.w. ik vond ook al jaren dat het anders moest) Vervolgens gaat Dave veel te diep in op zijn persoonlijke ervaring met de klant, wat mij persoonlijk echt geen reet interesseert maar Mike begon zijn antwoord met: I love your passion, Dave.

Ik vind het buitengewoon knap geacteerd allemaal. Ik vind eigenlijk dat hier Oscarnominaties aan te pas moeten komen. En ook dat ze geen braakneigingen van zichzelf krijgen, mag een medisch wonder heten. Ik ben een Nederlander, en ben wars van dit soort fratsen. Ik krijg er stuiptrekkingen van. Ik zou heel graag op LinkedIn willen om zoveel mogelijk dom te zwetsen daar. Maar dan express. Maar daar wacht ik nog maar even mee, zo principieel ben ik nu ook weer niet dat ik daar morgen al mee begin. Als ik met pensioen ben ga ik dat doen, de boel daar af fikken. Laatst kreeg ik al een “ happy Monday” wens. Geen idee wat dat betekent maar ik zei maar terug; Happy Monday to you and your loved ones! Als we toch dom gaan doen…

Herinneringen aan records.

In mijn leven heb ik veel meegemaakt. Mijn vroegste herinnering is uit 1972, nog geen drie jaar oud. Daarna ging het snel en inmiddels zit mijn hoofd vol met herinneringen. Zoals die keer dat ik sliep in mijn flatje en het bovenlichtje open had en ik midden in de nacht wakker werd van de kou. Het was ergens in de jaren negentig en Groningen rapporteerde minus 20 graden. Ik deed het bovenlichtje dicht en zette de verwarming iets verder open en ik voelde mij volmaakt gelukkig. Ik had een warm en schoon bed en buiten vroor het streng. Meer was er niet nodig.

Nog steeds doe ik het goed op extreme weersomstandigheden. Voor Nederlandse begrippen dan. Helaas komt extreem weer steeds minder vaak voor al was ons dat wel beloofd. Het warmt op, maar op een manier waar je niks aan hebt, in de winter is het 2 graden boven nul en van de zomer worden we ook al niet vrolijk met soms 19 graden in juli. Dat ga je ook niet onthouden. Je wilt records, al was het maar om ze meegemaakt te hebben. En niet het record van warmste jaar ooit zoals 2024 was, want dat zat hem vooral in de winter. Het was niet zo dat de mussen van het dak vielen.

Niet zo lang geleden sneuvelde het hitterecord in Nederland, dat al stond sinds 1944, destijds gevestigd in Warnsveld. Heel mijn leven was dat een zekerheid, warmer dan die 38,6 graden van toen zou het hier nooit meer worden. Ik kende het record uit mijn hoofd al was het maar om moedertjes die claimden dat het in hun achtertuin boven de veertig graden was, het hoofd te bieden. Pas in 2019 kregen ze gelijk, het werd boven de veertig graden. Natuurlijk was ik op vakantie en maakte het niet mee. In Zuid-Frankrijk werd het slechts 37 graden die dag. Weer geen record meegemaakt.

We hebben verder nog de ijzel in de straten in 1978, de Elfstedentochten van 1985 en 1986, de februaristorm van 1990, de hoogwaterstanden van 1995, de sneeuwbom op de Veluwe van 2005 en natuurlijk de nachtvorst van gisteren. Als ik het goed heb wel -2 op sommige plekken.

Herstelde link.

Ik heb een nieuwe laptop in gebruik omdat de pc die ik ooit voor mijn verjaardag kreeg meldingen ging geven dat de Windows versie binnenkort niet meer ondersteund zou worden en ik niet kon upgraden naar het volgende raam, omdat de pc daar niet geschikt voor was. De nieuwe laptop is ook helemaal niet zo nieuw, maar net ietsje beter. Het omzetten van alle bestanden duurde een paar dagen, maar vandaag trok ik definitief de stekker uit de oude.

Onderwijl draaide ik oude cassettebandjes, en cassettebandjes zijn wat mij betreft nooit meer overtroffen. Ik heb er wel eens vaker over geschreven, maar een van die bandjes bevat een opname van Jetske van Staa, een radiopresentatrice die op 34-jarige leeftijd overleed. Op de opname die ik heb klinkt ze triest, ik kan het niet duiden. Ik vond op internet een andere opname van haar waar ze vrolijker klinkt. Maar op de mijne klinkt ze melancholisch , maar tegelijk prachtig. Of het nu komt omdat het 28 jaar geleden is en mij dat terugbrengt naar een vorig leven waar ik zelf nog jong was -ik was maar vijf jaar jonger dan zij- of omdat het komt dat ze er niet meer is en mij dat raakt, dat weet ik niet. Ik herkende haar stem niet meer, dus het klonk sowieso onwerkelijk.

Af en toe moet ik nog aan haar denken, aan deze vrouw met de prachtige radiostem die maar zo’n kort leven had. Er zijn twee fragmenten van haar die ik me herinner en van beide weet ik nog waar ik reed toen ik ze hoorde. En ik wist dat haar lievelingsnummer een nummer van the Stones was, maar ik was vergeten welke. Op de opname die ik op internet vond kwam ik erachter dat het “Memory Motel” was. Wat ook een van mijn favorieten van de Stones is. Dat zal haast wel geen toeval zijn, dat zal ik destijds hebben meegekregen maar in de loop der jaren was in mijn gedachten de link met Jetske verdwenen. Maar die is nu weer hersteld.

Hoop

Dat je bij een Amerikaans bedrijf door sales genaaid wordt, daar doe ik niet moeilijk over. Dat is eenmaal zo en ik heb dat geleerd. Maar dat je door je eigen baas genaaid wordt, daar raakt iemand met autistische trekjes zoals ik wel van van streek. Ik heb eerst beklag gedaan bij mijn directe baas, maar die wilde hier de strijd niet aangaan. En dat zou ook niks uitgehaald hebben maar daar ging het mij niet om. Het ging me erom dat we niet over onze kant moesten laten gaan dat we door onze eigen SVP, senior vice president, ik zie nu pas dat het een eigenaardige afkorting is, verraden worden aan de vijand. Dus hoe mijn directe baas mijn vragen ook ontweek, zij kwam er niet zo makkelijk mee weg. Op zijn minst zou ze moeten toegeven dat we genaaid waren en dat we het lieten gebeuren. Ik heb tien keer een mail geschreven aan meneer AUB, maar hem ook weer uitgewist, omdat ik mijn directe baas niet moet overrulen of voor het blok moet zetten. Bovendien wist ik dat ik het snel weer kwijt zou zijn, dat gevoel. Maar niet vandaag.

Zoiets werkt in mij door en vreet zich een baan door de hele wereld en raak ik compleet gefrustreerd door Elon Musk, door Donald Trump en door het grootkapitaal dat goed voor zichzelf zorgt. En nog meer door wat er allemaal mis is met de wereld waardoor bovengenoemde dwazen ongehinderd hun gang kunnen gaan. Hoe komt het nu dat niemand meer onder de indruk is van iets behalve van veel geld? Nederland is zo kapot gediscussieerd dat er niets meer is waar je nog voor zou willen vechten. Er is niets meer dat je nog bindt met het vaderland, en mocht het er wel zijn dan kan dat worden afgekocht met geld. Daar, achter de boekenkast, daar zit ze!

Gelukkig wordt mij regelmatig verteld dat ik gewoon jaloers ben en ik ook graag zoals Musk had willen zijn. Dat ik dan probeer om verdeeldheid te zaaien, landen kapot te maken omdat dat mijn techbedrijf daarvan zal profiteren. Ja, dat zie ik mezelf wel doen. Dan ga ik gerust mijn graf in.

Ik zag een quote van Jerdy Schouten, een jonge voetballer van PSV die zei dat hij het niet erg zou vinden om zijn hele carrière bij PSV te spelen. En dat is precies wat ik altijd roep. Waarom zou je, als je hier al miljoenen kunt verdienen, nog naar het buitenland gaan om het dubbele te verdienen? Kijk, als je een middelmatige voetballer bent zou ik het nog begrijpen. Maar Jerdy met de zijnen kan het Nederlandse voetbal een grote dienst bewijzen door hier te blijven. Zijn quote is een kleine stap in de goede richting. Hij had natuurlijk moeten zeggen: ik zou het een eer vinden als ik de rest van mijn carrière voor PSV mag spelen. Pas dan ga ik het weer rooskleuriger inzien voor de wereld.

De trechter

Besteed je meer tijd aan terugdenken aan het verleden of vooruitkijken naar de toekomst? Waarom?

Veel meer aan het terugdenken aan het verleden dan naar het vooruitkijken naar de toekomst. Misschien wel in de verhouding 100:1. Vroeger keek ik vaker naar de toekomst, maar toen had ik ook nog niet zoveel verleden. Bovendien was de toekomst nog iets wat alle kanten op kon, maar gedurende je reis door de trechter van het leven staat de richting waar je uit gaat komen steeds meer vast, namelijk daar waar de trechter heen wijst. Aan het begin van de trechter is er nog veel ruimte voor verschillende richtingen, maar dat is slechts schijn. Ook daar staat al vast waar je uit gaat komen, je bent immers al in de trechter.

Een van de stomste vragen uit de moderne geschiedenis van HRM was de vraag: waar zie je jezelf over vijf of tien jaar? De vragensteller mocht dan denken dat het een uiterst professionele vraag was, maar dat was het niet. Het was slechts een hype en je hoort hem ook steeds minder. De geïnterviewde verzon een antwoord dat de interviewer waarschijnlijk wilde horen en alles bleef zoals het was. De vraag had moeten zijn, “waar zat je vijf jaar geleden” zodat je door middel van de plaatsbepaling nu, en die van vijf jaar terug de lijn naar de toekomst kon trekken. Nou ja, lijn, meer een straal zonder kracht.

Wat ik bedoel te zeggen is dat het leven waarschijnlijk is voorbestemd en er geen vrije keuzes zijn. Dingen kunnen niet anders gaan dan dat ze gaan. Het was onvermijdelijk dat je nu hier zit te lezen, en niet ergens anders. Ze noemen het wel: in de sterren geschreven of predestinatie, maar het is gewoon de loop der dingen. De kwantummechanica, waarvan ik geen idee heb, zegt dat je onmogelijk tegelijkertijd de plaats en de snelheid van een deeltje kunt bepalen omdat de meting van de één de uitkomst van de ander beïnvloedt. Nou ja, zoiets. Het betekent gewoon dat de dingen gaan zoals ze gaan en als jij denkt een beslissing te maken, dan was dat al een gevolg van de situatie waarin je daarvoor verkeerde. Je kon geen andere beslissing maken. Al dacht je van wel.

Kortom, naar het verleden kijken is veel zinvoller dan naar de toekomst kijken omdat beide vastliggen, alleen in het geval van het verleden zijn plaats en snelheid van het deeltje bekend, maar doordat we die vastgelegd hebben, is het heden veranderd, en daarmee de toekomst. Dus ik doe maar wat, en ik doe dat zo goed mogelijk. Als je iets voorspelt dan is dat per definitie een juiste voorspelling. De voorspelling komt alleen niet uit doordat je vanwege de kwantummechanica de loop der dingen veranderde. Daar kun jij verder niks aan doen. Wonderlijk, dat wel.

Smalltown Boy.

We hebben hard gewerkt in onze vrije dagen, maar nu is het bijna klaar. Er is laminaat op zolder gelegd, er is een muur gesausd, (hoe werkt ‘t kofschip ook alweer) kinderen zijn van kamer gewisseld, ik heb twee kasten in elkaar gezet, twee bedden in elkaar gezet, een probleem met de wifi opgelost, het plafond in de badkamer schimmelvrij gemaakt, vier keer naar de stort gereden, en vandaag nog even 7 kilometer met de hond afgelegd. Kortom ik ben in topvorm.

Nu moet ik nog opruimen, maar daar trek ik mijn oude kleren niet meer voor aan. Dat doe ik morgen in alle rust. Het ging niet zonder slag of stoot, het ging met een vloek en een zucht, maar nu loop ik meerdere keren per dag naar zolder. Omdat de bergruimte nu een nette plek is met logeerbed in plaats van een milieustraat, maar vooral om die zolderkamer, waar Tammar nu slaapt. Het is echt een mooie kamer geworden, niet in de laatste plaats omdat het vroeger mijn kamer was. Niet letterlijk, omdat mijn kamer een straat verderop was en gespiegeld, maar verder hetzelfde.

Ik zei tegen Tammar hoe ik mijn kamer vroeger had ingericht, elke maand anders, en dat ik mijn bed had opgesloten achter twee kasten, van die kasten die bij het huis hoorden en die vroeger iedereen had. Van die vierkante blokken met een grote deur met een schuifje om hem op slot te doen. Aan de achterkant had ik posters hangen, zwart-wit, eentje van Marylin Monroe, en een andere van een soldaat die net dodelijk werd getroffen met het woord “why” erbij. Niet dat ik me daar echt druk over maakte, maar op die leeftijd moest je je ergens druk over maken.

Ik had een “playmate van de maand” poster, miss juni uit 1985, ze poseerde tegen een fiets en in die tijd hadden ze nog geen tondeuse. Ik had een stuk achterwand weggezaagd, (huurhuis) zodat ik een soort schuilkelder kreeg waarin ik me terug kon trekken. Het had een nauwe ingang waar ik nu niet meer in zou komen. Aan de andere kant van de kamer deed ik hetzelfde, ik had die kamer volledig uitgewoond. Ik had er een eettafel staan, een witte ronde met rode poten en rode stoelen, die kwam uit de keuken van mijn vorige ouderlijk huis. Als je de tafel op z’n zijkant kantelde had je een schild voor het sokkengevecht dat ik met een vriendje hield, hij aan de andere kant van de kamer en dan bekogelden we elkaar met een bol sokken. Het bureau van mijn vader dat in ons oude huis achter in de huiskamer stond hadden we zwart geverfd en stond nu bij het raam. Een metalen bolvormige lamp met een gebogen stang, ook al uit onze huiskamer van vroeger, hing aan de muur en diende als bureaulamp. Hij kon in een halve cirkel bewegen en de ijzeren bol kon goed heet worden. Ik had een petroleumkachel en hoe ik dat heb overleefd snap ik nog steeds niet. Ik kon het in elk geval bloedheet krijgen op mijn kamer, zelfs in de winters van 85 en 86. Ik had een Philips radio-cassetterecorder, gekocht bij de kijkshop in Arnhem voor 295 gulden, maar later kreeg ik een tweedehands stereoset. Als ik hem hard zette klonken de Dual speakers niet best, ze waren slechts zes watt, en ik zei tegen mijn vader dat het geluid kraste. Maar hij dacht dat de band kraste. Het was Bronski Beat met Smalltown Boy.

Een smalltown boy ben ik altijd gebleven, of beter, kon ik altijd blijven omdat ik eenmaal niet naar de grote stad gedwongen werd zoals Jimmy Somerville. Ik ben niet eens een man van een kleine stad, ik ben een dorpeling. Wel geboren in een grote stad, dus ik hang er altijd maar wat bij.

Gelukkig 2025!

Ik las mijn laatste logje van 2023 en ik moet concluderen dat nieuwjaarswensen ook je reinste flauwekul zijn. Tenminste, de mijne wel, want wereldwijd was het een kutjaar en persoonlijk eveneens. Ik flikkerde van mijn apenrots en ik kwam in een midlife crisis. Het duurde bijna een half jaar, ik was depressief en zag niet meer hoe ik eruit kon. Ik ging naar een psycholoog, nog steeds, en ik voel me stukken beter. Maar of ik eruit ben is de vraag. Waarschijnlijk is dit mijn lot. Ik zal nooit lang vrolijk zijn, omdat het leven eenmaal niet vrolijk is en ik daar steeds aan herinnerd word. Maar ik vraag me niet meer de hele meer af wat ik hier doe, dat doe ik alleen nog als ik eraan denk.

Een vriendin schreef me vandaag dat ik na dit leven niet meer terug hoef naar de aarde. Volgens mij bedoelde ze dat lief. Ik vroeg haar of zij in het bestuur zat, en dat beaamde ze. Ik mocht het niet verder vertellen, want ze had geen zin in hielenlikkers.

Nou ja, het was ook lief, er zijn lieve mensen en daar ga ik graag mee om. Dat helpt enorm. Ik moest ook nog denken aan een onbekende lezeres, die mij ooit mailde dat ze mijn weblog zo mooi vond, vooral de stukjes over mijn kinderen en hoe ik omging met het verlies van mijn vader op jonge leeftijd. Ze had zelf borstkanker en is op jonge leeftijd overleden. Ze was duidelijk op zoek naar perspectief voor haar kinderen die ze moest achterlaten. Ze schreef, hoe toevallig, dat was ik vergeten, dat ze bij bovengenoemde vriendin op school had gezeten. Ze heette Diana Vederzwaar, ik noem haar naam omdat ze dood is en niet vergeten moet worden.

2025, mijn vader is straks 40 jaar dood, en ik zie hem nog steeds gemakkelijk voor me. Ik hoor zijn stem nog, al zal dat waarschijnlijk niet kloppen met de werkelijkheid. Het is waarschijnlijk de oorzaak van hoe ik ben geworden. Lastig voor mezelf, maar ik hoef tenminste niet meer terug naar de aarde. 😉

Een gelukkig 2025! Tering! Maar echt!