Toen mijn rug nog toeliet dat ik badminton speelde werd ik met de regelmaat van de klok gevraagd om iets voor de club te doen. En meestal weigerde ik beleefd. Ik was ooit penningmeester bij een paardrijvereniging, en daar wilde ik het bij houden. Ik had helemaal niks met paarden, ik vind het maar over het paard getilde beesten met hun zogenaamde verheffing in de adelstand. Sommige mensen weigeren zelfs paardenvlees te eten omdat ze het zielig vinden, en kauwen ondertussen op een frikandel die je als je goed luistert, nog kan horen galopperen.
Badminton dus. Ik ben op badminton gegaan omdat ik vond dat ik ééns per week eens flink moest zweten en ik was bereid daar contributie voor te betalen. Dus prestatie en tegenprestatie van gelijke waarde. Maar nee, de club wilde meer dus werd er gevraagd of ik in het bestuur wilde. Nee. Een week later kreeg ik dezelfde vraag, maar dan van een hele aantrekkelijke badmintonspeelster. Uh, ik zal er over denken.
Ik vind dat clubs die wanhopig op zoek zijn naar bestuur, geen bestaansrecht meer hebben. Hef maar op die club. "Ja, maar…als je jouw kind op een club wil doen en niemand wil het bestuur in, dan is er straks geen club meer waar hij bij kan." En daar heb ik een hekel aan. Op je gemoed spelen met valse argumenten. Toen ik vroeger jarenlang op voetbal en op judo zat werden mijn ouders nooit lastiggevallen met vrijwilligerswerk voor de club. Zij betaalden de contributie en ik ging er heen. Alleen. Want zo werkte dat.
En waarom er tegenwoordig niemand meer in een bestuur wil, is mij volkomen duidelijk. Het is gewoon een tweede baan. Als je niet uitkijkt wordt je nog naar een bestuursmanagementcursus gestuurd ook. En er zijn gewoon veel te veel verenigingen. Waarom maken we er niet één grote vereniging van die alle sporten in zich verenigt? (Briljant idee trouwens weer, om half 1 's nachts.)
Scholen kunnen er trouwens ook wat van. Ik bereid me vast voor op de jaarlijkse schoonmaak op school waarvoor ik als ouder straks gevraagd ga worden. Want schoonmaken van de school is niet de taak van de leraar. Nee, klopt. Het is mijn taak. Want als Hans niet naar school hoefde, zou ik helemaal niet hoéven werken. (Er moeten hier en daar ook wat onredelijke argumenten in een betoog zitten, anders is iedereen het straks met me eens.)
Waar is trouwens die ouderwetse conciërge gebleven die ervoor zorgde dat mijn ouders nooit hoefden schoon te maken op de school die mijn leraren vies maakten? Geen geld? Scholen barsten van het geld. 2,3 miljard euro hadden ze een paar jaar geleden gezamenlijk aan overtollige middelen. Alleen al van de rente kun je een divisie concierges aanstellen.
Hans gaat trouwens op Formule 1. Als ik zie hoe hij milimeterprecies met zijn skelter langs mijn Alfa Romeo raast, dan kun je zo'n talent niet ongebruikt laten. En met F1 heb ik wel wat dus zal ik ook met liefde het voorzitterschap van Max Mosley overnemen. De man heeft trouwens toch veel meer aanleg voor een rollenspel.