Als ik nadenk over mijn eigen leven moet ik constateren dat ik al een end ben. 38 word ik morgen dus dan heb je statistisch bekeken het meeste brood wel op. De eerste 10 jaar duurde een eeuwigheid ondanks dat ik me de eerste twee niet kan herinneren. De volgende vijf jaar duurde zeker een halve eeuw, de vijf jaar daarop minstens tien maar de laatste 18 gingen in een jaartje of vier voorbij. En dat is zorgelijk. Want het gaat vast alleen nog maar sneller naarmate je ouder wordt. Op een goeie dag ben je tachtig en moet je constateren dat het voorbij is. In blessuretijd wachten op het eindsignaal.
Maar het kan ook morgen al voorbij zijn. Of gisteren. Of bij je geboorte of zelfs nog daarvoor. Overtreffende trap: De grootste pechvogels eindigen in een tissue. Denk daar maar eens over na, meelezende pubers!
Zou dood zijn erg zijn? Geen idee. Zou je het gevoel hebben dat je nog van alles wilt maar niet meer kunt? Of bestaat er geen ziel en maakt het dus niks uit of iemand je morgen in je achterhoofd schiet zonder dat je het in de gaten hebt? Of is er de hemel en komt dus alles goed? Misschien reïncarneren we wel. Misschien mag je zelfs je ouders wel uitkiezen! (Zorg dat je op dat moment nuchter bent)
Atheïst zijn is sowieso een slechte keuze. Want je krijgt gelijk of je krijgt ongelijk. En als je ongelijk krijgt lachen ze je uit en als je gelijk krijgt kun je niet meer denken: "Zie je nou wel? Ik had gelijk." Ik weet nu al dat ik me daar in mijn kist dood aan zou liggen ergeren mocht dat de uitkomst zijn.
Niet dat ik denk dat er niks meer is. Tuurlijk is er wat. Tsss. Maar wat ik nu denk is niet belangrijk. Als ik 80 ben denk ik er misschien heel anders over. Als ik nog kan denken tegen die tijd. Maar dat zit wel goed. De verwachting is dat er binnen een jaar of 10-15 een medicijn met een remmende werking tegen Alzheimer komt. Als het bij mij nu inzet kan ik drie IQ-punten per jaar verliezen, en heb ik er over 15 jaar nog steeds meer dan Winnie de Jong om maar eens een voorbeeld te noemen.
Wat wel mooi is, is dat ik Hans' jeugdige leeftijd mee beleef. Die heeft op dit moment nog een eeuwigheid te gaan voordat hij tien is. In zijn bijzijn herinner ik steeds meer van mezelf toen ik heel klein was en soms begrijp ik hem omdat ik me herinner hoe het bij mij voelde. Ik krijg een beetje kindertijd terug door hem. En in mijn kindertijd was ik onsterfelijk.