Eind goed, al goed.

Ik reed vandaag over de Houtribdijk waar het  hard waaide en zacht regende. Aan beide kanten kon ik geen land zien dus het leek mij een goed idee om mezelf in te beelden dat ik tussen twee oceanen in reed. Ik deed het raam van het rechterportier open, zodat ik de golven op de dijk stuk kon horen slaan, en het zoute water kon ruiken. Dat laatste lukte niet. Mijn inbeeldingsvermogen gaat soms best ver, maar zoet water zout laten ruiken is voor gevorderden. Ik had spijt dat ik niet even vijf minuten op een parkeerplaats was gaan staan om naar het water te kijken.

Toen ik thuiskwam was Hans met zijn vriendje aan het voetballen tegen twee oudere meisjes.  Het was intussen 18-0 voor de oudere meisjes en ik besloot de jongens eens een voetje te gaan helpen. Al snel liepen we in tot 19-8, (niet 19 aug!) maar toen was het etenstijd, en daar mochten de meisjes van geluk spreken. Wat is het trouwens cool om te ontdekken dat een man die niet sport op zijn 40e nog gewoon kan voetballen als een jongen van 19! Mijn buitenkantje rechts doet denken aan Johan Cruijff in zijn beste dagen. En mijn plotselinge koerswijziging naar binnen, á la Arjen Robben, was een lust voor het oog. Vooral als je die haakse koerswijziging gebogen rennend inzet, en merkt dat de zwaartekracht toch harder aan je trekt dan je ongetrainde beenspieren kunnen opvangen. Niet dat je valt, maar om niet op je muil te gaan moet je veel verder doorrennen dan nog cool is. Zelfs de meisjes ontging het niet.

Ja, die beenspieren, dat is wat. Toevallig was ik zaterdag gaan kijken bij een badminton demonstratie van twee eredivisiespelers. Daar trof ik wat spelers van de club waarvoor ik tot drie jaar terug speelde, en die vroegen mij of ik niet weer eens wilde komen. Ik ben gestopt wegens rugproblemen maar de laatste tijd voelt mijn rug sterker dan ooit. Dus vanavond keerde ik eens terug naar de club, om te kijken hoe het ging. Helaas, het was veel te druk met trainingen dus er was geen plaats. Over twee weken gaven ze mij meer kans. Ik keerde onverrichter zake terug, en nu zit ik met een zak chips achter de computer mijn beenspieren te trainen.

Navigatie

Ik heb nu officiëel een probleem met het navigatiesysteem. De tom-tom, de Mio en hoe die dingen ook allemaal heten. Natuurlijk, het is heel erg handig. De techniek staat voor niets, en de meeste mensen hebben er baat bij. Maar toen wij nog geen Mio hadden, reed ik nooit verkeerd bij Oss. Ik deed gewoon wat het meest logisch was en dat was vaak goed. Ik miste nooit de afslag Dijon, omdat ik wist dat ik de borden moest volgen. Nu was ik in de veronderstelling dat ik rechtdoor moest, en de Mio zou mij loodsen. Ik zeg niet dat ze niet werken hoor, ze werken prima, maar je moet er wel mee om kunnen gaan. Ik kan dat dus niet. Het navigatiesysteem van mijn baas heeft mij al een keer een afslag laten nemen naar een elektriciteitscentrale en riep om het hardst dat ik door het gesloten hek heen moest rijden. Het zal wel. Ik vind het ook jammer dat de navigatiesystemen hun intrede hebben gedaan. We misten ze niet, en met een kaart ging het prima. Nu raak je langzaam in je hoofd je hele zorgvuldig opgebouwde topografische kennis kwijt, omdat je blindelings doet wat je gezegd wordt. En zeg niet dat je niet verplicht wordt tot het hebben van een navigatiesysteem want dat word je wel. Je kunt immers niet met een kaart blijven navigeren als de secretaresse met haar MEAO-typediploma een uur eerder arriveert op een vergadering dan jij. Je moet dus wel!  


Mijn ervaring is dat ik veel overtuigder ben van de plek waar ik me bevind, als een kaart me daar gelijk in geeft, dan dat een navigatiesysteem dat doet. Navigatiesystemen werken trouwens maar heel beperkt. Ik zal de werking even uitleggen, voor degene die denkt dat het systeem aan de stuurbewegingen en de afgelegde afstand onthoudt waar de auto zich bevindt. Het systeem zendt een signaal uit naar twee satellieten, en aan de hand van de tijd die beide signalen erover doen, wordt berekend dat u zich maar op één plek op aarde kunt bevinden. Juist ja. Maar dat betekent dus wel dat als je in de Space Shuttle vliegt, het systeem gewoon kan aangeven: neem over 1000 meter afslag 14, de A1 richting Amsterdam.

Virus.

Er heerst hier een virus. Het virus zorgt voor diarree en overgeven. De was draait op volle toeren. Tot nu toe lijken alleen Tammar en ik ervan verschoond te blijven, hoewel Tammar de laaste twee dagen ook al niet echt in d'r sas is. Dit zijn tropendagen. Hans was daarnet ook voor de zesde keer aan het spugen, hij loopt in op Linda die er al 10 keer op heeft zitten. Zit-ie daar als een grote jongen boven z'n emmertje. Vijf jaar pas. En daarna steeds weer geen slapen. Ik hoop dat dit het was voor vandaag. Nee dus…die vorige was eigenlijk mijn laatste zin, maar toen hoorde ik hem alweer. Zeven keer. Oh, en inmiddels acht. En ik kom er net achter dat de ik niet het goeie wasprogramma heb gebruikt want alle zeep ligt er nog in. Het gaat voorspoedig..

Show-off.

Ik ben van de uitsloverige. Altijd al geweest en het gaat ook nooit meer over. Zet mij bij een spelletje (lichamelijk inspannend) en ik zal proberen te winnen. Ben ik met een groep, ga ik richting het overmoedige. Als kind wilde ik al indruk maken met lichamelijke kracht, en deze oervlam wakkert nog steeds. In 1997, toen ik mijn leven vlot aan het trekken was, ging ik geheel tegen mijn voorzichtige natuur in, met een groepsreis op vakantie. Het werd een zogenaamde wildwaterweek in Oostenrijk. Ik wilde een beetje compensatie voor het feit dat ik niet bij de marine geweest ben.

Ik ben niet de leider van een groep, maar de tweede. Als ik in tour of Duty zou spelen, was ik Sgt first class. Zeke Anderson. Sommigen overschreeuwen hun onzekerheid, ik schakelde mijn denkmodus uit en ging voorop in de strijd. Zo werd ik steeds door de instructeur als voorbeeld gebruikt. Bijvoorbeeld, op een meertje moest ik de kano omkiepen, en onderwater hangend wachten tot de instructeur met de punt van zijn kano, de mijne aantikte zodat ik wist dat hij er was, en ik mijzelf aan zijn kano weer overeind kon trekken. Het voordeel van als eerste gaan is dat je het het al gedaan hebt voordat je beseft of iets eng is. Een halve minuut onder water is niet veel, maar als je zit toe te kijken als een ander een halve minuut onder is, duurt het best lang.

Nog een voorbeeld. De overmoedigste, ik dus, diende als voorbeeld en werd met zijn kano op een drie meter hoge steiger gezet, en voor ik besefte wat de bedoeling was, werd ik naar beneden gegooid. Door mijn gebrek aan tijd om angstig te worden, raakte ik het water precies goed met de punt, werd teruggeworpen en ving mij met de peddel op zodat ik recht lag. Toen ik de rest op dezelfde manier zag komen, was ik blij dat ik al geweest was. Ik was de enige die niet omging. Niet nadenken kan helpen.

Raften was leuk, maar stelde niet veel voor. Met z'n allen in de boot en goed vasthouden. Meer is het niet. Canyoning was al beter. Met wet-suits door ijskoud water. Abseilen van een brug in 45 meter diepte. Hier had ik niet de grootste mond, en hoefde ook niet als eerste. Echter, voor mij ging een meisje, dus de macho in mij besliste dat hij niet kon gaan staan aarzelen op die brug, en ik daalde af. Later toen we allemaal met een zware rugzak de berg weer op moesten, barstte het meisje in huilen uit omdat ze het niet meer volhield. Ik nam haar tas erbij en we klommen verder. Denk niet dat het iets voorstelt. Een man die dit meemaakt krijgt als vanzelf extra krachten, zodat het minder stoer is dan het lijkt. Het is een moederinstinct dat erop gericht is de baby te beschermen, maar dan voor mannen en het dient verder geen doel. Ik ben later nog één of twee keer bij haar in Leiden geweest, daar studeerde ze, en zij een keer bij mij, maar het is niks geworden.

De laatste dag stond hydrospeed op het programma, en ik had geen idee wat het was. Bleek je een plankje mee te krijgen, en mocht je je door de rivier laten meesleuren, ondertussen alle rotsen met het plankje afwerend. Op sommige stukken zaten de instructeurs op een rots, omdat daar volgens hen een waterkering zat, en als je daarin terecht kwam zou je er niet meer uit komen zonder hulp. Ik geloofde het niet, maar volgde hun instructies voor de zekerheid toch maar op. Niemand kwam in moeilijkheden. Een groepsreis, het is tegen mijn natuur in, maar u ziet het, het is toch weer een mooie herinnering. En mooie herinneringen zijn ook rijkdom. Tot zover mijn militaire training.

Ik ben weer aan het werk…

 

Belastingdienst Randmeren

Postbus 9059

7300 GZ  Apeldoorn.

 

 

 

Apeldoorn, 16 augustus 2010

 

 

 

Betreft: herinnering aangifte 2009. Uw kenmerk FHR01.xxxxxxxxx

 

 

Geachte heer, mevrouw

 

Van de afdeling CVU begreep ik dat zij een uitvoerende afdeling is en slechts uitvoert op basis van gegevens die zij van het regiokantoor aangeleverd krijgt. De merkwaardige situatie ontstaat dan dat ik brieven met aanmaningen ontvang van het CVU, ik daar vervolgens bij hen op reageer, en zij mij weer meedelen dat ik bij het regiokantoor moet zijn.

 

Ik kreeg dus een aanmaning van het CVU dat er aangifte vpb over 2009 gedaan moest worden voor xxxxxxx BV, fiscaal nummer xxxxxxx, vóór 20 juli 2010. Ik heb daar op 1 juli 2010 schriftelijk op gereageerd en beargumenteerd dat het boekjaar van de onderneming een verlengd boekjaar is en loopt tot 31-12-2010, en het dus lastig wordt om voor 20 juli 2010 de aangifte vpb te doen. Tevens heb ik een kopie van de oprichtingsakte meegestuurd. Vervolgens krijg ik een brief van het CVU dat er uitstel is verleend tot 1 november 2010, waar ik dus weinig mee opschiet. Eerlijk gezegd, best frustrerend om na een overigens fijne vakantie in Frankrijk, dank u, bij terugkomst gelijk alweer geconfronteerd te worden met de kortzichtigheid van een Nederlandse inspecteur.

 

Het gaat er dus om dat het boekjaar in uw systeem wordt aangepast. Bij voorkeur aangepast tot 12 augustus 2009 / 31 december 2010. Ik ga er gemakshalve maar even vanuit dat de eerder door mij gestuurde oprichtingsakte naar het CVU, niet bij u terecht is gekomen en daarom voeg ik nogmaals een kopie bij. Vervolgens zou het fijn zijn als de afdeling CVU uitstel kon verlenen tot een datum die ergens in 2011 ligt.

 

Pogend uit mijn vakantiestemming te geraken,

 

Met vriendelijke groet,

 

 

Mack

Even

Mensen, zijn we er nog allemaal bij, bij de vakantieverhalen? Vinden we het nog leuk of bent u allang afgehaakt? In dat geval, nog even doorbijten, er volgen er nog maar zeven. En, het wordt nog spannend, er komen nog foto's en zelfs bewegend beeld van vader, zoon en dochter in hun zwem-outfits.

Welk woord moet er ook alweer na 'even' in de titel staan? Ik kan er niet opkomen. Het is zo'n Amerikaanse marketingterm om aan te geven waar je vandaan komt, waar je nu staat en waar je naar toe gaat. updaten is het niet, viewen, scannen, analysen…ik kom er niet op.

Tripod

Ik kan het toch niet laten even iets te schrijven. Waarschijnlijk ben ik verslaafd en zal ik tot mijn dood door moeten loggen. 😉


Meestal hebben Linda en ik elke vakantie wel iets om de dag op te leuken. Zo zeiden we tijdens een eerste vakantie elke dag een paar keer dat we op elkaars kop uitgekeken waren, tijdens een andere zeiden we steeds, “kijk daar rechts, een lynx!”, weer een andere vakantie waarschuwden we elkaar continu voor het bleke meisje met het lange zwarte sluikhaar en de holle ogen die voor het raam naar binnen stond te kijken, zo is er altijd wel wat. Vorig jaar imiteerde ik een Engelsman die Frans sprak. Dit jaar weet ik van tevoren al wat het wordt. Want wij hebben gisteren War of the Worlds gekeken. En Linda vindt dat een geweldige maar bloedstollende film. En nu doe ik steeds het geluid van een Tripod na. Oeh, dat vind ze eng joh! Lachen!

À Bientôt

Mensen, het gaat niet goed met onze lichamen. Ik heb het vandaag zelf aanschouwd in een subtropisch zwemparadijs waar ik met Hans was zodat Linda haar handen vrij had om de vakantie voor te bereiden. Ik had mij opgedrongen aan Mellody (linken heeft geen zin want haar web-log zit tegenwoordig op slot) en haar kinderen om mee te mogen, en omdat zij geen nee durft te zeggen, reden we gezamenlijk naar het chloorwater van Nunspeet. “Brake” heet het zwembad, en dat zal wel niet voor niks zijn. Maar wat takelt de mensheid af zeg! Niet alleen door het ouder worden, maar ook door vetophopingen op jonge leeftijd waar we dan de aandacht van proberen af te leiden door er een grote tatoeage op te zetten. Nee, voor het Arische ras zoals der führer het ooit had bedoeld, moet je niet in in een subtropisch zwemparadijs in Nunspeet zijn.

Maar als u een glijbaanliefhebber bent, dan zit u er wel goed. Er is maar liefst keuze uit drie glijbanen. Een smalle rechte, een brede (3 meter) rechte met een hoge topsnelheid, en een hoge kronkelende glijbaan die schade aan je badkleding veroorzaakt. Ik voelde mijn kont steeds heter worden ondanks de constante waterstroom. Maar die brede glijbaan, daar wilde ik het nog even over hebben. Want ik zou denken: “een glijbaan, wat leuk voor Hans!” Maar nee, de brede glijbaan is het domein van de dertigers en een enkele veertiger. Waar de kinderen vrolijk zittend of liggend naar beneden komen glijden, daar is het bij de dertigers de bedoeling om op de buik, met het hoofd naar voren, maar het bovenlichaam zover mogelijk omhoog naar beneden te komen stuiven. Zodat men, als men het water raakt, nog wat extra meters over het water scheert en men niet naar het trappetje hoeft te zwemmen, maar als een gedresseerde dolfijn zo de kant op scheert. En zoveel mogelijk water op laten spatten, daar gaat het ook om.

Tja, ik vind een glijbaan ook wel eens grappig, en natuurlijk, ik gebruik Hans als excuus. Maar deze jongemannen renden om het hardst weer de trap op, om steeds maar weer die glijbaan te bedwingen. Ik zag er zelfs één zichzelf in een spin brengen en keihard rondjes op zijn rug draaien tijdens de glijvlucht. En die had geen jeugdpuistjes meer! Ook het hoofd dat ze daarbij trokken, baarde mij zorgen. Ze trokken namelijk een “cool en onverschillig gezicht” tijdens deze bezigheid. Precies hetzelfde hoofd wat je een petje in een opgevoerde en luidruchtige Golf bij de McDonald’s ook ziet trekken. Trouwens, wij waren gisteren bij McDonald’s, maar ik durf te wedden dat die petjes van te voren nadenken over hun bestelling. Ik durf te wedden dat ze expres iets dusdanig ingewikkelds bestellen zodat ze naar de speciale parkeerplaats voor lastige bestellingen worden geloodst. Die parkeerplaats is namelijk precies voor het terras buiten, en elke keer als er zo’n  gepimpte hamburger met een hoop lawaai wegspoot, kwam er een nieuw petje op die plek staan.

Nou ja, hoe dan ook, het was weer een aangename dag. Wij gaan woensdag naar Frankrijk want het mooie weer in Nederland hebben we al verbruikt. Sorry, ik bedoel er niks mee.

Salut allemaal, en tot over een week of twee.

a bientot

Opdringerig

Wij gaan op vakantie. Met ons vieren. Onze vakanties worden steeds gewaagder. Deze keer hebben we, omdat het enorm veel geld scheelt, een tent gehuurd. Terwijl mensen van onze stand eigenlijk minimaal een stacaravan nodig hebben. Maar afgezien van de financiën, willen wij ook graag eens aansluiting met andere mensen. Wij gaan per slot van rekening niet voor niks naar een camping. Vorig jaar, wij hadden een werkelijk schitterende stacaravan met veranda en een enorm grote ruimte voor onszelf. Onze dichtsbijzijnde buren stonden tweehonderd meter bij ons vandaan. Wij hebben ons prima vermaakt, daar niet van, maar Hans had geen vriendje. Ja ik, maar geen leeftijdsgenootje.

Dus dit jaar dringen we onszelf gewoon op. Wij gaan in een tent zitten, in een straatje tussen allerlei andere campinggasten en we zullen trachten onszelf zo onopvallend mogelijk in de kijker te spelen. Dus we zullen Tammar gebruiken als lokaas, en zetten haar steeds voor de tent, en als een mevrouw haar dan schattig vindt, schiet ik achter het windscherm vandaan en knoop een gesprek met haar aan. Ja, het is een dotje hè? Ja, ze heeft al een eigen column gehad in een blad voor jonge ouders hoor! Oh ja, wie schreef er dan over haar? Bingo. Met Hans heb ik afgesproken dat hij alle buurmannen gaat vertellen dat ze een coole auto hebben. En dat wij thuis een Ferrari 360 hebben. En als er iemand de barbecue aan het opwarmen is, lopen Linda en ik er langs en dan zeg ik tegen Linda, dat het toch wel heel erg jammer van al dat vlees is wat we meegenomen heb, nu ze de barbecue vergeten is. En dan blijven we daar voor de deur staan en vragen ons hardop af wat we daar nu mee moeten doen.

En mocht dit nu ook niet werken dan doen we het volgend jaar weer anders. Dan slaan we in alle vroegte toe door gewoon ergens een leuk gezin te wekken door bij hen aan de ontbijttafel te gaan zitten. Bonjourrrrr…wij zijn vast begonnen hoor!

De Tour de France

Van de Tour begrijp ik geen moer. Je bent met 200 individuele renners die ieder zo snel mogelijk over de finish dienen te komen. Als extra moeilijkheidsgraad -voor de kijker- hoor je bij een ploeg. Een ploeg heeft een kopman, en die dient de wind uit de zeilen te worden genomen. Dus de knechten van de kopman rijden om hem heen om zo de krachten van de kopman te sparen op de vlakke routes. In de bergen dient de kopman het zelf te brengen, want hij moet natuurlijk wel iets laten zien in zo'n tour. Bovendien kunnen zijn knechten hem daar als het goed is niet bijhouden, want de kopman is niet voor niets kopman.

Maar waarom werd de tour gisteren in de tijdrit definitief beslist? Waarom werd er vandaag niet meer gekoerst door Andy Schleck? Wat is nu 39 seconden op een afstand van 100 km? Wat is dit voor mentaliteit? Er had gas gegeven moeten worden door de Saxobankploeg. Vol op die pedalen! Lak aan reputaties en tradities. Op het moment dat Contador zijn glaasje champagne onderweg kreeg toegediend hadden Schleck en zijn ploeg toe moeten slaan. Op de laatste dag die hele top 10 overhoop! Een paard aan een tuig weet niet beter dan dat hij vast zit, terwijl hij als hij zijn krachten gebruikt, vrij is. Zo zou ik het gedaan hebben vandaag. Cadeautjes worden door mij niet gegeven.