Ambitie

Ik weet het niet hoor. Loretta Schrijver, Dieuwertje Blok, Ron Brandsteder, Rob de Nijs, Wim de Bie, Jos Brink, Paul van Vliet, Pierre Kartner, Margriet Eshuijs, Johan Cruijff, Willem Duys, Harmen Siezen, Conny Vandenbos, Nico Haak, Wim Bosboom, Gerrie Knetemann, Dries van Agt, Toon Hermans, Bram Biesterveld, Johan Neeskens, Willibrord Frequin, Henny Vrienten, Rijk de Gooijer, Anton Geesink, Piet Bambergen, Jonnie Boer, enz. enz. Er gaan meer bekende Nederlanders dood dan onbekende. Ik kan tenminste weinig onbekende Nederlanders opnoemen die overleden zijn.

Onze tijd op aarde is beperkt maar tijd is ook relatief. Toen ik kind was dacht ik dat ik onsterfelijk was, en die gedachte heb ik lang volgehouden. Pas na mijn vijfendertigste sloeg het besef in dat het ook voor mij zou ophouden. Debiel natuurlijk, want ik wist het ergens wel maar ik had er nooit serieus over nagedacht. En nu, op mijn vijfenvijftigste denk ik wel eens: waar ben ik in terecht gekomen?

Vandaag nog, ik zit in een teams meeting met Amerikanen over een nieuwe sales tool. Sales is super exited dus ik weet al dat het mij een hoop extra vragen gaat opleveren. Aan het einde van de call zet de presentatrice een feestmuts op en knalt met confetti. Alsof ze twee miljoen gewonnen heeft. Maar nee, ze is super exited over de nieuwe tool. Daar werk ik mee, en ik sta vrij onderaan ik de hiërarchie. Ik kom ook niet verder want ik zou gelijk een einde maken aan die shit. En dat weten ze.

Dus daar zit ik op mijn vijfenvijftigste. En dan noemen ze het Vaticaan poppenkast. Daar gaat het tenminste ergens over. Bij ons gaat het alleen over geld. En over super exited. In theorie kan elke katholieke man tot Paus worden verkozen. Ook ik dus. Maar ja, de kans is klein. Die kardinalen schuiven elkaar de mooiste banen toe. Bovendien weten ze niet van mijn bestaan. Maar God weet dat wel, en door zijn interventie wordt de nieuwe paus gekozen. Paus Mackus Innocentius I zal ik heten, mocht ik gekozen worden. Aan ongezonde ambitie heeft het mij nooit ontbroken.

Denkbeeldige lasso

Ik weet het niet hoor, waar dit verhaaltje heengaat. Het wordt schunnig, maar het houdt me bezig. En waarom, dat weet ik niet. Kennissen van ons doen mee aan een garbage run en zitten in Scandinavië. Ze sturen ons steeds filmpjes van hun avonturen die vooral Linda interesseren. Zij zijn een stel, maar twee jongemannen zijn ook mee. Ik ken de jongemannen een beetje, beiden zijn automonteur.

De kennis stuurde mij een filmpje van het huis waar ze overnachtten en hij liep al filmend over de gang. Hij loopt de kamer van de twee monteurs binnen die even gek gaan doen zoals alleen jonge mannen dat kunnen. Dus de een gaat over het bed hangen, en de ander neemt hem van achteren. Zogenaamd dan, de kleren zijn gewoon aan. De gebukte begint te kreunen zoals alleen mafkezen dat kunnen, maar dan zie ik iets in dit grappige tafereeltje dat ik niet meer uit mijn hoofd krijg. Degene die de ander zogenaamd berijdt zwaait ineens heel even een denkbeeldige lasso boven zijn hoofd. En ik denk, verrek, zo deed onze generatie jongens dat vroeger zelf ook, met die denkbeeldige lasso. Wat is dat? Is het om te symboliseren dat je aan het rodeorijden bent of is het een soort uiting van macht? Dat je de controle over de ander hebt en dat op die manier laat zien? Het leek wel een automatische reactie, dat lasso zwaaien. Iedereen die dit grapje ooit maakte zwaaide met de denkbeeldige lasso.

Nu ik er over nadenk klopt het ook helemaal niet met die lasso. Als deze grap gemaakt wordt dan symboliseer je dat je op een wilde stier zit en hou je een arm in de lucht, voor het evenwicht en ten teken dat je de situatie meester bent. Je symboliseert niet dat je op je eigen paard zit en een kalfje vangt. Gaat deze grap nu al decennialang fout?

Goed. Laat maar. Ik ben raar soms.

Leve!

Ik ben naar een Twentse oudejaarsconference geweest, in Enschede. Voor de pauze was er niks aan, maar daarna werd het serieus goed. Ik verstond ongeveer negentig procent, af en toe vroeg ik me af of dat Nedersaksisch niet te ver wordt doorgevoerd. Ik ben een jaar in “opleiding” geweest om het Nedersaksisch wat hier gesproken wordt te begrijpen. Dat was op mijn negentiende, toen ik in een supermarkt ging werken. Ik kende slechts een paar woorden, zoals tjoo, thuuskomm’n en “op het durp” maar op mijn eerste dag moest ik er af en toe een tolk bij halen. Ze hadden net zo goed Chinees kunnen praten, ik hoorde er geen bekende klank in. Maar langzaam begon ik het te leren en ik kon zelfs zinnen zeggen in het Nedersaksisch, wat trouwens vele varianten kent.

In elk geval, ik kende de drie heren niet, al kwam de naam André Manuel me wel bekend voor. Ik vond hem ook serieus goed, vooral zijn liedjes. Hij was de minst vrolijke van de drie, maar wel de muzikaalste. Thuis gekomen besloot ik hem te googelen, en ik las dat hij ooit zijn piemel had laten zien aan toen nog prins Willem Alexander en Máxima. Dit om de discussie over de republiek levendig te houden volgens hemzelf. Dat vond ik jammer, want ik vind een republiek helemaal nergens op slaan. Gekozen staatshoofden, alsjeblieft zeg, dat gaat vaker fout dan goed. En om als republikein elke keer je lul te moeten laten zien aan de koning om je eisen duidelijk te maken, vind ik ook omslachtig. Ik heb die potloodventers kennelijk altijd verkeerd begrepen. Het zijn gewoon republikeinen! Hoe doen ze dat trouwens in Duitsland, waar de Duitsers dolgraag een koning en een koningin zouden willen hebben in plaats van een kanselier? Middelvinger? Tong uitsteken? Soms volg ik de politiek gewoon niet. Ook de Surinaamse politiek niet. Bouterse schijnt overleden te zijn aan leverfalen als gevolg van chronisch alcoholmisbruik. 79 jaar! Dat noemden we vroeger gewoon doodgaan aan ouderdom. Leve de dictator! *blote reet toont*

We hebben niks geleerd.

Ik las laatst in de krant, dus dan is het zo, dat Nederland vol zit bij twintig miljoen mensen. Nu heb ik alleen de kop gelezen want ik weet dat dat complete onzin is. Sterker, de complete wereldbevolking past in de provincies Friesland en Groningen en dan is de rest zo leeg als een fles op de emballageafdeling. Dus je moet niet alles geloven wat je leest. Maar ook niet wat je ziet. Of wat je hoort.

In de Tweede Wereldoorlog waren we met tien miljoen mensen al het dichtstbevolkte land ter wereld. Toen zaten we al stampvol. Tot overmaat van ramp vond er massa-imigratie uit Duitsland plaats. En die vroegen echt niet netjes asiel aan, zoals het hoort. Welnee, die pikten gewoon de beste huizen voor zichzelf in, bezetten de mooiste stukken land om er hun kamp op te slaan, om nog maar te zwijgen over het strand. Als je in die tijd naar het strand wilde, waren alle strandstoelen al gereserveerd met een Duitse handdoek. En overal kuilen. Je wilde er als Nederlander niet eens meer zijn.

Nu werd er in die tijd wel genoeg gedaan om de overbevolking tegen te gaan. Bombardementen, transporten, uithongering, het was uiterst effectief. Niemand klaagde over de overbevolking. Tenminste, men had het niet goed in de gaten. Er was namelijk genoeg te eten in de hongerwinter, alleen waren er teveel mensen voor het beschikbare voedsel. En dus werd er gezegd dat er een tekort aan voedsel was in plaats van het echte probleem, de overbevolking, te benoemen.

En nu zijn we met 18 miljoen, en absoluut en relatief zijn er veel minder Duitsers, maar is er een enorm voedseloverschot. Pas bij 20 miljoen mensen gooien we niks meer weg. Eigenlijk komen we dus inwoners tekort. En in plaats dat we dat gewoon toegeven, zeggen we dat we een voedseloverschot is. Dus in plaats van het werkelijke probleem te benoemen, kijken we net als in de oorlog, eenzijdig naar de hoeveelheid voedsel. Hebben we dan niks geleerd?

Impertinente vraag

Welke twee dingen draag je het liefst?

Dat zullen toch mijn testikels zijn. Ja sorry, maar dat is het juiste antwoord. Stel dat ik die niet meer draag, nee, daar zou ik niet blij van worden. Goed, als dit niet meetelt, dan zullen het de borsten van m’n vrouw zijn. Die draag ik het liefst. Tenminste, vroeger. Dan ging ik achter haar staan en, nou ja, laat ook maar. Waarom stelt WordPress zulke vragen?

Ok, ik heb even gekeken bij mijn medebloggers, maar het schijnt hier om kledingstukken te gaan. Nou, dan draag ik het liefst een onderbroek. Ik voel me heel ongemakkelijk zonder. En als tweede, dat ligt er volledig aan of het zomer of winter is. In de zomer kies ik voor een korte broek, in de winter voor een skipak. Puur om te overleven.

Stel nu dat ze bedoelen, welke twee kledingstukken draag je het liefst, vooropgesteld dat je meer dan twee kledingstukken mag dragen, en dat je geen rekening hoeft te houden met extreme weersomstandigheden, maar dat lijkt me onwaarschijnlijk, dan zou ik zeggen, een spijkerbroek en een poloshirt. Wel net gewassen en gestreken, anders wordt het een zootje. Of, zoals Don Johnson, een t-shirt onder m’n colbertje en schoenen zonder sokken. Nou ja, niet dat ik dat ooit gedragen heb, want dan moet je wel een enorme gladjakker zijn, maar bij Don Johnson was het stoer. Die witte Testarossa zou mij trouwens wel beeldig gestaan hebben.

Dictator

Naar aanleiding van mijn recente klacht op dit weblog over het bevolkingsonderzoek darmkanker (strontcontrole) waarvan ik vond dat het hopeloos te laat kwam, hoorde ik vanochtend op de radio dat ze de minimumleeftijd hiervoor met vijf jaar willen verlagen. Mensen vanaf vijftig zouden voortaan uitgenodigd worden om hun poep op te sturen.

Ik vind het fijn dat ik niet voor niks schrijf en dat er ook echt iets met mijn adviezen wordt gedaan. Mijn vroegere ambitie om dictator van dit land te worden is een beetje verdwenen, maar men houdt nog steeds rekening met wat ik vind. Wel zo prettig.

Dat mijn ambitie om iets aan dit land te doen weg is komt voornamelijk doordat mijn ambities sowieso weg zijn. Het is wat laat voor ambities. Bovendien, dan moet ik gaan nadenken over oplossingen en daar heb ik helemaal geen zin meer in, vooral niet omdat ik in de praktijk best moeite heb om mensen teleur te stellen. En deze eigenschap zie je eigenlijk zelden bij dictators. Bovendien, een echte dictator stelt niet teleur, die boezemt regelrechte doodsangst in terwijl iedereen hem toejuicht. Het is jammer dat ik vroeger niet heb doorgezet, want zo’n zwarte Mercedes 600 Pullman en bijbehorend lichtblauw dictatoruniform zijn wel mijn smaak.

In elk geval, ik zal een beetje gerichte adviezen gaan geven hier, misschien kan ik hier en daar toch een beetje bijsturen.

Geacht RIVM…

Ik kreeg een brief van het RIVM dat ze mijn poep willen onderzoeken. Dit doen ze bij oude mensen om darmkanker in een vroeg stadium te ontdekken. Nu ben ik al 55, en is het niet echt vroeg. Het is 2024, het is hartstikke laat. Vóór je veertigste doodgaan aan kanker, dat is vroeg. In plaats dat ze het dán opsporen. Nou ja, ik denk over een aantal dingen heel anders dan het RIVM. En het is niet zo fraai wat ik denk. Ik bedoel, we zitten vol met chagrijnige oude mensen, mezelf incluis, waarom proberen we die allemaal zo oud mogelijk te laten worden? Ik kwam die mensen tijdens de pandemie tegen in het ziekenhuis, ze bedreigden je moet een stok als je in hun buurt kwam. Terwijl voor mij beleefdheid naar anderen voor het eigen belang gaat. Dat is de manier om de wereld vooruit te helpen, niet om zo oud en onuitstaanbaar mogelijk te worden.

Nou ja, ik weet nog niet of ik aan het onderzoek meedoe. In elk geval niet uit eigen belang. Waarschijnlijk doe ik het om niet onbeleefd te zijn richting het RIVM. Het onderzoek doen ze elke twee jaar bij mensen tussen de 55 en 75. Die moeten hun poep opsturen in een envelop. Denk daar eens over na, hoeveel kak er dagelijks rond gaat met de post. Ik vind het ook heel onbeleefd richting postbode, om die te degraderen tot strontbode. Bovendien, ik las net de instructies, je moet je poep opvangen in de wc, maar je moet zorgen dat er geen urine bij komt. Ik ben toch geen hond? Als ik poep, komt er daarna plas. Punt uit. En anders koop ik zo’n grote bubbelenvelop en bout ik die vol, dan komt er geen plas bij. En dan schrijf ik: geacht RIVM…

Je verwacht het niet

Ik zat gisteren wat op Wikipedia rond te hangen, dat overigens bedelt om geld, wat ze van mij gekregen zouden hebben ware het niet dat ze zulke achterlijke, op hun strepen staande beheerders hebben, maar dit terzijde, en zocht naar giftige spinnen. Ik las over een Braziliaanse spin waarvan de beet dodelijk kon zijn, maar nog erger, de beet kon ook een langdurige, pijnlijke erectie veroorzaken. Zelfs bij vrouwen. Tegenwoordig kan alles. Ik weet nog goed dat ik vroeger in de klas langdurige erecties had. Terwijl ik ze op dat moment niet nodig had. Wat me ineens deed beseffen dat ik misschien ooit wel door een radioactieve Braziliaanse erectiespin ben gebeten. Inmiddels is het radioactieve verval wel ingetreden. Het is in elk geval niet meer zo dat ik op mijn werk denk: “hee, tien uur! De opwaartse kracht van Archimedes treedt in werking.”

Hoe ik vervolgens bij Betelgeuze kwam weet ik niet, maar bij Betelgeuze moet ik altijd denken aan Donald Duck. Want daar werd de ster toen al in genoemd. 1982 ongeveer. Wat ze inmiddels weten over Betelgeuze is ongelofelijk. Namelijk dat ze een rode superreus is, wat betekent dat ze -ik weet niet hoeveel keer- groter is dan onze zon. Ik brand me er niet aan, maar stel onze zon als een knikker voor, dan is Betelgeuze een voetbal. Ze weten ook dat Betelgeuze aan het eind van haar leven is, waarmee naar mijn mening het bewijs is geleverd dat er, afgezien van op aarde, leven in het heelal is. Men zoekt er al jaren naar, maar ze zien het gewoon niet.

Dat Betelgeuze aan het eind van haar leven is betekent dat ze elk moment kan ontploffen, of beter, een supernova wordt, waardoor ze op aarde als een zeer helder object ter grootte van de maan te zien zal zijn. Waardoor ik me weer afvraag, die heldere maan van laatst…

Elk moment betekent in de intergalactische tijdspanne dat het nog tienduizend jaar kan duren. Dan word je dus weer blij gemaakt met een dooie bus. Daar moet je vaak ook zo lang op wachten. Echter, en dat is nog veel spannender, het kan ook al gebeurd zijn. Laten we zeggen in het jaar des heren 1796. Dan is dat licht nog altijd naar ons onderweg en gaan we de supernova pas over 200 jaar zien. Maar het kan ook in 1524 gebeurd zijn en zien we het morgen! Fascinerend!

Ik zei net dat men al jaren naar buitenaards leven zoekt maar het niet ziet. Op de radio was een onderzoeker die had uitgevogeld dat we sommige dingen die we met onze ogen zien, niet registreren omdat we ze niet verwachten. Ze hadden een groep longartsen een longfoto gegeven en gezegd dat er een tumor zichtbaar moest zijn en of ze die konden lokaliseren. Dat konden ze allemaal, maar dat er in de foto ergens een plaatje van een gorilla zat verstopt, dat zag maar 20%. Je verwacht natuurlijk ook geen gorilla in je longen.

In elk geval, je neemt dus waar, maar je hersenen vullen het plaatje dus grotendeels in op basis van ervaring en verwachting. Als ik door het bos loop, en er staat een rij bomen, maar een van die bomen is een groene draak, dan maken mijn hersenen daar gewoon een boom van, want draken bestaan niet! Nee, geen wonder dat we geen buitenaards leven hebben gevonden. Ze lopen gewoon om ons heen! Je verwacht het niet.

Heldin

De eerste zondagochtend dat we terug waren na twee fijne weken zaten we in de veranda en de buurman zat in de tuin te bellen. De telefoon stond op de speaker zodat we het hele gesprek hoorden. Het ging over waar hij allemaal ging hardlopen. Ons leven bestaat kennelijk uit twee rustige weken in Frankrijk en drie rustige weken als de buren op een camping anderen aan het terroriseren zijn. Even daarvoor was het er stil, en ik wist precies dat hij er niet was en dat hun zoontje uit logeren was, dat kon ik opmaken uit de geringe hoeveelheid herrie. Maar toen hij terugkeerde begon de ellende weer.

Linda heeft de gewoonte om een box tegen hun muur aan te zetten en de muziek keihard aan te zetten als hij met zijn penetrerende stem non-stop aan het keuvelen is. Dus ze liep naar binnen, haar gezicht op onweer en ze kwam terug zonder speaker. Ze liep richting schutting, ging op een verhoging staan en zei voor het eerst in vijf jaar terrorisme of hij misschien wat zachter kon praten want we hoorden alleen nog maar hem op de eerste dag dat we terug waren. Ik herkende de toon, en herkende de blik. Die zijn angstaanjagend. Als het naar mij is gericht probeer ik kalm te blijven maar van binnen gaan alle alarmbellen af. Mijn oren gaan plat, mijn staart gaat tussen mijn benen, ik laat mijn plas lopen en ik bid: verlos ons van het kwade, amen. Hopelijk is dat niet te zien aan mij.

De arme buurman schrok zich een hoedje, en zei dat hij binnen verder zou bellen. Sinds die tijd is het een stuk stiller hiernaast. Ik had gelijk over het zoontje. Je hoort het verschil tussen een kind dat herrie maakt of een verwend kind dat z’n zin niet krijgt en herrie maakt. Het zoontje kwam een dag later terug en liet zich horen. Maar ook dat lijkt wat minder. Kijk, je moet je voorstellen dat je lekker in de tuin zit te bellen, en dat Linda dan op de bloembak gaat staan en haar dodelijke blik over de schutting werpt. Nee, ik denk dat dit voorgoed klaar is.

Oplossing

Had ik het gisteren over afstervende hersencellen, vandaag ervaarde ik dat verschijnsel. Ik merk namelijk dat mijn lust om iets te verbeteren in de wereld, nou goed, in het vaderland, verdwijnt. Vroeger dacht ik in oplossingen. Hoe los ik dit op, dacht ik dan vaak. Meestal loste ik het op door bij de pakken neer te gaan zitten.

Tegenwoordig denk ik helemaal niet meer in oplossingen. Teveel hersencellen die zijn opgelost in een of andere chemische oplossing. De cellen die nog over zijn constateren het probleem, snappen ook nog wel hoe het ontstaan is, maar over een oplossing wordt niet meer nagedacht. Het zal mijn tijd wel duren, of dit is totaal uit de hand gelopen en kansloos. Heel soms dient zich nog een radicaal idee aan, maar daarmee ook gelijk het volgende probleem.

Dit belooft nog wat. Ik ben 54 en het land is reddeloos verloren. En dan mogen er wel jongere gasten zijn die daar anders over denken, maar die hebben geen gelijk. Want dat heb ik al en je kunt niet allebei gelijk hebben als je ergens verschillend over denkt.

Mijn stelling is dat elke oplossing voor een probleem ergens anders een nieuw probleem veroorzaakt, en dat het dientengevolge voor het collectief niet uitmaakt. En omdat ik niet zo’n egoïst ben, denk ik niet meer na over de oplossing.