Oud en lang geleden.

Als jonge jongen zat ik wel eens te bouwen met mijn stereoapparatuur. Dan bouwde ik versterkers aan elkaar, sloot overal luidsprekers aan en alle apparatuur die ik had verbond ik met die éne superhydraulische-megasymfonische geluidsinstallatie. Ik versterkte wat af in die dagen. Maar ik was nooit tevreden met het eindresultaat. Het was gewoon té, het geluid vervormde bij het minste of geringste draaitje aan één van de volumeknoppen en ik besloot het weer terug te brengen tot Al Qaida, de basis. Dan waardeerde ik weer het simpele maar heldere geluid dat uit twee eenzame luidsprekers kwam. Er was weer harmonie.

Daarover doordenkend begrijp ik nu dat ik daar waarschijnlijk een belangrijke levensles leerde. Er is zoveel randapparatuur om het leven te veraangenamen dat ik wel eens vrees dat als ik oud ben, en mijn kinderen willen me niet meer, dat ik dan in een bejaardenhuis zit te wachten tot er een verpleegster komt die mij helpt om naar het toilet te gaan. Maar omdat het net lunchpauze is komt ze pas een half uur nadat ik op het belletje heb gedrukt. Nou ja, ik heb toch een luier aan. Laat ik de tijd die ik nog heb nuttig besteden en lekker doorgaan met uit het raam kijken en dood willen. Wat zeur ik nu? Donderdag word ik alweer gewassen!

Op de bordjes in de dierentuin staat bij elke kooi dat het betreffende dier in gevangenschap veel ouder wordt dan in de vrije natuur. Dat je dus maar bevoorrecht bent als je in de dierentuin zit. Ik zag eens een documentaire over het leven van een jachtluipaard. Toen hij zijn einde voelde naderen trok hij zich terug en ging onder een struik liggen. En de commentaarstem sprak: "Nog een laatste keer keek hij over het gebied waar hij ooit over had geheerst. Toen legde hij zijn kop neer om hem nooit meer op te heffen." En ik zat met tranen in mijn ogen. Had-ie maar in een dierentuin gezeten, de arme drommel.

Negen!

Ik lees net over een gezin waarvan de vrouw des huizes in verwachting is van haar negende kind. Negen! Ik zou er niet-aan-moeten-denken, negen. Geen haar op mijn hoofd. Al waren het vier Hansen en vijf Tammars, hier moet ik mijn christelijke plicht verzaken. Dit ontstijgt me, dit gaat net als de onmetelijkheid van het heelal mijn voorstellingsvermogen te boven. Waar laat je ze, hoe voed je ze, en waar betaal je ze van, dat zijn nog vragen die ik kan beantwoorden. Slaapzalen inrichten, elke dag gezonde Hollandse enorme pot, en kiezen of delen zouden daarop de antwoorden zijn.

Maar dan dit: vakanties? Op visite? Waar trek je je terug als je daar behoefte aan hebt? Privacy? Hoe krijg je ze allemaal in een Alfa Romeo? Hoe voorkom je dat je totaal gestoord wordt? En waarom hebben vrouwen die in den Heere zijn nooit hoofdpijn?

Een fijne zaterdag.

Ik zal het maar eerlijk bekennen, het werd laat vannacht want ik kreeg nog laat een deugend smsje van een opwindende vrouw. Als het niet mijn eigen vrouw was geweest, zou het een ronduit ondeugend smsje zijn geweest. Ze was uit en vriendinnen hadden op haar ingepraat dat het zo niet langer kon, qua moyenne. Kijk, dat zijn nog eens vriendinnen. Daar heb ik nog eens wat aan.

Maar vanochtend vroeg stond ik op voor de kinderen en ondanks de korte nacht heb ik het volgehouden zonder in te kakken. Om 11 uur moest ik even bij de kapper zijn voor mijn anderhalf-maandelijkse cabaretshow tijdens welke ze me gelijk even knippen. Toen Tammar haar middagslaapje deed kreeg ik een briljant idee: Hans en ik zouden voor de eerste keer gaan vliegeren! Dat vond hij helemaal geweldig en ik moet zeggen dat het ook wel weer enorrum bevredigend is voor een brave huisvader met twee kindertjes. Onderweg naar het weiland had ik in mijne éne hand een vlieger, in mijn andere hand een Hans. Op dat moment moest ik wel even denken aan het boek wat ik op dit moment aan het lezen ben, want ik voelde mij echt een vaderlijke goedzak. Een sul. Eentje die het zo goed met z'n kinderen kan vinden en wiens vrouw hem ook een geweldige vader vindt, maar die niet meer in staat is om haar hartstochtelijke gevoelens te bevredigen, omdat hij nu eenmaal een brave huisvader is geworden en zij er dus achter zijn rug een verhouding op nahoudt met een echte womenizer. Ja, dat zou ff lekker worden zeg! Ik pakte mijn mobiele en belde haar op. Of ze wel goed wijs was en wist waar ze mee bezig was! Ja, ik ga helemaal op in het boek.

Nou ja, het vliegeren bevredigde mij. Het was zeker 30 jaar geleden maar ik vliegerde nog als een jonge god. Hans mocht ook even maar die vond het vooraf toch leuker dan tijdens. Wat later ben ik nog even met hem gaan fietsen. Vlak voor het eten kwamen wij terug en ook daar geen verstorende factoren zoals kinderen die de strijd aan gaan over het wel of niet eten. Daarna in bad, nog een spelletje, nog wat drinken en eindelijk kon ik ze in bed bonjouren en hadden wij een avondje samen. Ik vind het ontzettend nichterig en mieterig om als man te zeggen: "een avondje samen" maar in dit geval was het ongeveer de eerste keer deze week. We keken een film en zojuist werd ik wakker.

Jetske

Er is één vrouw die ik hier nog nooit genoemd heb, maar van wie ik toch een klein beetje hield, omdat haar stem zo mooi was dat het mij niet uitmaakte wat ze zei, als ze maar af en toe praatte. Haar stem viel op tussen de andere stemmen en ik fantaseerde er een donkerharige schone bij, met een lelieblanke huid, zelfbewust en nog single. Toen ik later haar foto een keer in de krant zag heb ik die uitgeknipt en nog steeds heb ik die, al weet ik niet waar. Ze zat niet eens heel ver naast mijn fantasie.

Ik was van de leg toen ze vertelde dat ze een hersentumor had. Ze klonk vrolijk en optimistisch maar ze heeft het niet gered. Op 33-jarige of 34-jarige leeftijd is ze overleden. Daarover verschillen haar zus en Wikipedia van mening. Ik heb het over Jetske van Staa, presentatrice van het Avro radioprogramma Van Staa tot zeven.

Domino.

Het was vanavond feest voor Hans en mama, want mama is een avondje de boel op stelten aan het zetten in Zevenaar. In Zevenaar spreken ze Zevenaars en dat beeld ik altijd als volgt uit: 7 (.) Maar dit geheel terzijde. Dat het voor mama feest is lijkt me duidelijk, maar ook voor Hans want die vroeg of hij lang mocht opblijven. Nou, als hij lief was wel, had ik gezegd en dat is voor Hans al reden om vast te beamen dat hij lief is. En ik moet zeggen, dat was hij. Ik heb hem niet horen zeuren dat hij z'n frietjes niet lustte en hij vond het ook niet erg dat hij een tekenfilm mocht afkijken. Daarna gingen hij en Tammar in bad en geheel zelfstandig heeft Hans zich uitgekleed en als er iets niet lukte (zijn hemd zat onderstebuiten, serieus) kwam hij het me netjes vragen in plaats van te krijsen dat het hem niet lukte. Hij kan het wel!

Ik had Hans beloofd dat als Tammar op bed zou liggen dat hij dan nog even mee naar beneden mocht om een spelletje te doen. Joepieeee. Een Mickey Mouse domino spelletje, en Hans zou me de spelregels uitleggen. Ik begreep geen bal van z'n uitleg dus ik pakte de doos erbij. Het spel bestaat uit 28 kaarten. Elke speler krijgt een gelijk aantal kaarten en legt, om beurten, een kaart op tafel zodat aangrenzende afbeeldingen op elk van de kaarten hetzelfde zijn. Zo wordt een parcours gemaakt en elke speler kan aan het uiteinde ervan een kaart aanleggen. De vorm van het parcours kan dus elke keer weer verschillend zijn. De eerste speler die al zijn kaarten heeft afgelegd is de winnaar.
Natuurlijk. Linda had nog gezegd, het spreekt voor zich. Nou, helemaal niet hoor! Pas na zes keer spelen had ik volgens mij door hoe dit spelletje moest. Want mocht je nu op de kaartjes kijken of moest je steeds de bovenste van je stapel pakken? Mocht je als je een hoek maakte daar later ook weer rechtdoor zodat je een soort t-splitsing kreeg? Want die hoek is ook een uiteinde. En ik maar steeds zoeken naar de spelregels maar met die paar zinnen moest ik het doen. Als je niet kon leggen, wat dan? Mocht je bij de ander op zijn kaarten kijken?

Ik begreep er geen reet van. Voor kinderen vanaf drie jaar! En toen ik het op het laatst met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dóór had, moest ik Hans laten winnen omdat je kinderen nu eenmaal niet het laatste potje kunt laten verliezen.

Onbenullen met een hoofdletter O.

Soms kom ik tot de ontdekking dat ondanks dat we hier met z'n allen bevoorrecht zijn omdat we in zo'n prettig land wonen, waar ons het aan niks ontbreekt en waar van overheidswege goed voor ons wordt gezorgd, het toch af en toe voor kan komen dat ik een klein beetje, ietsiepietsie uit m'n humeur kan raken van de regeltjes en de naleving daarvan. Nee, ik moet zeggen, van de controle op de naleving daarvan.

Eerlijk gezegd was ik pisnijdig vandaag. Wat was er aan de hand? Twee jaar geleden kregen wij controle van een ambtenaar inzake het anti-rookbeleid. Mijn baas stoomt zware shag, even verderop zit er eentje sigaren te roken, gewoon met de deuren open zodat wij de deur van ons kantoor dicht moeten doen om niet in een hoestbui te schieten. En dat ruik je zelfs als je buiten staat. De ambtenaar zei destijds: "Nou, je kunt ruiken dat hier niet gerookt wordt. Prima, houden zo."
Vandaag, weer controle. Drie onbenul sterk! Mijn baas kreeg een telefoontje van beneden dat de controleurs er waren dus hij had even tijd om de asbakken op zijn kamer te verwijderen. Toen de controleurs kwamen vroegen ze: "Wordt hier gerookt?" Mijn baas: "Nee, alleen buiten." "Mogen we even in de kantoren kijken? Prima, houden zo."

Nou, geef die controleurs een uitkering ter hoogte van hun salaris en laat ze lekker in hun bed liggen de hele dag. Dat scheelt mij zoveel ergernis. Mijn baas doet alsof hij mijn ergernis niet ziet en steekt nog eens een lekker zwaar shaggie op tijdens het eten. Een ander probeert nog enigszins fatsoenlijk in de deuropening te gaan staan zodat je dubbel last hebt van de rokers. Rook en tocht.
Ik ben maar weer gaan werken. Onder protest deze keer.

Talent

Ik verlang een beetje terug naar de tijd dat de term 'talent' nog was voorbehouden aan jonge sporters, muzikanten of eventueel televisiepresentatoren. Waarom, ach waarom waait toch alles uit de wereld van glitter en glamour over naar bedrijfsleven en politiek? In het bedrijfsleven zitten nu eenmaal de glitter-en glamourlozen anders waren ze wel ergens op televisie opgedoken. Waarom wordt er niet meer gewoon gewerkt onder de bezielende leiding van een deskundige? Waarom is ons doel niet meer het verdienen van de kost maar is het invulling geven aan een carrière een doel op zich? Waarom bestaat er tegenwoordig politiek talent, fiscaal talent, journalistiek talent, en zit het bedrijfsleven te wachten op aanstormend jong talent? Ik haat dat soort talent! Irritant tuig is het. Wist u dat topmanagers tegenwoordig ook personal coaches hebben? Net als een topsporter? Want, redeneren de topmanagers, het is topsport wat we doen. "Nou", denk ik dan, "als je er een coach bij nodig hebt, heb je er geen talent voor, hoor!"

Ik zit te wachten op iemand met het talent om de wereld weer met beide benen op haar eigen grond te krijgen. Want anders is het wachten straks op vakbondsmasseurs, op de WK senior account-managing 2011 en op het televisieprogramma "bookkeeping-insite". En hebben we straks kapsters die uit vorm zijn. Of ambtenaren die afzien. Misschien moeten we eens introduceren dat iedereen stopt met werken en in plaats daarvan in training gaat. Zodat we op zondag aan de bussines-competition mee kunnen doen? Of is dat net een stapje te ver?

Of zal ik me niet langer verzetten en er aan meedoen? Wij zoeken nog huishoudelijk talent, agrarisch talent, tuinkundig talent, bezinepompbedieningstalent, administratief talent, bejaardenverzorgingstalent, stratenmakerstalent, aanstormend verkeersbordenwasserstalent…

Abraham

Vandaag werd er iemand vijftig bij ons op kantoor, dus gisterenavond werd ik gevraagd om mee te komen helpen met het versieren van zijn kantoor. De bedoeling was dat het hele vloeroppervlak vol ballonnen zou liggen. "Hahaha, wat zal hij opkijken! Zoiets verwacht hij nooit!" Nee, natuurlijk niet. Als je het ooit verwacht is het wel op je vijftigste verjaardag en niet op zomaar een dinsdag, lijkt mij. Maar goed, ik dacht slim te zijn en een elektrische pomp mee te nemen maar daar krijg je echt geen ballon mee opgeblazen. Niet eentje! Dus dat werd het ouderwetse blaaswerk, wat trouwens veel beter gaat dan zo'n dubieus handpompje waar een andere collegsta dan weer mee aankwam . Ik heb zeker vijftig ballonen met mijn mond opgeblazen wat veel meer was dan mijn zware shag rokende collega.

Vanochtend toen de vijftigjarige alle ballonnen kapot had geprikt meurde het pas echt naar ouwe mannen op zijn kamer.

Mack’s geweten.

Ik loop er vrijwel dagelijks tegenaan; mensen die het niet te nauw nemen met wetten en regels. Ik irriteer. Me eraan. (omdat je irriteren niet wederkerend kunt gebruiken) Onder ondernemers ben je sowieso zo goed als kansloos om er eentje aan te treffen die goudeerlijk is. Vrijwel iedereen probeert de belasting af en toe op te lichten, en dat is tot daaraan toe, maar het is moeilijk iemand te vinden die zich er ook voor schaamt. Het lijkt juist iets om trots op te zijn. Ik persoonlijk zie het anders, en ik denk dat het is zoals ik het zie. Er is een grote berg geld, daar heeft iedereen een aandeel in, en ieder die er van steelt zorgt dat een ander meer moet betalen om die berg op peil te houden. Dat besef, dat zou er toch eens wat harder in geramd moeten worden.

Is het in deze tijd nog goed om goudeerlijk te zijn, of is het een beetje dom? Is deze visie nog wel juist of moet je het oogluikend allemaal toestaan omdat het onderliggende belang groter is? Economie schijnt namelijk voor een aanzienlijk deel op zwart geld te draaien. Of is het geoorloofd om te zeggen: als ik het niet doe, dan doet een ander het wel? Of: zolang de overheid van ons steelt mag je terug stelen? Vroeger waren de meeste mensen nog bang van God, maar daar hebben er niet zo heel veel meer last van. Waar is het tegenwoordig eigenlijk nog goed voor, dat eerlijk zijn?

Het leven begint bij veertig

Gisteren jongen, je had erbij moeten zijn. Ik was met Hans en Tammar even op het schoolpleintje, loopt er een onvaassens mooie meid voorbij. Eentje van begin twintig ongeveer, ze droeg een zwarte strakke broek met daaronder laarsjes, een donker leren jack met daaronder een witte blouse, en een knoepert van een blonde paardenstaart. Gewoon hier in de buurt waar ik woon! En niemand had me gewaarschuwd! Kent u het geluid van voetstappen van een mooi meisje op zondagochtend? Eigenlijk dienen andere geluiden even te wachten tot het geluid van haar voetstappen is weggeëbt. Ze droeg een zware tas, tenminste, daar leek het op, want ik heb hem natuurlijk niet gewogen. "Bij welke lucky bastard zou ze geslapen hebben?" dacht ik onwillekeurig. Ja, daar doe je gewoon niks aan, dat je dat denkt. Dat gaat volkomen vanzelf. Het zit er in, en het gaat er waarschijnlijk nooit meer uit.

Toch heeft de natuur ook weer een mooi verdedigingsmechanisme tegen oude vieze mannetjes als ik. Het kind had feilloos in de gaten dat ik geen 39 meer ben en keurde me geen blik waardig. Ja, het leven begint bij veertig. Ammehoela.