De wereld op zijn kop!

In een relatie moet je elkaar niet proberen te veranderen is een veelgehoord relatieadvies in menig vrouwenblad. Je moet elkaar respecteren en leren omgaan met dingen die je niet kunt veranderen aan elkaar. Apekool! Totale nonsens! Je moet elkaar juist wel proberen te veranderen in een relatie. Ten diepste wel! En natuurlijk geeft dat af en toe een ontploffing maar een beetje relatie ruimt de scherven op en gaat gehavend weer verder. Linda en ik zijn inmiddels allebei zwaar gehavend. Dat wil zeggen, we hebben elkaar zo veranderd dat we elkaars goede en slechte eigenschappen hebben overgenomen en dat we nu eigenlijk omgekeerd evenredig tegenover elkaar staan (het blijft een strijd) als toen we elkaar net leerden kennen.

Zo lust ik tegenwoordig geen dingen meer die ik niet lekker vind, en toon ik belangstelling voor t-shirts met al dan niet grappige teksten. Ik laat de bankzaken over aan haar, en ik hou nu ook van muziek gemaakt door mensen met lang haar en ongecontroleerde kracht in hun armen.
Linda spaart tegenwoordig, verzamelt voornamelijk vriendinnen om zich heen die van onbesproken gedrag zijn, koopt gewoon nette in plaats van haha-sokken, kookt soms een gerecht wat ze nog nooit gegeten heeft en volgt een heuse avondstudie.

Eigenlijk kunnen we weer van voor af aan beginnen met elkaar veranderen. Weer de andere kant op, want we zijn doorgeslagen. Nou ja, het heeft ook voordelen. Zo komt er tijdens het veranderingsproces wiskundig onvermijdelijk ook een moment dat je op één lijn zit. Meestal is dit tijdens vakanties. Eng hoor, als je het steeds met elkaar eens bent. Wij gaan dan ook hooguit twee weken achter elkaar naar Frankrijk. De woorden "Oui d'accord ma/mon chéri(e)" werken op een gegeven moment ook op je zenuwen.

Aanleiding voor dit logje was een nogal ongepast grapje dat ik wilde doen hier, maar Linda vond dat ik dat niet kon maken. Het is hier tegenwoordig de wereld op zijn kop!

Greidanus, Lipstift en Jack

Kent u het verhaal van de drie vrienden Greidanus, Lipstift en Jack? Nee? Ik ga het u vertellen.

Greidanus, Lipstift en Jack zaten bij elkaar op school. Niet een hele goeie school, gewoon een normale Mavo, want hun niveau kwam later pas. Een dependance, ook dat nog. Greidanus, Lipstift en Jack zaten in de brugklas en voelden zich al hele pieten, doordat zij de basisschool reeds achter zich hadden gelaten. Op een dag had Lipstift een idee.
"Joo Greidanus," riep Lipstift, "jij Lutser! Luister eens, ik heb brekend nieuws. Ik ga een über-coole klassenfuif organiseren waar de honden geen brood van lutsen. Eigenlijk niks voor kansloze Elvisfans als Jack want ik ga alleen muziek draaien uit mijn heersende vinyl collectie."
"Brute poep!" antwoordde Greidanus, "Daar zou ik bijna een harde klavots van krijgen. Ik dirk het helemaal te Dirk! Ik heb ook nog een paar knijters in m'n single-collectie, en ik kom zeker want als ik er niet ben, is een feest geen feest. Bovendien, ik regel de beveiliging, want beveiligen zit in mijn boom lauwe genen."
"Hee Sjonnie Alfa," riep Greidanus. "Luistert en huivert. We doen een klassefuif (nog zonder tussen-n in die tijd.) Kom je ook? Jouw Elvismuziek mag niet mee. Elvis is zooooo 1978."
"Nou ik kom wel," zei Jack, "Dan luister ik wel naar die Klaus Wunderlich muziek van jullie. Komt Susan ook?" (Susan was het mooiste meisje van de klas) "Ja, die über-geile fapvrouw komt ook." zei Lipstift. "Maar denk maar niet dat jij een kans maakt bij haar als wij erbij zijn. Dan kun je wel als een mietje in haar poeziealbum geschreven hebben, maar dat helpt niks. Ze valt op echte kerels."
Nou ja, het werd een leuk feestje. Lipstift introduceerde housemuziek aan de klas en Greidanus voerde steevast het laatste nieuwe taalgebruik ("too riffic" riep hij de hele tijd) en was mede daardoor een populaire verschijning. Echter, zowel Jack, Lipstift als Greidanus slaagden er die avond niet in om Susan voor zich te winnen.

Jaren later, in het jaar 2008 om precies te zijn, was ieder zijn eigen weg gegaan. Lipstift had een heersende functie in de bouwelarij, Greidanus had een boom lauwe job in de beveiligingelarij en Jack had van zijn hobby zijn beroep gemaakt in de boekhoudelarij. Helemaal niet slecht voor de Mavo, maar ook weer niet zo bijzonder dat je er over kon opscheppen. Alhoewel Greidanus dat nog wel eens probeerde. Susan daarentegen, was een bekend schrijfster geworden. En columniste. Een graag geziene gast in diverse radio- en televisieprogramma's. Ze was eigenlijk mooier dan ooit. Een droom op mooie benen, daar overdrijf ik weinig aan. Op een dag zat Susan op schoolbank.nl eens te kijken naar foto's uit haar brugklasperiode. Grappig, ze herinnerde zich eigenlijk weinig namen meer die bij de foto stonden. Lipstift, Greidanus…, las ze maar het zei haar niks. En ook hun gezichten deden geen bel rinkelen. Instinctief zocht ze naar Jack. Ja Jack…die had toen zo mooi in haar poeziealbum geschreven. Hij moest eens weten dat ze dat versje nog steeds van buiten kent.

Als je later na veel jaren
Nog eens in dit album leest
Denk dan wie er in je jeugd
je vrienden zijn geweest
En wanneer je in gedachten
dan ook nog eens doorloopt die lange rij
Denk dan ook mijn lieve Susan
Nog eens een keertje aan mij.

(Elke overeenkomst met bestaande personen berust op toeval.)

Twee keer gelaserd!!

Mijn beroep zou het niet zijn, politieagent, maar het is natuurlijk goed dat ze er zijn. Alleen, die flitsers hè, daar kan ik maar niet aan wennen. Vanochtend, wij hadden haast omdat mevrouw Mack naar Berlijn moest en de bus vertrok om acht uur. Ik moest nog tanken en dat was niet bij de rit ingecaluleerd, aan de andere kant gingen we met mijn auto, en die heft die verloren tanktijd makkelijk op.

Op twee plekken, hooguit 600 meter uit elkaar, richtten agenten een pistool op mij. Een laserpistool welteverstaan. Je mocht er 30 en ik reed iets van xxxxxtig dus die agent had geen tijd genoeg om mij én te laseren, én om de weg op te springen om mij staande te houden. Hij laserde wel, maar toen hij op het schermpje keek hoe hard ik ging was ik al voorbij. Ik riep nog uit het raam dat ik nu geen tijd had omdat ik mijn vrouw weg moest brengen, maar dat ik morgen wel even zou stoppen.

Nou ja, bij de volgende post 600 meter verderop, zie ik er dus alweer ééntje staan, en ik moest toch remmen omdat we bijna bij de kinderopvang waren (Hans en Tammar moesten eerst veilig weggebracht) en met een gangetje van 30 passeerde ik de agent. Dus ik roep weer uit het raam tegen die agent dat-ie beter achter die en die boom kon gaan staan, want zó zag ik hem al op honderden meters afstand. Maar ook dat kunnen ze niet waarderen en gelijk dreigen ze dan met een bekeuring voor het hinderen van politiewerk, maar ik vond juist dat ik bijdroeg. En ik heb dat twee keer eerder gehad, dat ik een agent wat tips gaf ter verbetering van zijn werk, maar dat kunnen ze absoluut niet waarderen. Sommige mensen willen gewoon niks bijleren.

Het was overigens aangekondigd in de krant, dat ze wat vaker zouden gaan controleren op snelheid en wel precies op twee punten waar ik altijd rij. Langs het kanaal en op de weg naar de kinderopvang. Ik noem dat niet toevallig. Er is een verrader onder ons.

Welk onderschrift stond er bij deze foto?

Ik heb het er liever niet over, maar dit is dus mijn ex-aanstaande bruid. (voor de grappenmakers: met het witte blousje) We zitten hier op ons vrijgezellenfeestje, en één of andere gladjakker probeert haar te versieren met een gladjakkersgoocheltruuk en volgens mij lukte dat ook nog want onze bruiloft is uiteindelijk niet doorgegaan. Zij vond mij te jaloers. Nah, belachelijk toch? Kijk ik jaloers op deze foto? Ik doe toch hartstikke mijn best om niet jaloers over te komen? Ik ben vergeten wat ik dacht op dat moment. Maar misschien weet u het wel.

Opdringerige familie

Mevrouw Mack had gisteren op haar Hyves gezet dat wij een dagje naar het Noorder-dierenpark in Emmen zouden gaan. Natuurlijk zet je zoiets normaal gesproken niet op Hyves, inbrekers weten dan dat je de hele dag weg bent, maar in ons geval maakte dat niks uit want wij waren helemaal niet van plan om weg te gaan. Dat is gewoon een mededeling naar de buitenwereld om de schijn op te houden dat wij in het weekend erg leuke dingen doen als gezin. Stel je voor zeg, een hele dag tussen die dom uit hun ogen kijkende beesten lopen, je moet er toch niet aan denken? Nee, dit zou weer een ouderwets bierweekend worden, zoals het eigenlijk elk weekend hier gaat; sport aan, liggen op de bank en drie kratten bier binnen handbereik.

Helaas, helaas, mijn droomweekend werd bruut verstoord door een hyvester die deze dag alleen met haar 4 kinderen zat en die het eigenlijk wel leuk vond om mee te gaan. Best wel een opdringerig mens maar ja, je hebt ze ertussen. Waarnaartoe dan? vroeg ik. Naar de dierentuin! Dierentuin? Shit! De dierentuin! Daar ging mijn bierweekend! Konden we godsamme dat hele takke-end naar Emmen kachelen om daar een paar onnozele olifanten te zien. Anders ging onze gezinsreputatie naar de knoppen. Dus daar zaten we met z'n vieren chagrijnig in onze station onderweg naar Emmen, met in ons kielzog een Renault Espace volgeladen met kinderen en een vrouw die ons zouden vergezellen. Ik probeerde de bus onderweg nog een paar keer af te schudden zodat ik kon omkeren, maar de bestuurster bleek een vasthoudend typ en week niet van mijn bumper.

En alsof het allemaal nog niet genoeg was, anderhalf uur nadat we de dierentuin binnen waren gegaan kwam meneer Mellody ook doodleuk binnenlopen (afspraak afgehandeld en ach…toch niks te doen), weer tien minuten later kwamen Mell's ouders aangereden, gevolgd door haar zus en haar broer met aanhang en kinderen, en net toen ik dacht dat het eigenlijk niet meer erger kon stond haar zus uit Tanzania voor onze neuzen. Had het ook gelezen op Hyves en was snel even overgevlogen om hier neushoorns te komen bekijken. Nou, als je praat van een opdringerige familie….

WWW

Kent u ze ook? Van die stoere mannen die met hun mond alles kunnen? Het probleem van die mannen is dat ze zelf denken dat mensen hun verhalen geloven. En omdat ze dat denken worden hun verhalen steeds stoerder, onverschilliger en ongeloofwaardiger.

Van die types die heel stoer roepen dat hyves voor wyves is en dat ze hun account gaan deleten. Maar vervolgens zie je ze twee maanden later nog steeds amechtig kloppend op hun toetsenbord allerlei quasi-nonchalante opmerkingen bij de mooiste vrouwen maken. En als je ze er dan een keer aan herinnert aan dat ze hun account zouden deleten, is hun naam ineens HermAAnuS en zie je ineens in hun WWW (wie wat waar) staan dat ze al een half jaar aan het proberen zijn om hyves te deleten maar dat het niet lukt. Tuurlijk. Ze willen gewoon maar al te graag hyven. Leer mij deze types kennen zeg!

Maar om de proef op de som te nemen moest mijn Mack Webber account eraan geloven. Ik deed er niks mee en die had slechts 1 vriend, een rustige en bescheiden jongeman uit Vaassen, dus dat was niet zo'n probleem. Twee minuten kostte het mij om dat account te deleten. Dus ik denk gewoon dat onder die ruwe bolster een heel blij jongetje zit, dat heel erg opgewonden raakt van Hyves, maar dat niet wil toegeven. Een soort Sjonnie Travolta die gek wordt van blijdschap als hij z'n vakantieliefje weer ziet, maar zich ineens herinnert dat hij een stoere jongen is. Wat denkt u?

Langs slinkse wegen.

Ha! Inmiddels weten mensen mij ook privé te vinden als er belastingformulieren moeten worden ingevuld, jaarrekeningen moeten worden opgemaakt of andersoortig financieel advies moet worden ingewonnen. En natuurlijk vind ik dat helemaal niet erg en ik doe dat geheel belangenloos want ik ben doordrenkt van goedheid in hart en nieren. Soms denk ik wel eens: waarom wacht iedereen op de wederkomst van Jezus Christus als ik er al ben, maar aan de andere kant wordt die goedheid mij soms wél teveel.

Sinds ik getrouwd ben, ben ik niet meer baas over mijn eigen tijd. Mevrouw mack regelt mijn vrije dagen al rechtstreeks met mijn baas, kom ik helemaal niet meer aan te pas, en dan hoor ik mijn baas op woensdag zeggen: "Tot vrijdag." Ander voorbeeld, mijn zus heeft een vriendin wiens man met eigen bedrijf een bedrijfsongeval heeft gehad, en zegt haar vast toe dat ze niet hoeft in te zitten over de administratie, dat doet Mack wel. En dat ze dan belt met de mededeling: "Ja, ik vraag het je wel maar ik heb het al toegezegd, dus eigenlijk kun je geen nee meer zeggen. Dat doe je wel toch?"

Ik moet dus slimmer worden dan mijn tegenstanders. Mijn overburen bijvoorbeeld, hadden de aangifte ingevuld en kregen een leuk bedragje terug. Maar mevrouw Mack had ze wijs gemaakt dat ik er meestal nog wel wat extra's uit kon slepen, en daar hadden ze wel oren naar. Dus heb ik het gisteren zo ingevuld dat ze nu in plaats van een teruggaaf, € 150 moesten betalen. Ja, sorry, maar als je geen nee kunt zeggen (iemand nog een schilderij?) dan moet je langs slinkse wegen zorgen dat je weer tijd krijgt. Want anders heb ik geen tijd meer om logjes te schrijven. En dat willen we niet.

m’n parttime collega

Die liep ik net tegen het virtuele lijf van onze e-mailserver. Wat ik daar zo laat deed. Dat kan ik beter aan jou vragen, enzo.

Collega: ik zag dat al die back-ups nog een keer verstuurd zijn, ben je zeker wel druk mee geweest?

Ik: Nee, ik niet. Jan. Je had het weer eens verkeerd gedaan.

Collega: Oh echt? Wat zei die?

Ik: Je moet morgen om half negen bij hem op kantoor komen. P.S. Je hoeft voor tussen de middag geen brood mee te nemen.

Collega: Hoezo niet, trakteer jij?

Wasmachine

Heeft u dat wel eens, dat u zich schaamt voor uw buren? Dus niet voor uw búren, maar vóór uw buren? Je kunt je over van alles schamen voor je buren, maar ergens ligt de overtreffende trap van buurtschaamte.

Ik zelf ben erg schaamgevoelig, ik heb dan ook een extreem grote schaamstreek. Ik schaam me de laatste tijd voor onze wasmachine. Toen ik hem kocht c.q. toen mijn moeder hem voor mij kocht, was het nog een keurig nette wasmachine die de plaats in kwam nemen van een toploader die ik daarvoor had. Hij deed zijn werk trouw en heeft eigenlijk maar een paar keer dingen laten krimpen, en wiens schuld dat was durf ik hier niet te zeggen maar laat één ding duidelijk zijn: niet de mijne.

Verder heeft-ie nog wel eens iets roze gemaakt dat ooit wit was, maar ook hier geldt weer dat principe van "wie de was niet doet, doet meestal niks", dus ook hier ging ik vrijuit. Maar wat die wasmachine nu verzonnen heeft! Hij is nu een jaar of 10 en voor een Zanussi is dat best oud. Hij begint wat gammel op zijn pootjes te staan. Zo gammel dat hij 's nachts tijdens het centrifugeren op nachtstroom, een gebulder voortbrengt dat ik eigenlijk niet met het woord geluid af kan doen. Het is meer alsof er een Stuka duikbommenwerper rakelings over de nok van je dak scheert. Toen het vannacht gebeurde zat ik rechtop in bed. Mijn hoogbejaarde buurman zag ik al met zijn antieke geweer schreeuwend de tuin in rennen. "Ze zijn terug! Ik schiet ze voor hun sodemieter" riep hij luidkeels.

Na een paar minuten kon ik hem geruststellen en duidelijk maken dat het onze wasmachine maar was. Of ik volgende keer een Miele kon kopen in plaats van een Messerschmitt, was zijn commentaar.

’t Is een kwestie van geduld.

Ik vroeg mij wel eens af, waar gaat het heen met de wereld? Maar ik denk het antwoord gevonden te hebben. Ik kwam op deze vondst doordat ik vanmiddag in de pauze mijn baas aanhoorde. Mijn baas is soms nog wat radicaal in zijn opvattingen. Mijn opa kon dat ook zijn. En ik kon dat vroeger ook zijn, toen ik nog niet werd gehinderd door de kennis die ik inmiddels heb. Simpel en doeltreffend. Niet met iedereen rekening houdend maar handhaving van de principes: wie niet zaait, zal niet oogsten, en wie zijn billen brandt, moet op blaren zitten. Maar mijn standpunten zijn over het algemeen wat gematigder geworden. Langzamerhand wordt het een beetje saai gemiddelde van alle standpunten die ik ooit gehoord heb. Dus vóórs en tegens afgewogen levert het onvermijdelijke compromis op. Dat mijn baas die radicale standpunten handhaaft komt omdat hij niet dagelijks op internet loopt te zwammen, zoals ik. Hij is dus gewoon nog niet aan het denken gezet omdat hij nog niet veel andere meningen gehoord heeft.

Het gaat eigenlijk precies hetzelfde als met het gemiddelde van rood en wit. Roze. Als de menselijke soort maar lang genoeg blijft bestaan, zijn er straks geen rassen meer, maar zijn wij allen licht getint, wij praten een soort Limburgs, (dankjewel Rowwen) en wij denken allemaal gematigd. Imagine.
Om de Nobelprijs binnen te halen, moet ik deze gedachtengang nog verder uitwerken, maar de basis ligt er. Over een jaar of 100.000 schat ik dat het ceteris paribus al zover is. (met onze soort, niet de Nobelprijs.) Ik spreek u dan.