Zojuist dacht ik gedurende een seconde dat er een alarm afging. Ik schrok want we hebben geen alarm en mijn auto volgens mij ook niet. Bovendien staat die 50 meter verderop geparkeerd. Toen ik deze gevolgtrekkingen in die seconde had verwerkt, schoot ik naar beneden omdat ik me realiseerde dat het Tammar was die lag te gillen in haar bed. Een rat. Een rat in haar bed, dat is waar ik aan dacht. Waarom dat mijn eerste gedachte was weet ik niet, maar het klonk alsof ze gebeten werd. Toen ik haar kamer opkwam jammerde ze dat ze heel eng had gedroomd, maar ze wist niet meer wat. En of ik het even tegen mama kon gaan zeggen. Mama sliep al, maar ik ben het even gaan zeggen. “Komt ze eraan?”, vroeg Tammar. Ik legde haar uit dat ik nu bij haar was en dat een droom niet echt is. Ze werd vrij snel weer rustig en vroeg of de deur open mocht blijven staan, anders zou de droom weer terugkomen. Ja, daar ben ik nu ook bang voor, dat die droom weer terugkomt. Ik heb het vaker meegemaakt, met Hans, maar ook met mezelf, dat als je doorslaapt de droom weer verder gaat.
Vanavond las ik aan Hans het laatste hoofdstuk voor uit het boek “Pinkeltje en Klaas Vaak”. Over hoe dromenpretje en dromenpuutje de kinderen met een zak zand te lijf gaan. Dromenpretje strooit wit zand voor de kinderen die lief zijn, Dromenpuutje strooit rood zand voor de kinderen die stout zijn. Dick Laan, de schrijver, is nog uit een andere generatie. Een zwarte pop heet onbeschaamd ‘roetmopje’, iets wat tegenwoordig tot zware protesten onder de blanke bevolking zou leiden. Meneer Dick Laan deed ook nog een sterk staaltje ongegeneerde zelfpromotie. Pinkeltje heeft in het verhaal een droombril en kan daarmee zien wat iedereen droomt. Pinkeltje vraagt wat meneer Dick Laan droomt, en krijgt prompt te zien dat Dick Laan in een kamer zit vol met boze vaders die geen Pinkeltje meer willen voorlezen aan hun kinderen, maar daarna komen er duizend kinderen die roepen dat hun vaders elke avond Pinkeltje moeten voorlezen. Geboren in 1894, dat verklaart veel.
Mijn hart is inmiddels weer bekomen van de schrik, en ik ga slapen. Dromenpuutje moet maar eens bij mij langs komen als hij durft. Tammar stout geweest! Hoe verzinnen ze het?
Lieve papa 🙂
LikeLike
Wat leuk zeg, die las ik ook altijd voor, hoewel Dromenpuutje nieuw voor me is, of ik ben het vergeten natuurlijk, dat kan ook.
LikeLike
Ja, Pinkeltje. Die zinnen lopen niet lekker. En als ik wat weinig tijd had (altijd), sloeg ik wel eens stukjes over. Maar dat merkten ze feilloos. “Nee mam, zo is het niet, even over lezen”. En uiteindelijk ben je dan meer tijd kwijt dan gewoon doorlezen.
Het waren niet mijn favoriete boeken, maar de kinderen waren er dol op.
Momenteel ben ik met mijn kleinzoon van twee in Nijntje bezig.
Alles herhaalt zich.
LikeLike
Dick Laan, ja die boeken herinner ik me wel, maar Dromenpuutje ken ik niet. Ik las mijn kinderen leuke en grappige boeken voor van oa Annie Schmidt. Ik denk dat ik Dick Laan niet leuk vond.
LikeLike
Verdomd, dat Pinkeltjeverhaal herinner ik me, nu jij het hier vertelt!
LikeLike
Ik neem aan dat het niet vorige maand was, dat je het las?
LikeLike
Nee, ik ben nu even bezig met de biografie van natuurkundige Richard Feynman.
LikeLike