Vijftig

Het is zover. Nou ja, nog een paar uur dan. Ik ben vijftig. En interesseert me dat? Ja! Ik vind het echt niet leuk. Vijftig is onherstelbaar oud. Kun je met 49 nog wegkomen op een feestje, in het woord vijftig zit de ij van grijs. Pas bij zeventig klinkt het weer levendig. Dan ben je een jongere oudere, en wordt je pas definitief oud als je negentig wordt.

Aan mijn verjaardag doe ik nooit iets, ik denk dat ik hem de afgelopen tien jaar twee keer gevierd heb. Morgen dus ook niet. En aan de andere kant, vijftig, ik heb het ook maar mooi gehaald zonder echt grote gezondheidsproblemen. Dat het ook anders kan realiseer ik me terdege.

Ik heb het meeste brood wel op, zoals ze wel eens zeggen. Maar dat zeiden ze tien jaar geleden al. Pas de problème. Wat ik dan wel precies een probleem vind is nog niet helemaal duidelijk. Misschien omdat ik het ouder dan vijftig zijn bekijk door mijn onervaren ogen. We gaan het zien. Misschien is de overgang veel geleidelijker dan ik denk. 1969, toen was ik er al. De wereld was onvoorstelbaar anders. Gefeliciteerd aan mezelf vast.

De invloed van Facebook

Facebook is een volkomen nutteloos sociaal medium dat hun gebruikers volledig in hun greep heeft. Dit weet ik al heel lang, dus u hoeft mij er daar niet aan te herinneren of mij dat nog even in te wrijven. Hetzelfde geldt overigens voor Linkedin, alleen daar hebben de gebruikers het nog niet door, dus gaat uw gang. Om Facebook dus een betere plek te maken, doe ik daar vrijwel uitsluitend aan grapjes, niets serieus. Ik vind het leuk als mensen daarom moeten lachen, niets menselijks is mij vreemd.

We kregen van de makelaar een berichtje over dat een kijker had laten weten dat hij meerdere huizen ging bezichtigen en dat hij ons nog liet weten of we nog in de race waren. Prima, maar ergens irriteert me dat. Dus ik had dit op facebook gezet plus de mededeling dat we de kijker hadden laten weten dat onze keuze niet op hem gevallen was. Gewoon een grapje, ik vind het eenmaal leuk om “arrogantie” te bestrijden met eigen deeg.

Een mailtje van de makelaar. Dat de kijker was afgehaakt maar dat we dit zelf blijkbaar al geconcludeerd hadden getuige mijn bericht op Facebook. En dat hij adviseerde om het bericht eraf te halen. Ik had helemaal niks geconcludeerd en de kijker heeft mijn bericht ook niet gezien. Maar ja, nu ben ik dus zwak. Ik heb het bericht eraf gehaald, terwijl dat ingaat tegen mijn principe. Ik had hem dat eigenlijk moeten mailen. Dat hij niet zo veel waarde moet hechten aan deze flauwekul. Dat de invloed ervan nihil is. Dat iets op Facebook 100 keer gedeeld wordt maar 0 keer gekocht. Kortom, bemoei je er niet mee.

Maar nee, ik wil hem niet in het harnas jagen, dus nu gedraag ik me als een mak schaap. Waarschijnlijk als ik een eigen zaak had deed ik ook mee aan die flauwekul.

Vooroordeel

Omdat ik al jaren met de hond dezelfde ronde loop, ken ik ook de mensen die ik dan tegenkom. Zo loopt er vaak in tegenovergestelde richting een vrouw met een Border Collie. Haar hond kijkt meestal niet naar mijn hond om, omdat hij uiterst fanatiek achter een tennisbal aanrent die zij zojuist wegslingerde. Soms liep ik wel eens een stukje met haar mee, maar ze was bijna niet bij te houden, zo stevig liep ze door. Drie keer per dag liep ze die ronde van 2,5 km, vertelde ze. Haar hond deed er zeker 3,5 km over.

Een tijdje terug kwam ik haar tegen en droeg ze een hoofddoek, dat vond ik haar nog leuk staan. Totdat ik zag dat haar gezicht wel erg bleekjes was. Ze vertelde me dat ze borstkanker had, maar dat de prognoses goed waren. De eerste maanden van dit jaar kwam ik haar vaak tegen, zij altijd met hoofddoek, maar onverminderd snel. Totdat ik een poosje terug een man tegen kwam met haar hond. Ik dacht, oh jee. De dag erop kwam ik een op haar lijkende vrouw tegen met haar hond. Dat moest haar oudere zus zijn. Ik dacht, zal ik het vragen, maar ik deed het niet. Ik vreesde dat er iets ernstigs was, maar het kon natuurlijk zijn dat ze tijdelijk in het ziekenhuis lag en iemand met haar hond moest lopen.

Twee weken geleden kwam ik haar weer tegen. Zonder hoofddoek en met heel kort haar. Ik vroeg haar hoe het was, en het ging goed met haar. Ze vertelde me wat haar nog te wachten stond, maar dat ze het ergste had gehad. Vanochtend kwam ik haar weer tegen. Haar haar weer ietsje langer, en monter als altijd. Een bocht later kwam ik vreemd genoeg haar zus ook tegen, met haar hond! Terwijl zijzelf ook met haar hond liep, driehonderd meter terug. Ik realiseerde me dat hier iets niet klopte en moest concluderen dat haar zus een gewone mevrouw was en dat haar hond een andere Border Collie was. In mijn gedachten had ze al op het randje gezweefd. Ik had me al ernstig zorgen gemaakt, op basis van mijn eigen foutieve conclusies.

De moraal van dit verhaal, tegenwoordig moet je 1+1 grondig narekenen.

Madonna op het songfestival

Ik hoorde tijdens de halve finale al een paar keer haar naam en dacht dat ze zou komen. Maar ik had het kennelijk verkeerd. Tijdens de finale hoorde ik het weer, maar toen bleek het te gaan om een zangeres die erg op haar leek. Totdat ik het allemaal toch goed gehoord bleek te hebben, en Madonna er echt bleek te zijn.

Over de kwaliteit van haar optreden hoef ik het niet echt te hebben. Overal op internet schijnt men over elkaar heen te vallen over hoe vals ze zong. Jan Smit vond het wanstaltig slecht, en mevrouw Madonna zou met dit optreden een miljoen dollar verdienen. Nu is Madonna nooit een groot zangeres geweest, en nu ze 61 is is dat er niet beter op geworden. Dus voor mij geen verrassing dat haar stem niet klonk als een klok. En haar performance was te kort om het nog maar iets van glans mee te geven.

En toch was ik vanaf het eerste moment dat ik haar zag gebiologeerd. Ten eerste was dit niet zomaar iemand, maar de moeder aller vrouwelijke popsterren. Madonna was een begrip in de jaren tachtig, dat klonk als het Barcelona Dreamteam, als het trio van Basten, Gullit, Rijkaard. Als Senna en Prost. Madonna was perfectie, schoonheid, en sekssymbool. Haar invloed op de jeugd (op mij) was gigantisch. Als je haar geliefde kon zijn, dan moest je zelf wel superkrachten bezitten.

Maar waarom ik voornamelijk betoverd was: omdat Madonna live optrad in 2019 en nog net zo uitzag als in 1989! Ik wist niet wat ik zag! Zij was rechtstreeks de jaren 80 uitgestapt, had een paar decennia overgeslagen en dook ineens hier in 2019 op, exact zoals ze de jaren 80 had verlaten. Magisch vond ik het. Not everyone is coming to the future, zong ze. Ik begreep haar boodschap. Ik was de enige op de hele wereld die begreep waarom ze dat zong. Of in elk geval de enige die van haar optreden genoten had.

Piep

Mijn kinderen detecteerden vandaag een piep. Mevrouw Mack en ik hoorden niks. Ze zeiden dat het een harde piep was, maar wij hoorden nog steeds niets. Het bleek een apparaat te zijn dat katten uit je tuin houdt. Ik dacht vroeger dat het mij niet zou gebeuren, een leesbril nodig hebben en hoge tonen niet meer kunnen horen, maar mooi wel. Je ontkomt er kennelijk niet aan als je ouder wordt. Toen ik bijgekomen was van deze constatering, ging ik pas nadenken over het apparaatje. Iemand probeert jonge katten uit zijn tuin te houden, oudere katten horen de piep toch niet.

Ik had twee opa’s, eentje was gek op dieren, de ander moest er niks van hebben, tenzij ze als dood vlees op z’n bord lagen. Die laatste liep hard tot zijn tachtigste, en droeg ook een pieper bij zich waarmee hij honden kon wegjagen die te dicht in zijn buurt kwamen. Hij stond met een bezem een nest broedende duiven uit een boom in zijn tuin te verjagen, want die maakten herrie. Mijn broertje kwam een keer overstuur thuis omdat nadat hij bij opa achterin de auto had gezeten, opa geen poging had gedaan om te remmen voor een paar overstekende eenden, en had die dus doodgereden. Nooit remmen voor een dier, had hij gezegd.

De ander voer zijn motorjacht vast in het riet omdat hij moest uitwijken voor een paar waterhoentjes. Baasje zal jullie niet overvaren hoor! Hij kreeg ruzie met mijn oma omdat die hem stom vond. Die beesten waren echt wel aan de kant gegaan hoor. Deze opa kwam een keer thuis met een wond aan zijn hand en oma vroeg wat er gebeurd was. Hij bleek gebeten te zijn door de hond die hij wilde aaien, maar had niks gezegd omdat hij bang was dat de hond op zijn donder zou krijgen. Hij zei altijd, als iemand niet goed voor z’n beesten is, hoef je er als mens ook niks van te verwachten.

Het moge duidelijk zijn van wie ik het meeste heb, qua gevoel voor dieren. Maar beide opa’s mocht ik graag. Mijn hond geef ik soms en trap als hij in de aanval op een andere hond gaat. Als de kat mij slaat, wat ze soms doet, gooi ik haar door de kamer. Ik ben geen doetje tegen ze. Maar als ze hier zijn, dan zorg ik voor ze. Zelfs muizen vang ik levend, als het lukt. Als ze me opvallen tenminste, want ze horen piepen dat doe ik niet meer.

The Prodigy

Afgelopen week overleed de zanger van The Prodigy. Ik had wel eens gehoord van de naam, maar er zit dan ook iets in mijn hoofd dat weet dat het mijn muziek niet is. Ik zocht het even op, en een nummer zei me wel iets. Reggae, house en kinderstemmetjes door elkaar. Typische jaren negentig bagger. De andere nummers waren zo mogelijk nog erger. In mijn hoofd is er geen begrip voor mensen die dit wel mooi vinden. Omdat ik de democratie respecteer klaag ik ze nog net niet aan, maar om deze misvattingen van de fans in mijn hoofd weer recht te krijgen, denk ik dat ze zich graag willen onderscheiden van de massa, en daarom maar vage baggermuziek zijn gaan aanhangen. U denkt misschien dat ik een grapje maak, maar helaas, zo werkt het echt in mijn hoofd. Het bestaat gewoon niet, dat je zulke talentloze troep goed vindt. Er moet iets kapot zijn in je hoofd.

Met mijn collega, die een nog veel bredere muzieksmaak heeft dan ik, besprak ik het kort. Tot mijn afgrijzen zei hij dat hij graag nog eens naar een concert van ze gegaan zou zijn. Ik vergruisde van binnen. Hij had voor mij cd’s gebrand met Franse chansons. Hij luisterde naar Frank Sinatra. Hij vond Elvis de beste zanger ooit. Hij waardeerde dezelfde jaren-80 muziek als ik. En nu dit!

Ik vroeg hem hoe dit kon. Er klonk net uit mijn computer “the promise you made” van Cock Robin. Ik zei: “het lijkt toch in helemaal niets hierop?” Hij vond dat een vreemde redenering. Ik niet. Ik legde uit dat we van harmonie hielden, dat dat onze gemeenschappelijke factor in de muziek was. En the Prodigy deed niet aan harmonie. Die ramden maar wat. Het deed me pijn, ik voelde me verraden.

Pubers

Als vervolg op mijn vorige logje over het ouder worden, ook nog even dit. Mijn vrouw vindt pubers leuk. Ik niet. Tot een jaar of tien, dat vind ik leuk, daarboven worden ze irritant. Nu vind ik mijn eigen puber wel leuk, maar die kan ik aanpakken als het te gortig wordt. Maar die vriendjes die hij meeneemt! Vrouwlief vindt het allemaal leuke jongens, ik vind het irritante praatjesmakers. Als ze binnen komen is er geen eentje die zegt: “Goedemiddag heer Mack, hoe maakt u het?” Welnee, het komt binnen en het begint gelijk op luidruchtige wijze de aandacht op te eisen met dom gebral op te luide en te lage toon. Dan kun je aanhoren dat het allemaal aan de school ligt, maar toch zeker niet aan hen. Bovendien zijn ze bezitter van een volstrekt misplaatste zelfverzekerdheid die hen laat denken dat alle vrouwen in zwijm vallen als ze langs lopen.

Goed, dat had ik zelf allemaal ook, behalve dan als ik ergens binnenkwam. Dan had ik respect voor de heer des huizes. Ongeacht of dat vader of moeder was. Ik begaf me in hun territorium dus het was altijd weer even aftasten of ze in een goed humeur waren, en als dat zo was kon ik dingen vertellen. Als dat niet zo was, dan hield ik mij gedeisd. Nu ben ik de heer des huizes, maar niemand die zich lijkt te realiseren dat dit mijn territorium is. Welnee. Ik mag blij zijn als ze “hoi Jack” zeggen, want ze nemen alles van elkaar over, en mijn zoontje (13) noemt mij Jack.  Nou ja, waarschijnlijk verdedig ik mijn territorium niet hard genoeg. Bovendien verdedigt mijn vrouw niet mee. Nee, die vindt het allemaal leuk, die pubers. Oh oh, wat een lol. Binnenkort komt er een stel van die schreeuwers op haar verjaardag. Ik ben wel even naar het bos met de hond rond die tijd. Hooligans.

 

 

Vulpotlood

Mijn vrouw noemt mij Scrooge, en dat is een naam die ik met trots draag. Ze doet het niet omdat ik gierig ben, maar omdat ik een chagrijn word. Het toeval wil dat ik van oude chagrijnen houd. Fred Schuit (gespeeld door Rijk de Gooijer) is mijn lichtend voorbeeld. En verder vind ze dat ik met mijn tijd mee moet gaan. Tenminste, dat zegt ze, maar ze bedoelt dat ik niet van die steekhoudende argumenten moet inbrengen tegen vernieuwing. Het is kennelijk de bedoeling dat ik kritiekloos alle moderniseringen toejuich. Ik weet al niet eens meer waarom ze dit allemaal zei, maar ik geloof dat het was omdat ik zat te zeiken over juryleden van TVOH, waar de kandidaten the stage moesten ownen en moesten deliveren. Nou ja, doet er verder niet toe, maar toen ik nieuwe vullingen voor mijn vulpotlood ging halen, haalde zij haar gelijk. Want ze denkt dat ik nog één van de drie laatste Nederlanders ben die een vulpotlood gebruikt. Vroeger gebruikte ik hem nog veel vaker, maar sinds mijn werk zich volledig op de pc afspeelt, gebruik ik hem alleen nog voor cryptogrammen, want pennen werken ondersteboven niet. Ik cryptogram altijd op mijn rug.

Als ik dit zelf zo lees, dan neigt het ook wel naar het verhaal van een oude zak. Maar ja, wat moet ik er aan doen? Als ik ergens allergisch voor ben dan is het wel voor oude mannen die net doen alsof ze geen oude zak zijn. Die met hun tijd meegaan en daar eindeloos over reutelen. Terwijl het gewoon allang over is, en de enige reden dat we nog in leven zijn is omdat we eten kunnen kopen in een winkel. Verder merk aan alles dat ik ouder word. En dat is vooral te danken aan mijn scherpe waarnemingsvermogen. Ik merk dat mijn spierkracht afneemt, dat mijn testosteronniveau afneemt, mijn snelheid, mijn lusten, mijn scherpe zicht, alles gaat langzaam kapot.  En niemand hoeft mij wijs te maken dat het niet zo is. Mannen gaan na hun veertigste kapot.

Goed, allemaal gelul van de bovenste plank. Ik ga voortaan met mijn tijd mee. Ik koop een hardloopoutfit, ik neem een tattoo, een beugel, en ik ga fakking anders praten. Ik zet op Linkedin hoe geweldig ik ben, in het Engels uiteraard, en volgend jaar ga ik naar Vrienden van Amstel Live. En ik praat gewoon wat meer en harder. En ik schrijf minder. Want als er iets voor oude mannen is, is het wel schrijven. Zeker met een vulpotlood.

Stof tot bloggen

Als iemand je stof tot bloggen geeft, dan moet je bloggen. Het zou een uitspraak van mij kunnen zijn, en dat is het ook. Het was Karin van Raam Open, die me vroeg of zij ook één van de aanstellerige dames was, en waarom ik moeite heb met het volgen van andere bloggers. Het zijn twee vragen waar ik even op in zal gaan.

Om met de eerste te beginnen: Karin moet gezien hebben dat ik bij vriendin Yukiko reageerde door te zeggen dat ik een lijstje bijhield van aanstellerige vrouwen en dat zij daar niet op voor kwam. Ik ken Yukiko inmiddels vrij goed, en ik vind haar een bijzondere vrouw die dingen kan waar ik veel bewondering voor heb. Eén van de dingen die ik bewonder is haar vermogen om haar mening niet op te dringen aan anderen in deze opdringerige tijden. Ze heeft absoluut meer dingen die ik bewonder, maar we geven elkaar slechts één keer per jaar een compliment, dus ik laat het hierbij.
Dat lijstje hou ik uiteraard niet echt bij, maar zou ik het doen, dan heb ik geen reden om je erop te zetten, Karin. Voor wat het waard is. Overigens, in blogland zitten veel minder aanstellers dan op FB/Twitter en wat er allemaal aan meuk is. En aansteller is slechts door mijn ogen gezien, het zegt verder niets.

Het andere punt, ik schreef bij Karin in de reacties op een blogpost, dat ik moeite heb met het volgen van een ander. En dat riep niet alleen bij haar vragen op, maar ook bij mij. Het zit zo: niet alles wat een ander schrijft interesseert me en al snel verslapt dan mijn aandacht en heb ik geen idee wat ik zojuist gelezen heb. Vaak zit dat in de lengte van een blogje, maar het hoeft niet. Terwijl ik mijn eigen bloghistorie wél moeiteloos lees. Egocentrisch misschien wel. Maar ik snap meestal nog waar het over ging en de hoofdpersoon ben ik meestal zelf. Kennelijk vind ik mezelf interessant. Aan de andere kant kon ik bij wijze van spreken ook het telefoonboek lezen. Ik las de meest saaie wetteksten in bed. Contracten in het Engels, ik kan ze lezen. Ik heb ook vaak radio 1 aan in de auto, maar soms denk ik: waar zit ik nu in godsnaam naar te luisteren? Een muizenplaag in Friesland? Geluidsoverlast op Texel? Dalende aandelenkoersen in Brazilië? Het is zelden spectaculair.

Ik vind het lastig om leuke blogs te vinden. Maar komt dat nu werkelijk omdat de blog van een ander niet over mij gaat? Ben ik dan echt zo’n egotripper? Of is het iets volkomen normaals dat je een ander niet altijd leest? Ik voel me er ook wel eens schuldig over en soms dwing ik mezelf om in elk geval even bij de mensen die ik gelinkt heb te lezen. Soms moet ik weer opnieuw beginnen om het verhaal te snappen. En als ik het dan snap, dan reageer ik ook wel. Maar blogs waarin je gelijk iets van jezelf herkent zijn het mooist, maar ook het zeldzaamst. Ik heb ook gemerkt dat het met doorzetten te maken kan hebben. Als ik iemand maar vaak genoeg lees, wordt het vanzelf vertrouwd en herkenbaar. Als ik met een blogger ook buiten het bloggen om contact heb, dan wordt de herkenning ook makkelijker. En sommigen schrijven eenmaal erg goed of weten veel waardoor het interessant wordt. Meestal link ik ze dan, en niet voor de eerste keer houden ze er dan na een week mee op. Normaal vermoed je dan geen verband, maar als het vaker gebeurt, dan roept dat toch vragen op.

Ik probeer mijn eigen blogs kort te houden, meestal korter dan deze omdat ik weet dat kort het prettigst leest. Behalve in een boek natuurlijk, maar dat is weer een heel andere kunst. Vroeger had ik het trouwens steevast over logjes en niet over blogs. Geen idee waarom dat veranderd is. Goed. Dan weet u dit ook weer, als u tot hier bent gekomen.

Mijn echte leeftijd.

Meestal ben ik wel de mening toegedaan dat als je een zekere leeftijd hebt bereikt, je normaal moet gaan doen. Dat je gewoon te oud bent om nog uit de band te springen omdat dat er eigenlijk vrij belachelijk uitziet. Je moet je gewoon neerleggen bij je leeftijd en vooral niet gaan denken dat je nog met de jonkies mee kan, want dat leidt onherroepelijk tot zware teleurstelling, vernedering en afgang. Dit is een hele wijze raad van mij, die u allemaal voor niks krijgt. Vijftig is absoluut niet het nieuwe dertig, en als een bejaarde zielige man als Emile Ratelband zijn leeftijd wil laten veranderen bij de rechtbank omdat hij zichzelf nog een jonge god vindt, prima, alleen zullen we hem zware antidepressiva moeten gaan voorschrijven na een tijdje.

Ik was gisteren op een jongerenfeestje waar de gemiddelde leeftijd zo 25 jaar was. Ik werd door de moeder van de jarige de dansvloer opgetrokken tussen al het dartele spul en ik probeerde er weer zo snel mogelijk weg te komen. Ik zei dat ik mij ernstig ongemakkelijk voelde op de dansvloer. Ik zei dat ik dankzij haar en haar man nog niet totaal ingekakt was, omdat ze nog wel eens een feestje geven tot diep in de nacht. Tot zover mijn principes. Toen viel mijn oog ineens op een prachtig jong meisje dat vrolijk aan het dansen was. Mijn instinct ratelde aan alle kanten. Aan de ene kant omdat ze een heel mooi meisje was, en aan de andere kant riep het keihard in mijn oor dat het er triest uit zou zien, ik, bijna vijftig dansend met een jonge hinde. En toch, ik kon het niet laten, ik liep langs haar en zei haar dat ik haar wel een heel mooi meisje vond. Ze lachte en zei dat ze mij een hele leuke man vond. En toen moest ik er wegblijven natuurlijk, want ik ging al te ver. Ik denk dat ik navolging van Ratelband ook mijn leeftijd ga laten verlagen met twintig jaar. Ik ben tenslotte wel geboren in ’69, maar dat is eigenlijk het enige. Voor de rest is mijn geestelijke en lichamelijke leeftijd 29. Dat is nu wel duidelijk.