Meneer de P. zette op zijn weblog een mopje over Duitsers en de tweede wereldoorlog.
En als vliegen op een hoop stront komen criticasters erop af om te vertellen dat zoiets niet kan. Er zou haat mee gezaaid worden, en als zulke moppen verteld worden heeft iemand het doel van dodenherdenking niet begrepen.
Ik heb er eens over nagedacht. Mijn opa en oma vertellen vaak hun oorlogservaringen. Zij horen niet tot de zwaarst getroffenen van de oorlog maar hebben wel honger gekend en moesten van Utrecht naar Zwolle fietsen (op houten banden, voegt mijn opa daar steevast aan toe) om eten te halen. Mijn vader (geboren 18-aug-1944) moesten ze bij een zus achterlaten en erop vertrouwen dat de zus de melk bestemd voor mijn vader, niet aan haar eigen kind zou geven.
Mijn oma heeft onderweg difterie gekregen en heeft haar leven te danken aan een Duitser die haar naar het ziekenhuis bracht. Zij is niet haatdragend naar Duitsers toe. Volgens haar hoefde je als jonge vrouw 's avonds op straat nooit bang te zijn dat een Duitser zich aan je zou vergrijpen.
Mijn oma heeft het verhaal altijd zo verteld, aan haar kinderen en kleinkinderen en allemaal snappen we dat de meeste Duitsers niet slecht waren maar werden gedwongen. En waarom snappen we dat? Omdat we zelf na kunnen denken en gevoel hebben. En we snappen zeker dat Duitsers van nu geen schuld hebben.
Zo was het altijd. Tot de mop van meneer de P. Nu haten mijn oma en ik de Duitsers. Wat Hitler niet is gelukt is hem wel gelukt.