WWW

Kent u ze ook? Van die stoere mannen die met hun mond alles kunnen? Het probleem van die mannen is dat ze zelf denken dat mensen hun verhalen geloven. En omdat ze dat denken worden hun verhalen steeds stoerder, onverschilliger en ongeloofwaardiger.

Van die types die heel stoer roepen dat hyves voor wyves is en dat ze hun account gaan deleten. Maar vervolgens zie je ze twee maanden later nog steeds amechtig kloppend op hun toetsenbord allerlei quasi-nonchalante opmerkingen bij de mooiste vrouwen maken. En als je ze er dan een keer aan herinnert aan dat ze hun account zouden deleten, is hun naam ineens HermAAnuS en zie je ineens in hun WWW (wie wat waar) staan dat ze al een half jaar aan het proberen zijn om hyves te deleten maar dat het niet lukt. Tuurlijk. Ze willen gewoon maar al te graag hyven. Leer mij deze types kennen zeg!

Maar om de proef op de som te nemen moest mijn Mack Webber account eraan geloven. Ik deed er niks mee en die had slechts 1 vriend, een rustige en bescheiden jongeman uit Vaassen, dus dat was niet zo'n probleem. Twee minuten kostte het mij om dat account te deleten. Dus ik denk gewoon dat onder die ruwe bolster een heel blij jongetje zit, dat heel erg opgewonden raakt van Hyves, maar dat niet wil toegeven. Een soort Sjonnie Travolta die gek wordt van blijdschap als hij z'n vakantieliefje weer ziet, maar zich ineens herinnert dat hij een stoere jongen is. Wat denkt u?

Langs slinkse wegen.

Ha! Inmiddels weten mensen mij ook privé te vinden als er belastingformulieren moeten worden ingevuld, jaarrekeningen moeten worden opgemaakt of andersoortig financieel advies moet worden ingewonnen. En natuurlijk vind ik dat helemaal niet erg en ik doe dat geheel belangenloos want ik ben doordrenkt van goedheid in hart en nieren. Soms denk ik wel eens: waarom wacht iedereen op de wederkomst van Jezus Christus als ik er al ben, maar aan de andere kant wordt die goedheid mij soms wél teveel.

Sinds ik getrouwd ben, ben ik niet meer baas over mijn eigen tijd. Mevrouw mack regelt mijn vrije dagen al rechtstreeks met mijn baas, kom ik helemaal niet meer aan te pas, en dan hoor ik mijn baas op woensdag zeggen: "Tot vrijdag." Ander voorbeeld, mijn zus heeft een vriendin wiens man met eigen bedrijf een bedrijfsongeval heeft gehad, en zegt haar vast toe dat ze niet hoeft in te zitten over de administratie, dat doet Mack wel. En dat ze dan belt met de mededeling: "Ja, ik vraag het je wel maar ik heb het al toegezegd, dus eigenlijk kun je geen nee meer zeggen. Dat doe je wel toch?"

Ik moet dus slimmer worden dan mijn tegenstanders. Mijn overburen bijvoorbeeld, hadden de aangifte ingevuld en kregen een leuk bedragje terug. Maar mevrouw Mack had ze wijs gemaakt dat ik er meestal nog wel wat extra's uit kon slepen, en daar hadden ze wel oren naar. Dus heb ik het gisteren zo ingevuld dat ze nu in plaats van een teruggaaf, € 150 moesten betalen. Ja, sorry, maar als je geen nee kunt zeggen (iemand nog een schilderij?) dan moet je langs slinkse wegen zorgen dat je weer tijd krijgt. Want anders heb ik geen tijd meer om logjes te schrijven. En dat willen we niet.

m’n parttime collega

Die liep ik net tegen het virtuele lijf van onze e-mailserver. Wat ik daar zo laat deed. Dat kan ik beter aan jou vragen, enzo.

Collega: ik zag dat al die back-ups nog een keer verstuurd zijn, ben je zeker wel druk mee geweest?

Ik: Nee, ik niet. Jan. Je had het weer eens verkeerd gedaan.

Collega: Oh echt? Wat zei die?

Ik: Je moet morgen om half negen bij hem op kantoor komen. P.S. Je hoeft voor tussen de middag geen brood mee te nemen.

Collega: Hoezo niet, trakteer jij?

Wasmachine

Heeft u dat wel eens, dat u zich schaamt voor uw buren? Dus niet voor uw búren, maar vóór uw buren? Je kunt je over van alles schamen voor je buren, maar ergens ligt de overtreffende trap van buurtschaamte.

Ik zelf ben erg schaamgevoelig, ik heb dan ook een extreem grote schaamstreek. Ik schaam me de laatste tijd voor onze wasmachine. Toen ik hem kocht c.q. toen mijn moeder hem voor mij kocht, was het nog een keurig nette wasmachine die de plaats in kwam nemen van een toploader die ik daarvoor had. Hij deed zijn werk trouw en heeft eigenlijk maar een paar keer dingen laten krimpen, en wiens schuld dat was durf ik hier niet te zeggen maar laat één ding duidelijk zijn: niet de mijne.

Verder heeft-ie nog wel eens iets roze gemaakt dat ooit wit was, maar ook hier geldt weer dat principe van "wie de was niet doet, doet meestal niks", dus ook hier ging ik vrijuit. Maar wat die wasmachine nu verzonnen heeft! Hij is nu een jaar of 10 en voor een Zanussi is dat best oud. Hij begint wat gammel op zijn pootjes te staan. Zo gammel dat hij 's nachts tijdens het centrifugeren op nachtstroom, een gebulder voortbrengt dat ik eigenlijk niet met het woord geluid af kan doen. Het is meer alsof er een Stuka duikbommenwerper rakelings over de nok van je dak scheert. Toen het vannacht gebeurde zat ik rechtop in bed. Mijn hoogbejaarde buurman zag ik al met zijn antieke geweer schreeuwend de tuin in rennen. "Ze zijn terug! Ik schiet ze voor hun sodemieter" riep hij luidkeels.

Na een paar minuten kon ik hem geruststellen en duidelijk maken dat het onze wasmachine maar was. Of ik volgende keer een Miele kon kopen in plaats van een Messerschmitt, was zijn commentaar.

’t Is een kwestie van geduld.

Ik vroeg mij wel eens af, waar gaat het heen met de wereld? Maar ik denk het antwoord gevonden te hebben. Ik kwam op deze vondst doordat ik vanmiddag in de pauze mijn baas aanhoorde. Mijn baas is soms nog wat radicaal in zijn opvattingen. Mijn opa kon dat ook zijn. En ik kon dat vroeger ook zijn, toen ik nog niet werd gehinderd door de kennis die ik inmiddels heb. Simpel en doeltreffend. Niet met iedereen rekening houdend maar handhaving van de principes: wie niet zaait, zal niet oogsten, en wie zijn billen brandt, moet op blaren zitten. Maar mijn standpunten zijn over het algemeen wat gematigder geworden. Langzamerhand wordt het een beetje saai gemiddelde van alle standpunten die ik ooit gehoord heb. Dus vóórs en tegens afgewogen levert het onvermijdelijke compromis op. Dat mijn baas die radicale standpunten handhaaft komt omdat hij niet dagelijks op internet loopt te zwammen, zoals ik. Hij is dus gewoon nog niet aan het denken gezet omdat hij nog niet veel andere meningen gehoord heeft.

Het gaat eigenlijk precies hetzelfde als met het gemiddelde van rood en wit. Roze. Als de menselijke soort maar lang genoeg blijft bestaan, zijn er straks geen rassen meer, maar zijn wij allen licht getint, wij praten een soort Limburgs, (dankjewel Rowwen) en wij denken allemaal gematigd. Imagine.
Om de Nobelprijs binnen te halen, moet ik deze gedachtengang nog verder uitwerken, maar de basis ligt er. Over een jaar of 100.000 schat ik dat het ceteris paribus al zover is. (met onze soort, niet de Nobelprijs.) Ik spreek u dan.

Kijk,…

Kijk, ik mag graag overdrijven, dat weet u allemaal best, maar er is één ding waarin ik nooit overdrijf, en dat zijn mijn bionische ogen. Ik ben als kind in een ketel met wortels gevallen en sindsdien kan ik heel goed kijken. Ik mag ook graag wedstrijdjes "nummerbordje lezen op afstand" met anderen doen, maar ik ben mijn gelijke nog niet tegengekomen. "Zie je dat nummerbord van die witte auto daar? Ik zie geen witte auto.", is het dan meestal. Ze noemen mij ook wel "Mack Hubble."

Zit ik vanochtend achter mijn bureau, zie ik dat mijn collega van drie meter verderop een mailtje zit te schrijven naar meneer Smit uit Volendam, wiens mail was afgevangen door de spamfighter, over dat het mailtje niet was doorgekomen. Dus ik zeg op licht geirriteerde toon: "Wat moet ik nou weer met dit mailtje van meneer Smit? Oh, die ben ik net aan het mailen dat z'n mailtje niet is doorgekomen, dus jij hebt hem? Nou dan kan dit mailtje wel weer weg."

Ja, ze trapt elke dag wel ergens in….

Wat u nog niet wist

Over logcollega Yukiko

1. Ze kan uitstekend koken.
2. Ze struikelt over meubels die er al heel lang staan.
3. Ze vraagt schaamteloos of je zin hebt, gewoon waar je vrouw bij zit.
4. Ze is gastvrij, maar vergeetachtig waardoor je voor je eigen koffie moet zorgen.
5. Ze praat met gemak een dag vol, zonder zichzelf te herhalen.
6. Haar zoon kan vliegen.

Sprookje

Kent u hem nog? De jager die van de boze koningin de opdracht kreeg om Sneeuwwitje's hart eruit te snijden als bewijs dat ze dood was? Die man heeft dus veel te weinig eer gekregen. Want deze held heeft de boze koningin voor de gek gehouden met het hart van een ree. Dankzij deze man leeft Sneeuwwitje nu nog steeds lang en gelukkig. Maar hoe het met de jager afliep wordt in het midden gelaten. Nou, dat ging als volgt.

Toen de boze koningin van haar NSB-spiegel hoorde dat Sneeuwwitje nog leefde, heeft ze de jager laten oppakken en in de kerkers van het kasteel laten gooien. Echter, de jager ontsnapte door een opening tussen de tralies en griste de spiegel van de muur. Thuisgekomen bond hij de spiegel vast en schoor hem kaal. Daarna liet hij de spiegel vrij, die met zijn kale knikker hard het bos inrende, en in wie nimmer meer iemand gekeken heeft. (wat voor een spiegel gelijk staat aan kielhalen voor een mens.)
De jager pakte zijn kalashnikov (wat doet vermoeden dat het sprookje zich in Rusland afspeelde, zodat wij nu mogen aannemen dat met "een land hier ver vandaan" Rusland bedoeld wordt.) ging wederom naar het kasteel en omsingelde het. Na een omtrekkende beweging was de jager bij de achterkant aangekomen en sloop door de keukendeur naar binnen. Nadat hij Saartje aan barrels had geschoten ging hij op zoek naar de boze koningin. Die echter had het schot gehoord en belde de bewaking. Herman, hoofd en tevens enig lid van de beveiliging had echter een papadag, en had zijn telefoon niet doorgeschakeld staan. Dus die hoorde niks. De boze koningin veranderde zichzelf snel in een oude heks met een mand met appels. Toen de jager het vertrek in kwam waar de heks zat, richtte hij zijn geweer op haar. "Wil jij een lekkere appel?" zei de heks? "Nee trut, neem Sneeuwwootje in het ootje" zei de jager, en schoot zijn geweer leeg op de oude heks. De heks ontweek de eerste paar kogels nog door met haar bezem heel hard door de kamer te vliegen, maar de jager was zo slim geweest om de deur achter zich dicht te trekken, dus eigenlijk was het een kwestie van tijd totdat hij haar zou raken. De heks dacht dat het geweer van de jager wel een keer leeg zou zijn, maar ze dacht het net twee kogels te vroeg. BRAKKA BRAKKA klik. De heks lag dodelijk gewond op de grond en haar bezem was ook beschadigd. De jager pakte zijn mes en sneed het hart van de heks eruit. Daarna vermaalde hij het tot kattenbrokken, en dat verklaart waarschijnlijk waarom katten zulke irritante beesten zijn.
Toen de jager zijn missie voltooid had, had hij trek gekregen en nam één van de lekkere appels die in een mandje klaarstonden. De jager voelde zich slaperig worden en ging op het bed liggen. En daar ligt hij nu nog steeds, te wachten op wat eerst komt; een knappe prinses die hem wakker kust of tot die 1000 jaar eindelijk voorbij zijn.

Uruguay

Weet u welk land ik compleet vergeten was? Uruguay. Vandaag hoorde ik de naam een keer vallen en dacht: "Verhip, dat bestond ook nog!" De neuron die dat zat te onthouden is lang niet meer actief geweest zeg. Maar ineens was-ie er weer. Hoe zou het eigenlijk met Uruguay zijn? De laatste keer dat ik er iets over hoorde lag het nog in Zuid-Amerika. Iemand er nog geweest onlangs?

Buurman Bolderbast

Onze buurman van twee huizen verder is nogal een harde prater. Hij is hoofd van een basisschool en heeft de kindertjes goed in het gareel. Vriendelijke man, beetje apart. Tot dusver niks aan de hand.

Maar…de man is Ajax-fan. En niet zo maar eentje, nee, eentje die elke wedstrijd live ziet op canal+. En die verschrikkelijk hard en lang kan juichen als Ajax scoort. Ook gewoon 's avonds laat alsof hij midden in het bos woont. En dat je nu hard en enthousiast juicht bij een Europacup wedstrijd als vanavond, soit, maar hij doet het ook bij Ajax – de Graafschap. Echt niet normaal. En dan hebben wij er nog een huis tussen, maar wij vinden het al een godswonder dat de kinderen er doorheen slapen. Dus dat ik altijd hoop dat Ajax snel uitgeschakeld wordt, heeft niks met antisemitisme te maken.