Geheel tegen mijn gewoonte in ben ik eergisteren in een roman begonnen. Een verhaal, een fictieve gebeurtenis, een relaas ontsproten aan het brein van de schrijver. Normaal lees ik alleen boeken over iets dat echt gebeurd is, of over een onopgelost mysterie of over iets waar geleerden het met elkaar over eens zijn, maar waarvan we toch niet zeker weten of het zo is. Of de bijbel maar dat is om mezelf te wapenen tegen reformatorische aanvallen uit onverwachte hoek. En dat kan zomaar gebeuren hier op de Veluwe.
Maar die roman, die had ik vlak voor de vakantie gekocht met de bedoeling om 's avonds te lezen. Ik ben er niet aan toe gekomen. Eigenlijk zijn die dikke pillen, want dat is het, ongeschikt voor op de camping. Want de bedoeling van zo'n verhaal is dat je erin meegezogen wordt en dat vond ik een beetje zonde van die ruim € 2000 die zo'n kleine twee weken caravanhuur in het Zuid-Franse hoogseizoen kost. Gelukkig had ik ook wat andere boekjes met korte verhaaltjes bij me zodat ik steeds weer in de werkelijkheid van een zwoele zomeravond in Zuid-Frankrijk terecht kwam. Kees van Kooten en Martin Bril zijn daar uitermate geschikt voor.
Zo'n roman moet je thuis lezen, denk ik. Ik zou dat bij voorkeur vlak voor het ontwaken willen doen. Immers, dat is het moment waaruit ik zou willen ontsnappen. Maar omdat dat praktisch onuitvoerbaar is lees ik maar vlak voor het slapen gaan. Soms kan ik me echt verheugen op het boek dat op me ligt te wachten, maar nu heb ik dat nog niet. Ik ben nu drie hoofdstukken verder en ik heb zoiets van: dit had meeslepender geschreven kunnen worden. Maar misschien gaat het nog gebeuren, je weet het niet. De laatste roman die dat lukte (op Kruistocht in spijkerbroek na) ging over nazi's die een tijdmachine hadden uitgevonden waarmee ze zich naar de toekomst (destijds 1996) konden verplaatsen. Maar toen zat ik in Zwitserland, dus ik was neutraal.
Doodvermoeiend kan dat zijn, zo’n verhaal. Ik hou van lezen, maar ik weet nog dat ik voor mijn Engelse literatuurlijst een boek ‘The House on the Strand’ genaamd (van van Daphne du Maurier) aan het lezen was. Driehonderd pagina’s, en op pagina 150 veranderde er voor het eerst iets aan de situatie zoals die aan het begin van het boek al geweest was, verschrikkelijk.
Ook was ik op vakantie eens bezig in een boek dat zo saai was en dat ik zo slecht kon volgen, dat ik op zeker moment er weer verder in ging en pas na enkele minuten door had dat ik een ander boek opgepakt had.
LikeLike
@Laurent, daar begrijp ik nu werkelijk geen hol van. Toen in ergens in 1980 tegen een Engels jochie wilde zeggen dat we naar het “strand” gingen begreep ie-niet wat ik bedoelde. Ik kende toen het woord Beach nog niet. Dus begrijp ik het verkeerd of wat betekent dat?
LikeLike
Zal wel een ongebruikelijk alternatief woord voor strand zijn. Het betekent wel degelijk ook strand/kust, zie ik in het woordenboek.
Veel oud-engelse woorden zijn ook (bijna) hetzelfde als Nederlandse.
Dat Engelse jochie kende zijn eigen taal gewoon niet goed.
LikeLike
Jij leest?
Ik doe het ook weleens.
LikeLike
Heb nog een paar duizelingwekkende thrillers voor je liggen. Gegarandeerde page turners. Als je dáar geen nachtmerries van krijgt weet ik het ook niet meer.
LikeLike
Voor compings beveel ik Garfield aan: luchtig, vermakelijk en per verhaal zo kort dat je nooit de draad kwijt kunt raken. Bovendien gedrukt op een soort veredeld krantenpapier dat als het boekje niet bevalt op een camping altijd nog anderszins van pas kan komen.
LikeLike
compings zijn campings waar veel gecomputerd wordt geloof ik
LikeLike
Kees van Kooten en Martin Bril zijn ook niet geschikt voor op de camping, tenzij je buren tegen lachsalvo’s kunnen.
Een koffer vol poep (zo heet íe meen ik me te herinneren) is overigens wel weer een geschikt campingverhaaltje ;-))
LikeLike
Ik dacht even te lezen …. ben ik eergisteren aan een roman begonnen. Ik schrok al.
LikeLike