Ik ben begonnen in het boek "het zijn net mensen" van Joris Luyendijk. Nu heb ik het vermoeden dat ik moet stoppen nu het nog kan, want ik krijg toch sterk de indruk dat als ik het uit heb, ik geen journalist meer geloof. De beste man is vijf jaar correspondent geweest in het Midden-Oosten en vroeg zich af wat hij eigenlijk toevoegde aan het nieuws, omdat ze in Hilversum beter en eerder op de hoogte waren van wat zich daar ter plekke afspeelde, dan hijzelf. En nu moet ik zeggen: die indruk geven ze me ook wel, die correspondenten over de hele wereld.
"En dan schakelen we nu over naar onze correspondent ter plaatse, Julius Kleefman in Tripoli. Julius, wat is het laatste nieuws vanuit Tripoli?" (Julius trekt een ernstig gezicht terwijl hij begrijpend knikkend zijn wijsvinger tegen z'n oortje houdt) "Ehm, de situatie hier is zoals je ziet buitengewoon gespannen. Het laatste nieuws is dat er al een half uur niemand uit het gebouw naar buiten is gekomen. Ik sprak zojuist een Tripool die het allemaal heeft zien gebeuren en de man kon z'n tranen nauwelijks bedwingen. Het was volgens hem één grote ramp wat zich hier heeft afgespeeld. Erger nog dan de vorige keer dat dit hier gebeurde."
Dank je wel Julius Kleefman, zodra er meer nieuws is brengen we je op de hoogte.
Inderdaad. Ik vind dat met nationale nieuws al vaak. Staat er zo iemand de hele dag buiten de deur van het parlement te wachten op het einde van een of ander overleg, terwijl je van tevoren al weet dat de betreffende politici op dat moment toch geen antwoord geven.
LikeLike
Ik ben ineens gewoon effe heel benieuwd wat iemand als Julius van boekhouders zou vinden.
Zomaar.
LikeLike
Emma, waarschijnlijk heeft-ie daar inhoudelijk ook geen mening over.
LikeLike
Waarom staan die correspondenten altijd met hun vinger in hun oor? En waarom niet in hun neus?
LikeLike
@kidtwist grappig 🙂
LikeLike
Bij sommige correspondenten zou ik niet willen spreken van “oorTJE”. Komt misschien doordat ze het zo vaak te luisteren leggen?
LikeLike
En toch vind ik dat die correspondenten wel wat toevoegen. Ook al vertellen ze niks.
LikeLike
Hoe banger de correspondent is en hoe meer klappen van bommen op de achtergrond hoe beter, want dan zijn wij ook een beetje in de oorlog. De correspondent hoeft niet veel méér te weten dan de studio, dat is juist hartstikke reality. Hij hoeft alleen maar te vertellen hoe bang en aangedaan en begaan met de mensen hij is.
LikeLike
Ik vind het wel een fantastische naam trouwens: Julius.
LikeLike
Zonder meer doorlezen, en daarna toepassen op al het tv-nieuws.
LikeLike
Nog erger vind ik de correspondent die 3 dagen in Scheveningen bij de gevangenis samen met een cameraman staat te wachten op een heel hard voorbijrijdende geblindeerde auto(en dan zit de oorlogsmisdadiger meestal in een helikopter). Ik zie niet echt toegevoegd nieuwswaarde in die beelden.
LikeLike
boek zeker uitlezen! eindelijk eens wat zelfkritiek vanuit de journalistiek – overigens bij vakgenoten niet altijd even positief ontvangen. Luyendijk is misschien wel erg naïef aan zijn correspondentschap begonnen, maar daardoor kan hij wel een zo “normaal” mogelijk beeld geven van dat werk, zonder beroepsdeformatie.
ik ben overigens zelf correspondent, maar dan zonder oortje en zeker niet in het Midden-Oosten. ik denk dat correspondenten ter plaatse vooral couleur locale kunnen toevoegen. door ergens te zijn, krijg je vaak meteen een andere kijk op gebeurtenissen dan er alleen via persbureaus over te lezen. probleem is (dat stelt Luyendijk) dat die correspondenten pretenderen dat ze weten wat de feiten zijn. als ze dat nu afleren, kunnen die correspondenten heel nuttig werk doen.
LikeLike