Repeterende droom.

Ik had vannacht een mooie droom. Met meerdere terugkerende onderwerpen. Zo had ik ergens een schitterende Alfa 155 op de kop getikt, ivoorwit en puntgaaf. Ik had hem gewassen en gestofzuigd en ik was trots op het resultaat. Ik droom wel vaker dat auto's die ik ooit had, nog steeds in mijn bezit zijn. Dat ik dus een stuk of drie auto's tegelijk heb.
Toen kwam mijn vader. Hij ging met een kennis op vakantie naar Italië. Ik bood hem aan om de witte Alfa te nemen, iets waar hij blij verrast door was. De arme man stierf toen het tweede model van de Mazda 626 net uit was, kun je nagaan hoe hij hiermee in z'n nopjes was.
Ik was in de plaats waar ik opgegroeid ben, lag in bed en dacht op dat moment: als iemand 25 jaar geleden tegen me gezegd had dat ik nu slechts in Drunen logéérde, en dat mijn vader hier nu niet was, dan zou je toch haast kunnen concluderen dat hij overleden is en dat ik hier niet meer zou wonen. Wat een onzin; hij is op vakantie en ik ben hier in mijn eigen huis!

Oud en lang geleden.

Als jonge jongen zat ik wel eens te bouwen met mijn stereoapparatuur. Dan bouwde ik versterkers aan elkaar, sloot overal luidsprekers aan en alle apparatuur die ik had verbond ik met die éne superhydraulische-megasymfonische geluidsinstallatie. Ik versterkte wat af in die dagen. Maar ik was nooit tevreden met het eindresultaat. Het was gewoon té, het geluid vervormde bij het minste of geringste draaitje aan één van de volumeknoppen en ik besloot het weer terug te brengen tot Al Qaida, de basis. Dan waardeerde ik weer het simpele maar heldere geluid dat uit twee eenzame luidsprekers kwam. Er was weer harmonie.

Daarover doordenkend begrijp ik nu dat ik daar waarschijnlijk een belangrijke levensles leerde. Er is zoveel randapparatuur om het leven te veraangenamen dat ik wel eens vrees dat als ik oud ben, en mijn kinderen willen me niet meer, dat ik dan in een bejaardenhuis zit te wachten tot er een verpleegster komt die mij helpt om naar het toilet te gaan. Maar omdat het net lunchpauze is komt ze pas een half uur nadat ik op het belletje heb gedrukt. Nou ja, ik heb toch een luier aan. Laat ik de tijd die ik nog heb nuttig besteden en lekker doorgaan met uit het raam kijken en dood willen. Wat zeur ik nu? Donderdag word ik alweer gewassen!

Op de bordjes in de dierentuin staat bij elke kooi dat het betreffende dier in gevangenschap veel ouder wordt dan in de vrije natuur. Dat je dus maar bevoorrecht bent als je in de dierentuin zit. Ik zag eens een documentaire over het leven van een jachtluipaard. Toen hij zijn einde voelde naderen trok hij zich terug en ging onder een struik liggen. En de commentaarstem sprak: "Nog een laatste keer keek hij over het gebied waar hij ooit over had geheerst. Toen legde hij zijn kop neer om hem nooit meer op te heffen." En ik zat met tranen in mijn ogen. Had-ie maar in een dierentuin gezeten, de arme drommel.

Een fijne zaterdag.

Ik zal het maar eerlijk bekennen, het werd laat vannacht want ik kreeg nog laat een deugend smsje van een opwindende vrouw. Als het niet mijn eigen vrouw was geweest, zou het een ronduit ondeugend smsje zijn geweest. Ze was uit en vriendinnen hadden op haar ingepraat dat het zo niet langer kon, qua moyenne. Kijk, dat zijn nog eens vriendinnen. Daar heb ik nog eens wat aan.

Maar vanochtend vroeg stond ik op voor de kinderen en ondanks de korte nacht heb ik het volgehouden zonder in te kakken. Om 11 uur moest ik even bij de kapper zijn voor mijn anderhalf-maandelijkse cabaretshow tijdens welke ze me gelijk even knippen. Toen Tammar haar middagslaapje deed kreeg ik een briljant idee: Hans en ik zouden voor de eerste keer gaan vliegeren! Dat vond hij helemaal geweldig en ik moet zeggen dat het ook wel weer enorrum bevredigend is voor een brave huisvader met twee kindertjes. Onderweg naar het weiland had ik in mijne éne hand een vlieger, in mijn andere hand een Hans. Op dat moment moest ik wel even denken aan het boek wat ik op dit moment aan het lezen ben, want ik voelde mij echt een vaderlijke goedzak. Een sul. Eentje die het zo goed met z'n kinderen kan vinden en wiens vrouw hem ook een geweldige vader vindt, maar die niet meer in staat is om haar hartstochtelijke gevoelens te bevredigen, omdat hij nu eenmaal een brave huisvader is geworden en zij er dus achter zijn rug een verhouding op nahoudt met een echte womenizer. Ja, dat zou ff lekker worden zeg! Ik pakte mijn mobiele en belde haar op. Of ze wel goed wijs was en wist waar ze mee bezig was! Ja, ik ga helemaal op in het boek.

Nou ja, het vliegeren bevredigde mij. Het was zeker 30 jaar geleden maar ik vliegerde nog als een jonge god. Hans mocht ook even maar die vond het vooraf toch leuker dan tijdens. Wat later ben ik nog even met hem gaan fietsen. Vlak voor het eten kwamen wij terug en ook daar geen verstorende factoren zoals kinderen die de strijd aan gaan over het wel of niet eten. Daarna in bad, nog een spelletje, nog wat drinken en eindelijk kon ik ze in bed bonjouren en hadden wij een avondje samen. Ik vind het ontzettend nichterig en mieterig om als man te zeggen: "een avondje samen" maar in dit geval was het ongeveer de eerste keer deze week. We keken een film en zojuist werd ik wakker.

Jetske

Er is één vrouw die ik hier nog nooit genoemd heb, maar van wie ik toch een klein beetje hield, omdat haar stem zo mooi was dat het mij niet uitmaakte wat ze zei, als ze maar af en toe praatte. Haar stem viel op tussen de andere stemmen en ik fantaseerde er een donkerharige schone bij, met een lelieblanke huid, zelfbewust en nog single. Toen ik later haar foto een keer in de krant zag heb ik die uitgeknipt en nog steeds heb ik die, al weet ik niet waar. Ze zat niet eens heel ver naast mijn fantasie.

Ik was van de leg toen ze vertelde dat ze een hersentumor had. Ze klonk vrolijk en optimistisch maar ze heeft het niet gered. Op 33-jarige of 34-jarige leeftijd is ze overleden. Daarover verschillen haar zus en Wikipedia van mening. Ik heb het over Jetske van Staa, presentatrice van het Avro radioprogramma Van Staa tot zeven.

Hoofd.

Tijdens een Sinterklaasfeest in de jaren zeventig kreeg mijn vader eens een glazen hoofd. Zo eentje waar je een koptelefoon op kon zetten. Ik snapte er niet veel van want hoe kon dat hoofd nou horen, dacht ik, maar daar gaat het even niet om. Het was een heel mooi hoofd, van een klein jongetje. Het jongetje had prachtig dik haar, een fijn neusje, en een mooi langwerpig gezichtje. Het was echt een heel zoet kind. Mijn vader vond hem op mijn broertje lijken, zei hij destijds. Enfin, het hoofd kwam later in mijn bezit en heeft een aantal decennia gefungeerd als koptelefoonhouder. Ik raakte gehecht aan het hoofd.

Een paar maanden geleden kwam ik thuis en het hoofd lag ineens op het aanrecht. Er zat een groot gat in. Ik vervloekte de werkster en had al besloten haar te ontslaan, toen ik hoorde dat Linda het hoofd had omgestoten. Knetters, dacht ik toen. Dat gebeurt nou nooit eens met haar laven! Maar ook daar gaat het nu even niet om. Mijn moeder die het nieuws van het gebroken hoofd had gehoord, had voor mij ergens een nieuw tweedehands hoofd gevonden. Erg sympathiek, dat wel, maar het is lang niet zo'n goed hoofd als het eerste. Dit is meer een hoofd van een jonge vrouw met ultra kort haar. Een beetje als Grace Jones maar dan minder kwaad. Nou ja, het hoofd doet weer dienst als koptelefoonhouder terwijl de koptelefoon al jaren geen dienst meer doet. Dit hoofd is het gewoon niet, mijn vorige hoofd was veel beter.

Vanavond liep ik onze slaapkamer op en in mijn bed lag Hans te slapen. Hij lag op zijn rug, met zijn mondje dicht, met z'n prachtige dikke haar, z'n fijne neusje en z'n mooie langwerpige gezichtje. Hij is echt een heel zoet kind.

Veertig

Zo, de eerste veertig jaar zitten er bijna op. Ik zit hier aan de vooravond van mijn veertigste verjaardag en het is tijd voor een terugblik, maar ook voor een toekomstvisie. Om met het laatste te beginnen, een enorm goeie vraag van de ondervrager op sollicitatiegesprekken vond ik altijd: "waar wilt u staan over tien jaar?"
Daar loog ik dan een prachtig verhaal aan, zoals het een jongeman met een pracht van een carrière nog voor zich, betaamt. In werkelijkheid is het een enorme sufkuttenvraag, en degene die hem stelt is hoofd van de sufkuttenafdeling. Want hij had niet door dat ik in werkelijkheid niet moest denken aan het verhaal dat ik dan ophing. Hij dacht dat het een enorme eer was om voor zijn bedrijf te komen werken. Ja, zo praat je als wederzijdse imago's nog niet aan diggelen zijn door de ervaring van het elkaar langere tijd kennen.

Maar teruggekeken. Niet slecht hoor. Helemaal niet slecht. Het kan stukken beroerder. Het leven is niet een kwestie van dromen waarmaken, maar van clichés waarmaken. Geld maakt niet gelukkig, je moet niet kijken naar wat je niet hebt, maar naar wat je wel hebt, het gras bij de buren is altijd groener, of zoals Youp van 't Hek het interpreteerde: zoals het klokje thuis tikt, tikt het niet overal. Maar uiteindelijk gaat het om het aantal keren dat je lacht, en ik hoop nog vaak een bijdrage aan het aantal keren dat u lacht te mogen leveren.

Ik vier het overigens niet. Ja, alleen met Linda, Hans en Tammar. De kinderen moeten mij natuurlijk wel een 'dootje' geven en 's avonds nemen ze mij mee naar de "Donalds." (als de kinderen het naar hun zin hebben…) Maar echt heel erg leuk is het niet om veertig te worden. Mijn vader kon erover meepraten, die is ook veertig geworden.

Logisch verband

Mens zijn is best interessant. Je kunt ook als hert geboren worden in een bos en jaren later een keer stilletjes onder een struik doodgaan, maar niemand die zich ooit van jouw aanwezigheid bewust is geweest. Nou ja, een paar medeherten vonden je gezelschap fijn, en een paar mensen die je zagen vonden je mooi, maar dat was het dan. Misschien is er een hertenhemel.

Maar als mens ben je je toch overal maar bewust van. Tenminste, de meesten van ons. Trouwens, misschien herten ook wel, dat weet ik helemaal niet. Maar die uiten hun gevoelens dan weer niet naar ons mensen. Maar als mens heb je te maken met de drie G's. Gevoelens, geweten en geheugen. Bij de één is het éne wat meer ontwikkeld, bij de ander, het ander. Bij mij is het vooral het geheugen wat ik interessant vind. Gevoelens en geweten schakel ik meestal uit, en het korte termijn-geheugen trouwens ook, dus ik kan me volledig concentreren op het lange termijn-geheugen. En daar hebben zich een aantal mensen, dingen, gebeurtenissen en een paar dromen genesteld. En die zitten daar al heel erg lang maar wat doen ze daar, vraag ik me af. Want ik ben toen ik een jaar of vier was een keer 's nachts uit mijn bed gehaald door de buren, die me vervolgens in een vliegtuig de hele nacht hebben rondgevlogen en de volgende ochtend hebben ze me teruggelegd op mijn kamer, onder mijn bed! En mijn tante Vera, die ineens een heks bleek te zijn die danste rond de ketel? En spijt had van haar heksengedrag toen ik boos op haar werd?

Maar ook mensen die ooit mijn pad gekruist hebben en iets tegen me hebben gezegd maar van wie nooit meer is te achterhalen wie dat waren. Gewoon omdat ik hun namen niet gehoord heb en ze niet kende. Zoals het Italiaanse jongetje met wie ik het WK 1978 besprak, in de zomer van 1978 in Bibione? Tenminste, alleen dat gedeelte van het WK dat ik wist, namelijk dat Nederland tweede was geworden en Argentinië eerste? En dat hij vervolgens zei dat Italië vierde was geworden? Wie die jongen was, geen idee, maar dankzij hem weet ik dat Italië vierde was op het WK van 1978. Goed, het is niet van levensbelang, maar toch, het zit me niet lekker dat ik niet weet wie bepaalde mensen waren. En om nu een eind aan die onbevredigende situatie te maken stel ik voor dat we gewoon net doen of u dat was die ooit mijn pad kruiste en iets zei of deed dat ik onthield. En dat we elkaar hier dan weer tegen komen. Dat zou logischer zijn.

Amateurneuroloog

Ik vroeg mij regelmatig af hoe herkenning werkt. En ik denk het nu te weten. Herkenning werkt net als alle andere kunstjes. Weet u hoe kunstjes werken? Als volgt. Stel, u kunt een kunstje, bijvoorbeeld jongleren. Er was een tijd dat u dat nog niet kon, u heeft dat ergens onderweg in uw leven geleerd. In uw hersenen zitten neuronen. Heel veel neuronen zelfs, misschien wel 100. Ik heb trouwens geen idee wat neuronen zijn maar iedereen schijnt ze te hebben. Als u iets oefent, dan maakt neuron 1 een verbinding met neuron 2. Er groeit een flinterdun stroomdraadje tussen de ene en de andere neuron. En als u verder oefent wordt er een verbinding gelegd met neuron 3, 4 enz. Als u het kunstje beheerst is er dus een verbinding van stroomdraadjes in uw hoofd gelegd en de volgende keer als u het kunstje wilt doen, dan hoeft u alleen even de stekker erin te doen. Dat verklaart dus ook als ik bijvoorbeeld van lichaam zou ruilen met Marco van Basten, dat ik dan nog steeds geen topspits ben maar zou ik ruilen van hersenen, dan zou ik ineens weten hoe ik een omhaal tegen FC den Bosch in de kruising moest krijgen.

Nou, met herkenning is het net zo. Als u iemand voor de eerste keer ziet begint het verbindingen leggen. Als u diegene na een week weer tegenkomt ziet u wel iets bekends maar u weet niet precies wat. Maar na twee ontmoetingen zijn de verbindingen wel gelegd en weet u het een week later wel. En hoe vaker u iemand ziet, hoe steviger de verbinding. Vandaar dat u uw klasgenoten van vroeger direct herkent als u ze jaren later weer eens tegenkomt. Of dat u een bekende Nederlander op straat kunt herkennen. De bekende Nederlander heeft echter geen idee van wie u bent. Want die heeft geen neuronencircuit opgebouwd.

Met herkenning is nog iets raars aan de hand. U herkent een klasgenoot van vroeger, ondanks dat u de persoon die voor u staat nog nooit heeft gezien. Dat wil zeggen, geen lichaamscel van die persoon is nog dezelfde als die van het kind waar u destijds mee belletje trok. Alle cellen waaruit die persoon bestaat zijn inmiddels vervangen door andere dus letterlijk niks is meer hetzelfde. En toch herkent u die persoon. Dat werkt als volgt: het stevig gelegde circuit in uw hoofd wordt constant afgeracet door stroompjes. Bliksemsnel. Zo snel dat er hier en daar wel eens een bochtje wordt afgesneden of te ruim genomen. Er ontstaat wat speling in de afgelegde weg. Soms wordt een rondje afgelegd in 38,3 nanoseconden, dan weer in 36,9. Zodat u iemand ook nog herkent als de moleculaire opbouw van die persoon licht is gewijzigd. Want dat gebeurt natuurlijk al als u tegen de wind in fietst. En dan zou u niet meer herkend worden door degene naar wie u onderweg was. Dat zou toch lullig zijn.

Nou, zo werkt het volgens mij.

Everything’s gonna be allright

Ik las vandaag een slaapverwekkend interview met een mij bekende in een plaatselijke bedrijvengids. Een ondernemer die vertelde over kansen en uitdagingen en over toegevoegde waarde. Over spelers op de markt en over een deel van de koek. Als je erover nadenkt, wat heb je dan eigenlijk een armoedig bestaan als je in het bedrijfsleven terecht bent gekomen hè? Gelukkig dat ik het zelf allemaal niet door heb anders zou je toch soms niet goed worden. En hoe vreemd eigenlijk dat er scholen zijn die mensen leren hoe ze zo goed mogelijk kunnen functioneren in die wereld van zakencentra en maatpakken. Ik denk er maar niet teveel over na want ik moet nog tot 2034 las ik in een door Zwitserleven aan mij gerichte brief.

Het is ook beter om niet na te denken en gewoon mee te doen. Maar soms word je geconfronteerd met iemand die liever aan de kunstacademie ging studeren dan aan het grote ja-knikken mee te doen. En die pakt bijvoorbeeld een gitaar en zingt spontaan een lied. Of schildert een mooi schilderij. En tenzij je veel geluk hebt en er uitzonderlijk goed in bent verdien je daar geen droog brood mee. Een gedurfde toekomstkeuze want je bent in de onbegrepen minderheid. Maar als je dood gaat aan het eind van je leven heb je wel gezongen.

In tegenstelling tot wat ik vroeger dacht zingt Bob Marley niet dat er zonder vrouw ook geen huil zou zijn, nee, hij zingt in Jamaicaans dialect: huil maar niet meisje. Is dat niet mooi van Bob? Ik vind het mooi.

Een warme zomernamiddag.

Omdat het buiten weer kouder wordt, en de zomervakantie net achter ons ligt zal ik proberen u nog éénmaal mee terug de zomer in te trekken, en u te leiden naar een mooie zomervakantie in het verleden.
U bent in een warm land, waar u destijds net de liefde van uw leven ontmoet heeft, althans, dat dacht u want hij/zij zit momenteel niet bij u in de huiskamer, en eigenlijk wist u dat toen ook al, diep van binnen, dus u bent in een geluksstemming met een tikkeltje tristesse erdoor. U ligt in een hangmat en een petje bedekt uw gezicht. De krekels beginnen wat zachter te krieken want het is al laat in de middag. De warmte van de dag begint nu pas aangenaam te worden. Mede-vakantiegangers zijn al begonnen met het bereiden van de avondmaaltijd en u hoeft straks alleen maar aan te schuiven. Het belooft nog een heerlijke avond te worden. Op de radio speelt een zomernamiddagmuziekje en tevreden luistert u de dag uit.

http://www.youtube.com/watch?v=5Da2TmOEZ0o