Keuzestress

Hans, u kent hem nog wel van toen hij geboren werd 15 jaar geleden, zit in de examenklas van de Mavo. Dus hij moet zich gaan oriënteren op de vervolgopleiding. Vroeger had je dan MTS, MEAO of Havo. Meer smaken kan ik me niet herinneren. Dus in mijn geval makkelijk, ik ging naar de Havo. Er lette ook niemand op of dat allemaal wel goed ging, daarna ging ik toch weer naar de MEAO. Ik kwam weliswaar in de tweede, maar erg zinvol was dat allemaal niet. Nou ja, je was van de straat. Er waren wel open dagen, maar het nut daarvan heb ik me altijd afgevraagd. Ik ben naar de open avond van de Havo geweest, heb me ingeschreven en het was nog steeds een kutschool.

De Havo is niet echt iets voor Hans, want daar moet je harder je best doen dan op de Mavo. MEAO bestaat niet meer, en MTS evenmin. Er zijn wel honderdduizend beroepsopleidingen voor in de plaats gekomen. Hij wil nu naar Veva, veiligheid en vakmanschap, want meneer wil kennelijk commando worden. Als hij niet toegelaten wordt, dan is Sport en Bewegen de tweede keus. Wat je daar mee kunt, geen idee.

Het schijnt aan mij te liggen. Ik ben oud en ik gedraag me nog veel ouder. Linda ondersteunt hem een stuk beter en zorgt dat hij hierna iets gaat doen wat hem leuk lijkt. Dat was er in mijn tijd niet bij, leuk. Ik kan het me niet herinneren in elk geval. Doodsaaie vakken moest je leren, en waarom, dat was inderdaad de vraag. En toch werden er geen vragen gesteld. In mijn geval al helemaal niet. Maar goed dat Linda deze taak op zich neemt. Ik zou hem naar de Havo geprobeerd hebben te krijgen. Zinloze exercitie.

Chris de Korte

Ik zag andere tijden sport, het programma dat mij jaren geleden een logje ontlokte dat op zijn beurt een recordaantal reacties ontlokte, maar deze keer ging het niet over een waterskiester maar over een judotrainer. Chris de Korte is de naam.

Tegenwoordig kunnen we overal ter wereld komen en zijn alle paden gebaand, maar Chris ging als jongeman met de trein naar Vladivostok en vandaar met de boot naar Kioto, Japan. De reis duurde 14 dagen en aldaar aangekomen begon zijn judostage direct. Hij was al behoorlijk sterk, maar de Japanners vonden dat hij er niks van kon. Spartaanse omstandigheden al zou ik ze liever Japans noemen. Een kamer waar net een bed kon staan, weinig eten, soms niks, en de hele dag trainen. De sensei had een bamboestok om ongedisciplineerd gedrag te straffen. Naar eigen zeggen hield hij het vol doordat hij in Nederland bij het korps commando’s had gediend, waar een zelfde hardheid gebruikelijk was.

Maar wat hij leerde was goud. Technieken in het grondgevecht die hier niet bekend waren en die je ook niet even op YouTube kon bestuderen. Na een jaar van hele dagen keiharde training keerde hij terug per boot, als werkend passagier, en bracht de meegenomen kennis over op zijn Nederlandse studenten. Inclusief het niet mogen drinken, de bamboestok, en het trainen in koude en in hitte.

Niet heel veel later kwam hij erachter dat niet drinken voor een Japanner misschien kan, maar dat het in het algemeen de prestaties niet verhoogt. De stok heeft hij wel gehouden, al werd die meer gebruikt om iemand te sturen. 35 jaar later won een van zijn studenten, Mark Huizinga, goud op de Olympische Spelen.

Chris de Korte was een pionier. Een tachtiger inmiddels, maar nog steeds judotrainer. Een man met een sympathieke uitstraling die door zijn avontuur destijds het Nederlandse judo verder heeft gebracht. Op zijn zesentwintigste met de trein dwars door Rusland naar Japan in een tijd dat niemand nog iets wist. Ik vond een paar jaar terug een treinreis naar Berlijn al spannend.

Een fietstochtje naar het verleden

Ik wilde een stukje fietsen want ik heb sinds een maandje of twee een andere fiets. Geen nieuwe, ik ben de enige in dit gezin die nog nooit in zijn leven een nieuwe fiets heeft gehad. Er zijn mensen die van een dergelijk feit een trauma hebben, maar dat terzijde. Ik had het bos nu wel even gezien, dus ik besloot naar mijn oude school te fietsen. Dat deed ik overigens ook toen ik mijn vorige tweedehands fiets kreeg, toen naar de Meao in Apeldoorn Zuid. Die stond er echter niet meer. Deze keer naar de Havo, het Veluws College. Deze stond er nog wel, dat wist ik want mijn nichtje zit op deze school.

Het gaf me een wat unheimisch gevoel. Die Havo was een verkeerde school voor mij, achteraf. Ik had gewoon met de rest van mijn klasgenoten mee moeten gaan naar die andere school. Hier was ik niet op mijn plek. Kakkers en carrière. Ik reed erlangs en ik zag dat de houten bijgebouwen gesloopt waren. Er was een Technasium aan vastgebouwd, wat dat mag zijn laat zich eenvoudig raden. Ik bleef niet lang kijken en ik maakte rechtsomkeert. De wijk waar de school stond beviel me ook niet. Van die statige, dure, oude huizen met allemaal een nieuwe Audi voor de deur. Sfeervol, zal ik maar zeggen. Ik begreep precies wat me hier niet beviel en waarschijnlijk destijds ook al niet, al besefte ik dat toen niet.

Nou ja, uiteindelijk was het toch twintig kilometer heen en terug. Het viel me nog best tegen. Fietste ik dit vroeger elke dag? Ik kreeg hier geen nostalgische gevoelens van. Eigenlijk was het helemaal niks. Die hele school niet. Geen aardige leraren, geen leerlingen waar ik warme gevoelens aan over heb gehouden, geen meisjes op wie ik verliefd was, gewoon helemaal niks. Nog een wonder dat ik m’n diploma haalde in zo’n voor mij dieptrieste omgeving.

Clubliefde

Ik zette vandaag twee Ikea kasten in elkaar, en voor het eerst deed ik het niet volgens de instructies. De laatste keer dat ik het volgens de instructies deed was ik 11 uur lang bezig, met m’n handschroevendraaier. Nu ging ik dus een stuk sneller, maar daar staat tegenover dat ik een paar dingen opnieuw moest doen, en ik een kleine beschadiging heb veroorzaakt, die ik niet veroorzaakt zou hebben als ik het boekje had gevolgd. Maar ja, dan was ik nu nog bezig.

Nu kon ik PSV kijken, en constateren dat voetbal niet alleen draait om goede resultaten. Ja, natuurlijk, daar draait het in eerste instantie om, maar als die resultaten er niet zijn, en je wint eindelijk weer eens makkelijk, dan zijn de interviews met de spelers en de trainer ook mooi om te zien. Zo heeft PSV een paar grote talenten in de selectie, waaronder Mohammed Ihattaren, sinds vandaag de jongste speler ooit die op de Nederlandse eredivisievelden een penalty benutte. Hij volgt daarmee Ronald Koeman op, en dat alleen al is een aanwijzing dat dit een grote gaat worden. Mo is pas 17 en onlangs is zijn vader overleden. Hij moest huilen toen hij scoorde en ook achteraf tijdens het interview.

En dan hebben we Malen, die uiterst bescheiden maar op elke vraag intelligent antwoordend, de interviewer te woord staat. Af en toe een klein glimlachje. En Dumfries die lachend zijn aanvoerdersband afstond aan Affelay, de 33-jarige ex-international die eindelijk weer mocht voetballen. Het hele stadion scandeerde zijn naam, en iedereen was uitzinnig dat hij mocht invallen. Zelfs Jeroen Zoet, die toch een vervelende periode doormaakt, lachte.

En dan is er onze trainer, Marc van Bommel, die als trainer verantwoordelijk is voor de povere resultaten van de laatste tijd. Van Bommel vindt men over het algemeen arrogant, maar ik vind dat niet. Goed, hij is niet nederig, hij heeft een beetje hetzelfde over zich als Cruijff, alleen was Cruijff onaantastbaar. Glimlachen op de juiste momenten, en geen antwoord geven op de vraag als je dat niet wilt.

Een van de analisten was Marco van Basten, een man die ik zeer hoog heb zitten, als voetballer, als trainer en als mens. Hij is 55 maar heeft nog steeds een guitige kop. Hij is onpartijdig en geeft prettig commentaar. Hij is nooit zo negatief als anderen over PSV maar ook nooit zo euforisch.

Ik heb het allemaal tot mij genomen. Ik hou van deze club, en vanavond was een lichtpuntje. Daar kon zelfs de andere analist, zure haring en anti-PSV’er Hugo Borst vanavond helemaal niets aan veranderen.

Knalvuurwerk

Ik las iets interessants. Ik had het al eens gelezen, maar zulke dingen vergeet je dan weer, al doende in je drukke leven. Het ging over supernova’s. Supernova’s zijn exploderende superzware sterren. Weet u wat een lichtjaar is? Een lichtjaar is iets meer dan 9 biljoen kilometer. U vindt misschien 20 kilometer op de fiets al ver, dit is 9000 miljard kilometer.

Als u dat getal vermenigvuldigt met 500, dan pas bereiken we de afstand (500 lichtjaar) waarop we niet al te veel schade zullen ondervinden van zo’n supernova. Met andere woorden, als er zich zo’n ster binnen deze afstand van de aarde bevindt, en hij ontploft, wat vroeg of laat gebeurt bij zo’n knoepert, dan zijn wij de klos. Het kan dan nog 500 jaar duren voor we het merken, maar het kan ook al 490 jaar geleden gebeurd zijn, in welk geval we over 10 jaar de klos zijn.

Een supernova, of een hypernova, is een ontploffing waarbij een lichtkracht vrijkomt die gelijk is aan ongeveer een miljard keer de lichtkracht van onze zon. Niet in de flits kijken dus, als het gebeurt. Maar misschien dat u dan iets anders aan uw hoofd heeft.

Er is ook goed nieuws. Volgens de geleerden bevindt er zich binnen deze kritische grens geen ster die een supernova kan veroorzaken. Ik geloof dat het aantal supernova’s dat in onze jaartelling is waargenomen op één hand te tellen is. De dichtstbijzijnde was 166.000 lichtjaar weg.

Supernova’s altijd buiten afsteken. Houdt de supernova niet in de hand, maar op de grond leggen. Steek de lont aan met een aansteeklont en bewaar een veilige afstand.

Homo

Barst ook maar. Ik had al een heel verhaal klaar over wat ik nu vond van het ondertekenen van de Nashville verklaring door Van der Staaij, en nog meer over hoe de samenleving daarop reageerde. Ik was er gisteren aan begonnen en wilde er nog een nachtje over slapen. Of ik wel de juiste overwegingen deed, of ik er morgen (vandaag) nog net zo over dacht, en ja, ik dacht er nog net zo over. Maar de social media hype is alweer zo goed als over, iedereen heeft zijn zegje al gedaan en dan zou ik nog komen. Bovendien, als men er gisteren zo druk mee was maar vandaag al niet meer, dan zal men het ook wel niet echt belangrijk vinden.

Bovendien kwam er een meisje op tv met een vreselijke aangeboren verminking in haar gezicht. Haar gezicht was niet eens zichtbaar maar voor de rest leek ze gezond. Ze had zelfs gekozen om wat langer te wachten met een corrigerende operatie omdat ze dan nog meer kans had. (ze was 14) Ik vond het al erg toen ik een kale plek kreeg. Dan kan die antihomo ophef je wel gestolen worden. Kreeg ik net het bericht dat iemand die ik redelijk goed ken nog maar een week te leven heeft en dan denk je: Homo’s? Is daar iets mis mee?

Wenen deel II

Wenen schijnt een prachtige stad te zijn. Ik heb me laten vertellen dat het een van de mooiste ter wereld is. Ik zou het niet weten, ik zat op een industrieterrein en de stadstoer was afgeblazen wegens storm en regen. Ik lag trouwens toch al de halve dag ziek op mijn hotelkamer, zonder werkende wifi, zonder stopcontact bij het bed, zonder roomservice. De eerlijkheid gebiedt me wel te zeggen dat de receptie me toch thee is komen brengen toen ik zei dat ik ziek was. Ik heb precies twee foto’s gemaakt. Eén van mijn parkeerplaatsnummer op Schiphol, en eentje van de Bentley/Lamborghini dealer in Wenen. Dat was het.

Oh ja, de eerste avond was ik er nog wel bij, toen werden we met een taxi in het donker naar een restaurant gereden, en heb ik Wiener Schnitzel gegeten. Ophef om niks, smaakt net zo als hier. Ik kreeg het zelfs nog aan de stok met een van m’n collega’s omdat ze vond dat ik niet goed gekleed was voor het diner. Zij komt uit Hongarije en is traditioneel, en ik kom uit de klei en ben traditioneel. Ik had dus mijn nieuwe vest aan, dat volgens haar een trainingsvest was. Zij vond dat ik mijn collega’s moest respecteren door er goed uit te zien. Op de terugweg zat ik met haar alleen in de taxi. Ik zei, en hij dan? Ja, hij, jij bent toch niet hij? Ik verwachtte dit niet van jou, jij bent altijd netjes. Het verandert toch niet of ik het team respecteer? Wel, daar gaar het niet om, bla bla bla x 500.

Ik heb haar bedankt voor de beste taxirit ooit, en zij zei dat ze misschien had overdreven. Ze zou de volgende dag ten overstaan van alle collega’s excuses maken. Dat heeft ze niet gedaan, maar ik had mijn zwarte overhemd aangetrokken en tijdens het ontbijt kwam ze zeggen dat ik er fantastisch uitzag. Daarna werd ik ziek. Toen ik een dag later weer min of meer opgeknapt was en aan de vergadertafel verscheen, had ik mijn vest weer aan. Ik vroeg haar of het goed was. Dat was het. Oostblok vrouwen, ik mag ze graag.

Kwal

Ik keek gisteren een Netflix serie, iets met gevaarlijke dieren van Azië. Het waren er 72 die streden om de titel “het gevaarlijkste dier van Azië” Nou, dan duurt de avond lang hoor! Ik moest behoorlijk veel doorspoelen omdat ik ook nog ergens naar bed moest, maar om half één had ik uitsluitsel, een verrekte kwal had gewonnen. Als je in zijn tentakels terecht komt, sterf je binnen twee minuten, volgens een overlevende.

Het was nogal Amerikaans aangedikt, maar ik wilde het einde weten. Dus ik maar spoelen door al die reptielen, weekdieren, insecten, geleedpotigen, vogels, zoogdieren en amfibieën. En aan het eind wint dan zo’n miezerig kwalletje. Daar zit je dan drie uur naar te kijken. Ik voelde mezelf knikkebollen, zo lang duurde het. Maar wat nu als een grote haai tegen de kwal aanzwemt? Of als een zoutwaterkrokodil wordt aangevallen door een nest hornaars? Of als een tijgermug een tijger steekt? En waarom heeft zo’n fucking kwal zoveel gif nodig als hij toch maar kleine visjes vangt? Je maakt mij trouwens niet wijs dat zo’n kwal beseft wat hij aan het doen is. En al helemaal niet dat hij zojuist uitgeroepen werd tot Azië’s gevaarlijkste.

Toko

Gisteren had ik voor tussen de middag iets bij de toko gehaald. Voor het eerst van mijn leven was ik in de toko, al ga ik er vanuit dat toko gewoon winkel betekent. Ik zoek het even op, momentje… Ja, klopt. Het viel me wat tegen eerlijk gezegd, en ik probeerde het nog wat op te leuken met Surinaamse sambal, maar dat maakte het eerder slechter dan beter. Het rook niet alleen naar zweetvoeten, het smaakte er ook naar. En toen ik het op had zat ik met een ongekend vol gevoel dat aanhield tot in de avond. Ik was even bang dat ik ziek zou worden. Ik had al foto’s gemaakt van de vitrine en naar huis gestuurd, mijn vrouw heeft Indische roots, vandaar. Nou ja, Indische roots, er schijnt ooit iemand in de familie in Indonesie op vakantie te zijn geweest. Het fijne weet ik er niet van. Maar zij kan uitstekend roedjak, rendang, gadogado en sambaleieren maken. En dat smaakt tien keer beter als die hele toko! En dat heb ik haar ook verteld ’s avonds! Dat heette vroeger “een goede beurt” maken. Ik geloof niet dat je dat tegenwoordig nog kunt zeggen. Desondanks heb ik het toch gezegd.

Kijken in de ziel

Ik keek woensdag in de ziel van drie premiers, Van Agt, Kok en Balkenende. Lubbers kon niet meewerken aan het programma wegens gezondheidsproblemen. Er komt nog een aflevering (10 januari) en ik vind dat u moet kijken. Sla Balkenende maar over, want zijn ziel is dicht. Niks heeft hij te vertellen die man. Kok was ietsje opener en liet vooral merken dat hij gecharmeerd was van Nelson Mandela, iets wat we natuurlijk al wisten. Maar Van Agt, daar draait het programma op, m’n beste. Wat een man. Liever was hij minister van justitie gebleven dan premier geworden, maar de plicht riep. Naar eigen zeggen doet hij er niet meer toe binnen de partij, en stemde hij de laatste keer groenlinks, en walgt hij van het nationalisme van Buma. Gegarandeerd mooie verhalen die hooguit door Joseph Luns overtroffen konden worden -ik ben benieuwd of we nog kaviaar krijgen hier- , verteld met opmerkelijk heldere stem voor iemand van 86 en prachtig taalgebruik. Alleen daarom al.